Numeri 7:79

Statenvertaling (States Bible)

Zijn offerande was: een zilveren schotel, welks gewicht was honderd dertig sikkelen; een zilveren sprengbekken van zeventig sikkelen, naar den sikkel des heiligdoms; zij waren beide vol meelbloem met olie gemengd, ten spijsoffer;

Aanvullende bronnen

Vergelijkbare verzen (AI)

Deze verzen worden gevonden met AI-aangedreven semantische overeenkomst op basis van betekenis en context. Resultaten kunnen soms onverwachte verbanden bevatten.

  • Num 7:24-27
    4 verzen
    97%

    24Op den derden dag offerde de overste der zonen van Zebulon, Eliab, de zoon van Helon.

    25Zijn offerande was: een zilveren schotel, welks gewicht was honderd dertig sikkelen; een zilveren sprengbekken van zeventig sikkelen, naar den sikkel des heiligdoms; zij waren beide vol meelbloem met olie gemengd, ten spijsoffer;

    26Een reukschaal van tien gouden sikkelen, vol reukwerks;

    27Een var, een jong rund, een ram, een lam, dat eenjarig was, ten brandoffer;

  • Num 7:48-50
    3 verzen
    97%

    48Op den zevenden dag offerde de overste der kinderen van Efraim, Elisama, den zoon van Ammihud.

    49Zijn offerande was: een zilveren schotel, welks gewicht was honderd dertig sikkelen; een zilveren sprengbekken van zeventig sikkelen, naar den sikkel des heiligdoms; zij waren beide vol meelbloem met olie gemengd, ten spijsoffer;

    50Een reukschaal van tien gouden sikkelen, vol reukwerks;

  • Num 7:18-21
    4 verzen
    96%

    18Op den tweeden dag offerde Nethaneel, de zoon van Zuar, de overste van Issaschar.

    19Hij offerde zijn offerande: een zilveren schotel, welks gewicht was honderd dertig sikkelen; een zilveren sprengbekken van zeventig sikkelen, naar den sikkel des heiligdoms; zij waren beide vol meelbloem met olie gemengd, ten spijsoffer;

    20En een reukschaal van tien gouden sikkelen, vol reukwerks;

    21Een var, een jong rund, een ram, een lam, dat eenjarig was, ten brandoffer;

  • Num 7:37-39
    3 verzen
    96%

    37Zijn offerande was: een zilveren schotel, welks gewicht was honderd dertig sikkelen; een zilveren sprengbekken van zeventig sikkelen, naar den sikkel des heiligdoms; zij waren beide vol meelbloem met olie gemengd, ten spijsoffer;

    38Een reukschaal van tien gouden sikkelen, vol reukwerks;

    39Een var, een jong rund, een ram, een lam, dat eenjarig was, ten brandoffer;

  • Num 7:66-69
    4 verzen
    96%

    66Op den tienden dag offerde de overste der kinderen van Dan, Ahiezer, de zoon van Ammisaddai.

    67Zijn offerande was: een zilveren schotel, welks gewicht was honderd dertig sikkelen; een zilveren sprengbekken van zeventig sikkelen, naar den sikkel des heiligdoms; zij waren beide vol meelbloem met olie gemengd, ten spijsoffer;

    68Een reukschaal van tien gouden sikkelen, vol reukwerks;

    69Een var, een jong rund, een ram, een lam, dat eenjarig was, ten brandoffer;

  • Num 7:71-75
    5 verzen
    96%

    71En ten dankoffer: twee runderen, vijf rammen, vijf bokken, vijf eenjarige lammeren. Dit was de offerande van Ahiezer, den zoon van Ammisaddai.

    72Op den elfden dag offerde de overste der kinderen van Aser, Pagiel, de zoon van Ochran.

    73Zijn offerande was: een zilveren schotel, welks gewicht was honderd dertig sikkelen; een zilveren sprengbekken van zeventig sikkelen, naar den sikkel des heiligdoms; zij waren beide vol meelbloem met olie gemengd, ten spijsoffer;

    74Een reukschaal van tien gouden sikkelen, vol reukwerks;

    75Een var, een jong rund, een ram, een lam, dat eenjarig was, ten brandoffer;

  • Num 7:60-62
    3 verzen
    96%

    60Op den negenden dag offerde de overste der kinderen van Benjamin, Abidan, de zoon van Gideoni.

    61Zijn offerande was: een zilveren schotel, welks gewicht was honderd dertig sikkelen; een zilveren sprengbekken van zeventig sikkelen, naar den sikkel des heiligdoms; zij waren beide vol meelbloem met olie gemengd, ten spijsoffer;

    62Een reukschaal van tien gouden sikkelen, vol reukwerks;

  • Num 7:31-32
    2 verzen
    95%

    31Zijn offerande was: een zilveren schotel, welks gewicht was honderd dertig sikkelen; een zilveren sprengbekken van zeventig sikkelen, naar den sikkel des heiligdoms; zij waren beide vol meelbloem met olie gemengd, ten spijsoffer;

    32Een reukschaal van tien gouden sikkelen, vol reukwerks;

  • Num 7:13-15
    3 verzen
    95%

    13En zijn offerande was: een zilveren schotel, welks gewicht was honderd dertig sikkelen; een zilveren sprengbekken van zeventig sikkelen, naar den sikkel des heiligdoms; zij waren beide vol meelbloem met olie gemengd, ten spijsoffer;

    14Een reukschaal van tien gouden sikkelen, vol reukwerks;

    15Een var, een jong rund, een ram, een lam, dat eenjarig was, ten brandoffer;

  • Num 7:43-44
    2 verzen
    95%

    43Zijn offerande was: een zilveren schotel, welks gewicht was honderd dertig sikkelen; een zilveren sprengbekken van zeventig sikkelen, naar den sikkel des heiligdoms; zij waren beide vol meelbloem met olie gemengd, ten spijsoffer;

    44Een reukschaal van tien gouden sikkelen, vol reukwerks;

  • Num 7:55-57
    3 verzen
    95%

    55Zijn offerande was: een zilveren schotel, welks gewicht was honderd dertig sikkelen; een zilveren sprengbekken van zeventig sikkelen, naar den sikkel des heiligdoms; zij waren beide vol meelbloem met olie gemengd, ten spijsoffer;

    56Een reukschaal van tien gouden sikkelen, vol reukwerks;

    57Een var, een jong rund, een ram, een lam, dat eenjarig was, ten brandoffer;

  • Num 7:80-81
    2 verzen
    85%

    80Een reukschaal van tien gouden sikkelen, vol reukwerks;

    81Een var, een jong rund, een ram, een lam, dat eenjarig was, ten brandoffer;

  • Num 7:83-86
    4 verzen
    84%

    83En ten dankoffer: twee runderen, vijf rammen, vijf bokken, vijf eenjarige lammeren. Dit was de offerande van Ahira, den zoon van Enan.

    84Dit was de inwijding des altaars van de oversten van Israel, op den dag als hetzelve gezalfd werd: twaalf zilveren schotels, twaalf zilveren sprengbekkens, twaalf gouden reukschalen.

    85Een zilveren schotel was van honderd dertig sikkelen, en een sprengbekken van zeventig; al het zilver van de vaten was twee duizend en vierhonderd sikkelen, naar den sikkel des heiligdoms.

    86Twaalf gouden reukschalen van reukwerks; elke reukschaal was van tien sikkelen, naar den sikkel des heiligdoms; al het goud der reukschalen was honderd en twintig sikkelen.

  • 78Op den twaalfden dag offerde de overste der kinderen van Nafthali, Ahira, de zoon van Enan.

  • 25En ik woog hun toe het zilver, en het goud, en de vaten, zijnde de offering van het huis onzes Gods die de koning en zijn raadsheren, en zijn vorsten, en gans Israel, die er gevonden werden, geofferd hadden;

  • 15En een korf ongezuurde koeken, koeken van meelbloem, met olie gemengd, en ongezuurde vladen, met olie bestreken, mitsgaders hun spijsoffer, en hun drankofferen;

  • 24Ook zal hij een spijsoffer bereiden, een efa tot een var, en een efa tot een ram; en een hin olie tot een efa.

  • 29Het koper nu des beweegoffers was zeventig talenten, en twee duizend vierhonderd sikkelen.

  • 7En zo uw offerande een spijsoffer des ketels is, het zal van meelbloem met olie gemaakt worden.

  • 17En louter goud tot de krauwelen, en tot de sprengbekkens, en tot de schotelen, en tot gouden bekers, het gewicht tot elken beker, desgelijks tot zilveren bekers, tot elken beker het gewicht;