Leviticus 6:19

Statenvertaling (States Bible)

Wijders sprak de HEERE tot Mozes, zeggende:

Aanvullende bronnen

Vergelijkbare verzen (AI)

Deze verzen worden gevonden met AI-aangedreven semantische overeenkomst op basis van betekenis en context. Resultaten kunnen soms onverwachte verbanden bevatten.

  • 24Verder sprak de HEERE tot Mozes, zeggende:

  • 8Verder sprak de HEERE tot Mozes, zeggende:

  • 17Verder sprak de HEERE tot Mozes, zeggende:

  • 22En de HEERE sprak tot Mozes, zeggende:

  • 17En de HEERE sprak tot Mozes en tot Aaron, zeggende:

  • 1Daarna sprak de HEERE tot Mozes, zeggende:

  • 26Wijders sprak de HEERE tot Mozes, zeggende:

  • 18Al wat mannelijk is onder de zonen van Aaron zal het eten; het zij een eeuwige inzetting voor uw geslachten van de vuurofferen des HEEREN; al wat die zal aanroeren, zal heilig zijn.

  • 12Verder sprak de HEERE tot Mozes, zeggende:

  • 22Daarna sprak de HEERE tot Mozes, zeggende:

  • 11Verder sprak de HEERE tot Mozes, zeggende:

  • 16Wijders sprak de HEERE tot Mozes, zeggende:

  • 1Verder sprak de HEERE tot Mozes, zeggende:

  • 22Verder sprak de HEERE tot Mozes, zeggende:

  • 1Verder sprak de HEERE tot Mozes, zeggende:

  • Lev 17:1-2
    2 verzen
    82%

    1Verder sprak de HEERE tot Mozes, zeggende:

    2Spreek tot Aaron, en tot zijn zonen, en tot al de kinderen Israels, en zeg tot hen: Dit is het woord, hetwelk de HEERE geboden heeft, zeggende:

  • 20Dit is de offerande van Aaron en van zijn zonen, die zij den HEERE offeren zullen, ten dage als hij zal gezalfd worden: het tiende deel ener efa meelbloem, een spijsoffer gedurig; de helft daarvan op den morgen, en de helft daarvan op den avond.

  • 1Verder sprak de HEERE tot Mozes, zeggende:

  • 26Verder sprak de HEERE tot Mozes, zeggende:

  • 9En de HEERE sprak tot Mozes, zeggende:

  • 1Wijders sprak de HEERE tot Mozes en tot Aaron, zeggende:

  • 5En de HEERE sprak tot Mozes, zeggende:

  • 11En de HEERE sprak tot Mozes, zeggende:

  • 14Wijders sprak de HEERE tot Mozes, zeggende:

  • 1Verder sprak de HEERE tot Mozes, zeggende:

  • 1En de HEERE sprak tot Mozes, zeggende:

  • 11Ook heeft de HEERE tot Mozes gesproken, zeggende:

  • 25En de HEERE sprak tot Mozes, zeggende:

  • 17Voorts sprak de HEERE tot Mozes, zeggende:

  • 1Toen sprak de HEERE tot Mozes, zeggende:

  • 28Voorts sprak de HEERE tot Mozes, zeggende:

  • 36En de HEERE sprak tot Mozes, zeggende:

  • 25Verder sprak de HEERE tot Mozes, zeggende:

  • 1En de HEERE sprak tot Mozes, en tot Aaron, zeggende tot hen:

  • 9En het zal voor Aaron en zijn zonen zijn, die dat in de heilige plaats zullen eten; want het is voor hem een heiligheid der heiligheden uit de vuurofferen des HEEREN, een eeuwige inzetting.

  • 1Toen sprak de HEERE tot Mozes, zeggende:

  • 1Daarna sprak de HEERE tot Mozes, zeggende:

  • 1Verder sprak de HEERE tot Mozes, zeggende:

  • 11Wijders sprak de HEERE tot Mozes, zeggende:

  • 5Verder sprak de HEERE tot Mozes, zeggende:

  • 17En de HEERE sprak tot Mozes, zeggende:

  • 1Verder sprak de HEERE tot Mozes, zeggende:

  • 1Daarna sprak de HEERE tot Mozes, zeggende:

  • 22Ook zal de priester, die uit zijn zonen in zijn plaats de gezalfde zal worden, hetzelfde doen; het zij een eeuwige inzetting; het zal voor den HEERE geheel aangestoken worden.

  • 14Dit is nu de wet des spijsoffers; een der zonen van Aaron zal dat voor het aangezicht des HEEREN offeren, voor aan het altaar.

  • 31En Mozes zeide tot Aaron en tot zijn zonen: Ziedt dat vlees voor de deur van de tent der samenkomst, en eet hetzelve daar, mitsgaders het brood, dat in den korf des vuloffers is; gelijk als ik geboden heb, zeggende: Aaron en zijn zonen zullen dat eten.

  • 1En de HEERE sprak tot Mozes, zeggende:

  • 10Ga heen, spreek tot Farao, den koning van Egypte, dat hij de kinderen Israels uit zijn land trekken late.

  • 5En de HEERE sprak tot Mozes, zeggende: