Genesis 11:24

Statenvertaling (States Bible)

En Nahor leefde negen en twintig jaren, en gewon Terah.

Aanvullende bronnen

Gerefereerde verzen

  • Luk 3:34 : 34 Den zoon van Jakob, den zoon van Izak, den zoon van Abraham, den zoon van Thara, den zoon van Nachor,
  • Joz 24:2 : 2 Toen zeide Jozua tot het ganse volk: Alzo zegt de HEERE, de God Israels: Over gene zijde der rivier hebben uw vaders van ouds gewoond, namelijk Terah, de vader van Abraham, en de vader van Nahor; en zij hebben andere goden gediend.

Vergelijkbare verzen (AI)

Deze verzen worden gevonden met AI-aangedreven semantische overeenkomst op basis van betekenis en context. Resultaten kunnen soms onverwachte verbanden bevatten.

  • Gen 11:25-29
    5 verzen
    93%

    25En Nahor leefde, nadat hij Terah gewonnen had, honderd en negentien jaren; en hij gewon zonen en dochteren.

    26En Terah leefde zeventig jaren, en gewon Abram, Nahor en Haran.

    27En deze zijn de geboorten van Terah: Terah gewon Abram, Nahor en Haran; en Haran gewon Lot.

    28En Haran stierf voor het aangezicht zijns vaders Terah, in het land zijner geboorte, in Ur der Chaldeen.

    29En Abram en Nahor namen zich vrouwen; de naam van Abrams huisvrouw was Sarai, en de naam van Nahors huisvrouw was Milka, een dochter van Haran, vader van Milka, en vader van Jiska.

  • Gen 11:11-23
    13 verzen
    84%

    11En Sem leefde, nadat hij Arfachsad gewonnen had, vijfhonderd jaren; en hij gewon zonen en dochteren.

    12En Arfachsad leefde vijf en dertig jaren, en hij gewon Selah.

    13En Arfachsad leefde, nadat hij Selah gewonnen had, vierhonderd en drie jaren; en hij gewon zonen en dochteren.

    14En Selah leefde dertig jaren, en hij gewon Heber.

    15En Selah leefde, nadat hij Heber gewonnen had, vierhonderd en drie jaren, en hij gewon zonen en dochteren.

    16En Heber leefde vier en dertig jaren, en gewon Peleg.

    17En Heber leefde, nadat hij Peleg gewonnen had, vierhonderd en dertig jaren; en hij gewon zonen en dochteren.

    18En Peleg leefde dertig jaren, en hij gewon Rehu.

    19En Peleg leefde, nadat hij Rehu gewonnen had, tweehonderd en negen jaren; en hij gewon zonen en dochteren.

    20En Rehu leefde twee en dertig jaren, en hij gewon Serug.

    21En Rehu leefde, nadat hij Serug gewonnen had, tweehonderd en zeven jaren; en hij gewon zonen en dochteren.

    22En Serug leefde dertig jaren, en gewon Nahor.

    23En Serug leefde, nadat hij Nahor gewonnen had, tweehonderd jaren; en hij gewon zonen en dochteren.

  • 80%

    26Serug, Nahor, Terah,

    27Abram; die is Abraham.

  • Gen 11:31-32
    2 verzen
    80%

    31En Terah nam Abram, zijn zoon, en Lot, Harans zoon, zijns zoons zoon, en Sarai, zijn schoondochter, de huisvrouw van zijn zoon Abram, en zij togen met hen uit Ur der Chaldeen, om te gaan naar het land Kanaan; en zij kwamen tot Haran, en woonden aldaar.

    32En de dagen van Terah waren tweehonderd en vijf jaren, en Terah stierf te Haran.

  • 34Den zoon van Jakob, den zoon van Izak, den zoon van Abraham, den zoon van Thara, den zoon van Nachor,

  • 20En het geschiedde na deze dingen, dat men Abraham boodschapte, zeggende: Zie, Milka heeft ook Nahor, uw broeder, zonen gebaard:

  • 23(En Bethuel gewon Rebekka) deze acht baarde Milka aan Nahor, den broeder van Abraham.

  • 24En zij had tot hem gezegd: Ik ben de dochter van Bethuel, de zoon van Milka, die zij Nahor gebaard heeft.

  • 19Dit nu zijn de geboorten van Izak, den zoon van Abraham: Abraham gewon Izak.

  • 28En Lamech leefde honderd twee en tachtig jaren, en hij gewon een zoon.

  • 24En Abraham was oud negen en negentig jaren, als hem het vlees zijner voorhuid besneden werd.

  • 24En Arfachsad gewon Selah, en Selah gewon Heber.