Genesis 5:23
Zo waren al de dagen van Henoch driehonderd vijf en zestig jaren.
Zo waren al de dagen van Henoch driehonderd vijf en zestig jaren.
Deze verzen worden gevonden met AI-aangedreven semantische overeenkomst op basis van betekenis en context. Resultaten kunnen soms onverwachte verbanden bevatten.
4En Adams dagen, nadat hij Seth gewonnen had, zijn geweest achthonderd jaren; en hij gewon zonen en dochteren.
5Zo waren al de dagen van Adam, die hij leefde, negenhonderd jaren, en dertig jaren; en hij stierf.
6En Seth leefde honderd en vijf jaren, en hij gewon Enos.
7En Seth leefde, nadat hij Enos gewonnen had, achthonderd en zeven jaren; en hij gewon zonen en dochteren.
8Zo waren al de dagen van Seth negenhonderd en twaalf jaren; en hij stierf.
9En Enos leefde negentig jaren, en hij gewon Kenan.
10En Enos leefde, nadat hij Kenan gewonnen had, achthonderd en vijftien jaren; en hij gewon zonen en dochteren.
11Zo waren al de dagen van Enos negenhonderd en vijf jaren; en hij stierf.
12En Kenan leefde zeventig jaren, en hij gewon Mahalal-el.
13En Kenan leefde, nadat hij Mahalal-el gewonnen had, achthonderd en veertig jaren; en hij gewon zonen en dochteren.
14Zo waren al de dagen van Kenan negenhonderd en tien jaren; en hij stierf.
15En Mahalal-el leefde vijf en zestig jaren, en hij gewon Jered.
16En Mahalal-el leefde, nadat hij Jered gewonnen had, achthonderd en dertig jaren; en hij gewon zonen en dochteren.
17Zo waren al de dagen van Mahalal-el achthonderd vijf en negentig jaren; en hij stierf.
18En Jered leefde honderd twee en zestig jaren, en hij gewon Henoch.
19En Jered leefde, nadat hij Henoch gewonnen had, achthonderd jaren; en hij gewon zonen en dochteren.
20Zo waren al de dagen van Jered negenhonderd twee en zestig jaren; en hij stierf.
21En Henoch leefde vijf en zestig jaren, en hij gewon Methusalach.
22En Henoch wandelde met God, nadat hij Methusalach gewonnen had, driehonderd jaren; en hij gewon zonen en dochteren.
24Henoch dan wandelde met God; en hij was niet meer; want God nam hem weg.
25En Methusalach leefde honderd zeven en tachtig jaren, en hij gewon Lamech.
26En Methusalach leefde, nadat hij Lamech gewonnen had, zevenhonderd twee en tachtig jaren; en hij gewon zonen en dochteren.
27Zo waren al de dagen van Methusalach negenhonderd negen en zestig jaren; en hij stierf.
28En Lamech leefde honderd twee en tachtig jaren, en hij gewon een zoon.
5Door het geloof is Enoch weggenomen geweest, opdat hij den dood niet zou zien; en hij werd niet gevonden, daarom dat hem God weggenomen had; want voor zijn wegneming heeft hij getuigenis gehad, dat hij Gode behaagde.
30En Lamech leefde, nadat hij Noach gewonnen had, vijfhonderd vijf en negentig jaren; en hij gewon zonen en dochteren.
31Zo waren al de dagen van Lamech zevenhonderd zeven en zeventig jaren; en hij stierf.
32En Noach was vijfhonderd jaren oud; en Noach gewon Sem, Cham en Jafeth.
28En Noach leefde na den vloed driehonderd en vijftig jaren.
29Zo waren al de dagen van Noach negenhonderd en vijftig jaren; en hij stierf.
3Henoch, Methusalah, Lamech,
16En Heber leefde vier en dertig jaren, en gewon Peleg.