Psalmen 90:2

Statenvertaling (States Bible)

Eer de bergen geboren waren, en Gij de aarde en de wereld voortgebracht hadt, ja, van eeuwigheid tot eeuwigheid zijt Gij God.

Aanvullende bronnen

Gerefereerde verzen

  • Opb 1:8 : 8 Ik ben de Alfa en de Omega, het Begin en het Einde, zegt de Heere, Die is, en Die was, en Die komen zal, de Almachtige.
  • Ps 93:2 : 2 Van toen af is Uw troon bevestigd, Gij zijt van eeuwigheid af.
  • Ps 102:24-27 : 24 Hij heeft mijn kracht op den weg ter nedergedrukt; mijn dagen heeft Hij verkort. 25 Ik zeide: Mijn God! neem mij niet weg in het midden mijner dagen; Uw jaren zijn van geslacht tot geslacht. 26 Gij hebt voormaals de aarde gegrond, en de hemelen zijn het werk Uwer handen; 27 Die zullen vergaan, maar Gij zult staande blijven; en zij alle zullen als een kleed verouden; Gij zult ze veranderen als een gewaad, en zij zullen veranderd zijn.
  • Gen 1:1 : 1 In den beginne schiep God den hemel en de aarde.
  • Job 15:7 : 7 Zijt gij de eerste een mens geboren? Of zijt gij voor de heuvelen voortgebracht?
  • Micha 5:2 : 2 Daarom zal Hij henlieden overgeven, tot den tijd toe, dat zij, die baren zal, gebaard hebbe; dan zullen de overigen Zijner broederen zich bekeren met de kinderen Israels.
  • Hab 1:12 : 12 Zijt Gij niet van ouds af de HEERE, mijn God, mijn Heilige? Wij zullen niet sterven; o HEERE! tot een oordeel hebt Gij hem gesteld, en o Rots! om te straffen, hebt Gij hem gegrondvest.
  • 1 Tim 6:15-16 : 15 Welke te Zijner tijd vertonen zal de zalige en alleen machtige Heere, de Koning der koningen, en Heere der heren; 16 Die alleen onsterfelijkheid heeft, en een ontoegankelijk licht bewoont; Denwelken geen mens gezien heeft, noch zien kan; Welken zij eer en eeuwige kracht. Amen.
  • Heb 1:10-12 : 10 En: Gij, Heere! hebt in den beginne de aarde gegrond, en de hemelen zijn werken Uwer handen; 11 Dezelve zullen vergaan, maar Gij blijft altijd, en zij zullen alle als een kleed verouden; 12 En als een dekkleed zult Gij ze ineenrollen, en zij zullen veranderd worden; maar Gij zijt Dezelfde, en Uw jaren zullen niet ophouden.
  • Heb 13:8 : 8 Jezus Christus is gisteren en heden dezelfde en in der eeuwigheid.
  • Job 38:4-6 : 4 Waar waart gij, toen Ik de aarde grondde? Geef het te kennen, indien gij kloek van verstand zijt. 5 Wie heeft haar maten gezet, want gij weet het; of wie heeft over haar een richtsnoer getrokken? 6 Waarop zijn haar grondvesten nedergezonken, of wie heeft haar hoeksteen gelegd?
  • Job 38:28-29 : 28 Heeft de regen een vader, of wie baart de druppelen des dauws? 29 Uit wiens buik komt het ijs voort, en wie baart den rijm des hemels?
  • Ps 33:9 : 9 Want Hij spreekt, en het is er; Hij gebiedt, en het staat er.
  • Ps 103:17 : 17 Maar de goedertierenheid des HEEREN is van eeuwigheid en tot eeuwigheid over degenen, die Hem vrezen, en Zijn gerechtigheid aan kindskinderen;
  • Ps 146:6 : 6 Die den hemel en de aarde gemaakt heeft, de zee en al wat in dezelve is; Die trouwe houdt in der eeuwigheid.
  • Spr 8:25-26 : 25 Aleer de bergen ingevest waren, voor de heuvelen was Ik geboren. 26 Hij had de aarde nog niet gemaakt, noch de velden, noch de aanvang van de stofjes der wereld.
  • Jes 44:6 : 6 Zo zegt de HEERE, de Koning van Israel, en zijn Verlosser, de HEERE der heirscharen: Ik ben de Eerste, en Ik ben de Laatste, en behalve Mij is er geen God.
  • Jes 45:22 : 22 Wendt U naar Mij toe, wordt behouden, alle gij einden der aarde! want Ik ben God, en niemand meer.
  • Jes 57:15 : 15 Want alzo zegt de Hoge en Verhevene, Die in de eeuwigheid woont, en Wiens Naam heilig is: Ik woon in de hoogte en in het heilige, en bij dien, die van een verbrijzelden en nederigen geest is, opdat Ik levend make den geest der nederigen, en opdat Ik levend make het hart der verbrijzelden.

Vergelijkbare verzen (AI)

Deze verzen worden gevonden met AI-aangedreven semantische overeenkomst op basis van betekenis en context. Resultaten kunnen soms onverwachte verbanden bevatten.

  • 1Een gebed van Mozes, den man Gods. HEERE! Gij zijt ons geweest een Toevlucht van geslacht tot geslacht.

  • Ps 93:1-2
    2 verzen
    81%

    1De HEERE regeert, Hij is met hoogheid bekleed; de HEERE is bekleed met sterkte, Hij heeft Zich omgord. Ook is de wereld bevestigd, zij zal niet wankelen.

    2Van toen af is Uw troon bevestigd, Gij zijt van eeuwigheid af.

  • Ps 102:24-27
    4 verzen
    79%

    24Hij heeft mijn kracht op den weg ter nedergedrukt; mijn dagen heeft Hij verkort.

    25Ik zeide: Mijn God! neem mij niet weg in het midden mijner dagen; Uw jaren zijn van geslacht tot geslacht.

    26Gij hebt voormaals de aarde gegrond, en de hemelen zijn het werk Uwer handen;

    27Die zullen vergaan, maar Gij zult staande blijven; en zij alle zullen als een kleed verouden; Gij zult ze veranderen als een gewaad, en zij zullen veranderd zijn.

  • Heb 1:10-12
    3 verzen
    78%

    10En: Gij, Heere! hebt in den beginne de aarde gegrond, en de hemelen zijn werken Uwer handen;

    11Dezelve zullen vergaan, maar Gij blijft altijd, en zij zullen alle als een kleed verouden;

    12En als een dekkleed zult Gij ze ineenrollen, en zij zullen veranderd worden; maar Gij zijt Dezelfde, en Uw jaren zullen niet ophouden.

  • Spr 8:23-26
    4 verzen
    78%

    23Ik ben van eeuwigheid af gezalfd geweest; van den aanvang, van de oudheden der aarde aan.

    24Ik was geboren, als de afgronden nog niet waren, als nog geen fonteinen waren, zwaar van water;

    25Aleer de bergen ingevest waren, voor de heuvelen was Ik geboren.

    26Hij had de aarde nog niet gemaakt, noch de velden, noch de aanvang van de stofjes der wereld.

  • Ps 90:3-4
    2 verzen
    77%

    3Gij doet den mens wederkeren tot verbrijzeling, en zegt: Keert weder, gij mensenkinderen!

    4Want duizend jaren zijn in Uw ogen als de dag van gisteren, als hij voorbijgegaan is, en als een nachtwaak.

  • Ps 119:89-90
    2 verzen
    76%

    89Lamed. O HEERE! Uw woord bestaat in der eeuwigheid in de hemelen.

    90Uw goedertierenheid is van geslacht tot geslacht; Gij hebt de aarde vastgemaakt, en zij blijft staan;

  • 19Gij, o HEERE, zit in eeuwigheid, Uw troon is van geslacht tot geslacht.

  • Ps 89:11-12
    2 verzen
    75%

    11Gij hebt Rahab verbrijzeld als een verslagene; Gij hebt Uw vijanden verstrooid met den arm Uwer sterkte.

    12De hemel is Uwe, ook is de aarde Uwe; de wereld en haar volheid, die hebt Gij gegrond.

  • 12Zijt Gij niet van ouds af de HEERE, mijn God, mijn Heilige? Wij zullen niet sterven; o HEERE! tot een oordeel hebt Gij hem gesteld, en o Rots! om te straffen, hebt Gij hem gegrondvest.

  • 5Hij heeft de aarde gegrond op haar grondvesten; zij zal nimmermeer noch eeuwiglijk wankelen.

  • 8Dat de goddelozen groeien als het kruid, en al de werkers der ongerechtigheid bloeien, opdat zij tot in der eeuwigheid verdelgd worden.

  • 4Waar waart gij, toen Ik de aarde grondde? Geef het te kennen, indien gij kloek van verstand zijt.

  • 12Mijn dagen zijn als een afgaande schaduw, en ik verdor als gras.

  • 6Hij stond, en mat het land, Hij zag toe, en maakte de heidenen los, en de gedurige bergen zijn verstrooid geworden; de heuvelen der eeuwigheid hebben zich gebogen; de gangen der eeuw zijn Zijne.

  • 21Weet gijlieden niet? Hoort gij niet? Is het u van den beginne aan niet bekend gemaakt! Hebt gij op de grondvesten der aarde niet gelet?

  • 1HEERE! Gij zijt mijn God, U zal ik verhogen, Uw Naam zal ik loven, want Gij hebt wonder gedaan; Uw raadslagen van verre zijn waarheid en vastigheid.

  • 6Die den hemel en de aarde gemaakt heeft, de zee en al wat in dezelve is; Die trouwe houdt in der eeuwigheid.

  • 6Vreselijke dingen zult Gij ons in gerechtigheid antwoorden, o God onzes heils! o Vertrouwen aller einden der aarde, en der verre gelegenen aan de zee!

  • 7Zijt gij de eerste een mens geboren? Of zijt gij voor de heuvelen voortgebracht?

  • 4Vertrouwt op den HEERE tot in der eeuwigheid; want in den Heere HEERE is een eeuwige rotssteen.

  • 28Weet gij het niet? Hebt gij niet gehoord, dat de eeuwige God, de HEERE, de Schepper van de einden der aarde, noch moede noch mat wordt? Er is geen doorgronding van Zijn verstand.

  • 4Aldaar heeft Hij verbroken de vurige pijlen van den boog, het schild, en het zwaard, en den krijg. Sela.

  • 9Want Gij, HEERE! zijt de Allerhoogste over de gehele aarde; Gij zijt zeer hoog verheven boven alle goden.

  • 19Ook is Uw gerechtigheid, o God, tot in de hoogte; Gij, Die grote dingen gedaan hebt; o God! wie is U gelijk?

  • 8God is grotelijks geducht in den raad der heiligen, en vreselijk boven allen, die rondom Hem zijn.

  • 152Van ouds heb ik geweten van Uw getuigenissen, dat Gij ze in eeuwigheid gegrond hebt.

  • 17Gij hebt al de palen der aarde gesteld; zomer en winter, die hebt Gij geformeerd.

  • 12Evenwel is God mijn Koning van ouds af, Die verlossingen werkt in het midden der aarde.

  • 17O God! Gij hebt mij geleerd van mijn jeugd aan, en tot nog toe verkondig ik Uw wonderen.

  • 8Zo ik opvoer ten hemel, Gij zijt daar; of bedde ik mij in de hel, zie, Gij zijt daar.

  • 10Want Gij zijt groot, en doet wonderwerken; Gij alleen zijt God.

  • Ps 95:3-4
    2 verzen
    70%

    3Want de HEERE is een groot God; ja, een groot Koning boven alle goden;

    4In Wiens hand de diepste plaatsen der aarde zijn, en de hoogten der bergen zijn Zijne;

  • 6Ik was nedergedaald tot de gronden der bergen; de grendelen der aarde waren om mij henen in eeuwigheid; maar Gij hebt mijn leven uit het verderf opgevoerd, o HEERE, mijn God!

  • 70%

    1Een psalm van David, voor den opperzangmeester, op de Gitthith.

  • 2Rondom Jeruzalem zijn bergen; alzo is de HEERE rondom Zijn volk, van nu aan tot in der eeuwigheid.

  • 12Hierbij weet ik, dat Gij lust aan mij hebt, dat mijn vijand over mij niet zal juichen.