Lukas 1:40

Statenvertaling (States Bible)

En kwam in het huis van Zacharias, en groette Elizabet.

Aanvullende bronnen

Vergelijkbare verzen (AI)

Deze verzen worden gevonden met AI-aangedreven semantische overeenkomst op basis van betekenis en context. Resultaten kunnen soms onverwachte verbanden bevatten.

  • Luk 1:41-48
    8 verzen
    86%

    41En het geschiedde, als Elizabet de groetenis van Maria hoorde, zo sprong het kindeken op in haar buik; en Elizabet werd vervuld met den Heiligen Geest;

    42En riep uit met een grote stem, en zeide: Gezegend zijt gij onder de vrouwen, en gezegend is de vrucht uws buiks!

    43En van waar komt mij dit, dat de moeder mijns Heeren tot mij komt?

    44Want zie, als de stem uwer groetenis in mijn oren geschiedde, zo sprong het kindeken van vreugde op in mijn buik.

    45En zalig is zij, die geloofd heeft; want de dingen, die haar van den Heere gezegd zijn, zullen volbracht worden.

    46En Maria zeide: Mijn ziel maakt groot den Heere;

    47En mijn geest verheugt zich in God, mijn Zaligmaker;

    48Omdat Hij de nederheid Zijner dienstmaagd heeft aangezien; want zie, van nu aan zullen mij zalig spreken al de geslachten.

  • Luk 1:34-39
    6 verzen
    82%

    34En Maria zeide tot den engel: Hoe zal dat wezen, dewijl ik geen man bekenne?

    35En de engel, antwoordende, zeide tot haar: De Heilige Geest zal over u komen, en de kracht des Allerhoogsten zal u overschaduwen; daarom ook, dat Heilige, Dat uit u geboren zal worden, zal Gods Zoon genaamd worden.

    36En zie, Elizabet, uw nicht, is ook zelve bevrucht, met een zoon, in haar ouderdom; en deze maand is haar, die onvruchtbaar genaamd was, de zesde.

    37Want geen ding zal bij God onmogelijk zijn.

    38En Maria zeide: Zie, de dienstmaagd des Heeren; mij geschiede naar uw woord. En de engel ging weg van haar.

    39En Maria, opgestaan zijnde in diezelfde dagen, reisde met haast naar het gebergte, in een stad van Juda;

  • Luk 1:56-59
    4 verzen
    77%

    56En Maria bleef bij haar omtrent drie maanden, en keerde weder tot haar huis.

    57En de tijd van Elizabet werd vervuld, dat zij baren zoude, en zij baarde een zoon.

    58En die daar rondom woonden, en haar magen hoorden, dat de Heere Zijn barmhartigheid grotelijks aan haar bewezen had, en waren met haar verblijd.

    59En het geschiedde, dat zij op den achtsten dag kwamen, om het kindeken te besnijden, en noemden het Zacharias, naar den naam zijns vaders.

  • Luk 1:5-8
    4 verzen
    77%

    5In de dagen van Herodes, den koning van Judea, was een zeker priester, met name Zacharias, van de dagorde van Abia; en zijn vrouw was uit de dochteren van Aaron, en haar naam Elizabet.

    6En zij waren beiden rechtvaardig voor God, wandelende in al de geboden en rechten des Heeren, onberispelijk.

    7En zij hadden geen kind, omdat Elizabet onvruchtbaar was, en zij beiden verre op hun dagen gekomen waren.

    8En het geschiedde, dat, als hij het priesterambt bediende voor God, in de beurt zijner dagorde.

  • Luk 1:21-31
    11 verzen
    76%

    21En het volk was wachtende op Zacharias, en zij waren verwonderd, dat hij zo lang vertoefde in den tempel.

    22En als hij uitkwam, kon hij tot hen niet spreken; en zij bekenden, dat hij een gezicht in den tempel gezien had. En hij wenkte hun toe, en bleef stom.

    23En het geschiedde, als de dagen zijner bediening vervuld waren, dat hij naar zijn huis ging.

    24En na die dagen werd Elizabet, zijn vrouw, bevrucht; en zij verborg zich vijf maanden, zeggende:

    25Alzo heeft mij de Heere gedaan, in de dagen, in welke Hij mij aangezien heeft, om mijn versmaadheid onder de mensen weg te nemen.

    26En in de zesde maand werd de engel Gabriel van God gezonden naar een stad in Galilea, genaamd Nazareth;

    27Tot een maagd, die ondertrouwd was met een man, wiens naam was Jozef, uit den huize Davids; en de naam der maagd was Maria.

    28En de engel tot haar ingekomen zijnde, zeide: Wees gegroet, gij begenadigde; de Heere is met u; gij zijt gezegend onder de vrouwen.

    29En als zij hem zag, werd zij zeer ontroerd over dit zijn woord, en overlegde, hoedanig deze groetenis mocht zijn.

    30En de engel zeide tot haar: Vrees niet, Maria, want gij hebt genade bij God gevonden.

    31En zie, gij zult bevrucht worden, en een Zoon baren, en zult Zijn naam heten JEZUS.

  • Luk 1:11-15
    5 verzen
    75%

    11En van hem werd gezien een engel des Heeren, staande ter rechter zijde van het altaar des reukoffers.

    12En Zacharias, hem ziende, werd ontroerd, en vreze is op hem gevallen.

    13Maar de engel zeide tot hem: Vrees niet, Zacharias! want uw gebed is verhoord, en uw vrouw Elizabet zal u een zoon baren, en gij zult zijn naam heten Johannes.

    14En u zal blijdschap en verheuging zijn, en velen zullen zich over zijn geboorte verblijden.

    15Want hij zal groot zijn voor den Heere; noch wijn, noch sterken drank zal hij drinken, en hij zal met den Heiligen Geest vervuld worden, ook van zijner moeders lijf aan.

  • 12En als gij in het huis gaat, zo groet hetzelve.

  • Luk 1:18-19
    2 verzen
    73%

    18En Zacharias zeide tot den engel: Waarbij zal ik dat weten? Want ik ben oud, en mijn vrouw is verre op haar dagen gekomen.

    19En de engel antwoordde en zeide tot hem: Ik ben Gabriel, die voor God sta, en ben uitgezonden, om tot u te spreken, en u deze dingen te verkondigen.

  • Luk 1:67-68
    2 verzen
    73%

    67En Zacharias, zijn vader, werd vervuld met den Heiligen Geest, en profeteerde, zeggende:

    68Geloofd zij de Heere, de God Israels, want Hij heeft bezocht, en verlossing te weeg gebracht Zijn volke;

  • Luk 2:27-28
    2 verzen
    69%

    27En hij kwam door den Geest in den tempel. En als de ouders het Kindeken Jezus inbrachten, om naar de gewoonte der wet met Hem te doen;

    28Zo nam hij Hetzelve in zijn armen, en loofde God, en zeide:

  • 1En Jezus, ingekomen zijnde, ging door Jericho.

  • 15Toen weken zij daarheen, en kwamen aan het huis van den jongeling, den Leviet, ten huize van Micha; en zij vraagden hem naar vrede.

  • 38En deze, te dierzelfder ure daarbij komende, heeft insgelijks den Heere beleden, en sprak van Hem tot allen, die de verlossing in Jeruzalem verwachtten.

  • 38En het geschiedde, als zij reisden, dat Hij kwam in een vlek; en een zekere vrouw, met name Martha, ontving Hem in haar huis.

  • 16En zij kwamen met haast, en vonden Maria en Jozef, en het Kindeken liggende in de kribbe.