Numeri 29:10

Statenvertaling (States Bible)

Tot elk een tiende tot een lam, tot die zeven lammeren toe;

Aanvullende bronnen

Vergelijkbare verzen (AI)

Deze verzen worden gevonden met AI-aangedreven semantische overeenkomst op basis van betekenis en context. Resultaten kunnen soms onverwachte verbanden bevatten.

  • Num 29:2-4
    3 verzen
    97%

    2Dan zult gij een brandoffer, ten liefelijken reuk, den HEERE bereiden: een jongen var, een ram, zeven volkomen eenjarige lammeren;

    3En hun spijsoffer van meelbloem, met olie gemengd; drie tienden tot den var, twee tienden tot den ram.

    4En een tiende tot een lam, tot die zeven lammeren toe;

  • Num 28:27-29
    3 verzen
    97%

    27Dan zult gij den HEERE een brandoffer ten liefelijken reuk offeren: twee jonge varren, een ram, zeven eenjarige lammeren;

    28En hun spijsoffer van meelbloem, met olie gemengd: drie tienden tot een var, twee tienden tot een ram;

    29Tot elk een tiende tot een lam, tot die zeven lammeren toe;

  • Num 29:13-18
    6 verzen
    95%

    13En gij zult een brandoffer ten vuuroffer offeren, ten liefelijken reuk den HEERE: dertien jonge varren, twee rammen, veertien eenjarige lammeren; zij zullen volkomen zijn;

    14En hun spijsoffer van meelbloem, met olie gemengd: drie tienden tot een var, tot die dertien varren toe; twee tienden tot een ram, onder die twee rammen;

    15En tot elke een tiende tot een lam, tot die veertien lammeren toe;

    16En een geitenbok ten zondoffer; behalve het gedurig brandoffer, zijn spijsoffer, en zijn drankoffer.

    17Daarna op den tweeden dag: twaalf jonge varren, twee rammen, veertien volkomen eenjarige lammeren;

    18En hun spijsoffer, en hun drankofferen tot de varren, tot de rammen, en tot de lammeren, in hun getal, naar de wijze;

  • Num 28:19-21
    3 verzen
    93%

    19Maar gij zult een vuuroffer ten brandoffer den HEERE offeren: twee jonge varren, en een ram, daartoe zeven eenjarige lammeren; volkomen zullen zij u zijn.

    20En hun spijsoffer zal zijn meelbloem, met olie gemengd; drie tienden tot een var, en twee tienden tot een ram zult gij bereiden.

    21Tot elk zult gij een tiende deel bereiden tot een lam, tot die zeven lammeren toe.

  • Num 28:12-13
    2 verzen
    85%

    12En drie tienden meelbloem ten spijsoffer, met olie gemengd, tot den enen var; en twee tienden meelbloem ten spijsoffer, met olie gemengd, tot den enen ram;

    13En tot elk tiende deel meelbloem ten spijsoffer, met olie gemengd, tot het ene lam; het is een brandoffer tot een liefelijken reuk, een vuuroffer, den HEERE.

  • Num 29:8-9
    2 verzen
    83%

    8Maar gij zult brandoffer, ten liefelijken reuk, den HEERE offeren: een jongen var, een ram, zeven eenjarige lammeren; volkomen zullen zij u zijn;

    9En hun spijsoffer van meelbloem, met olie gemend: drie tienden tot den var, twee tienden tot den enen ram;

  • 40Met een tiende deel meelbloem, gemengd met een vierendeel van een hin gestoten olie; en tot drankoffer een vierde deel van een hin wijn, tot het ene lam.

  • Num 29:23-24
    2 verzen
    78%

    23Verder op den vierden dag: tien varren, twee rammen, veertien volkomen eenjarige lammeren;

    24Hun spijsoffer, en hun drankofferen tot de varren, tot de rammen, en tot de lammeren, in hun getal, naar de wijze;

  • Num 29:32-33
    2 verzen
    78%

    32En op den zevenden dag: zeven varren, twee rammen, veertien volkomen eenjarige lammeren;

    33En hun spijsoffer, en hun drankofferen tot de varren, tot de rammen, en tot de lammeren, in hun getal, naar hun wijze;

  • Num 29:29-30
    2 verzen
    78%

    29Daarna op den zesden dag: acht varren, twee rammen, veertien volkomen eenjarige lammeren;

    30En hun spijsoffer, en hun drankofferen tot de varren, tot de rammen, en tot de lammeren, in hun getal, naar de wijze;

  • Num 29:26-27
    2 verzen
    77%

    26En op den vijfden dag: negen varren, twee rammen, en veertien volkomen eenjarige lammeren;

    27En hun spijsoffer, en hun drankofferen tot de varren, tot de rammen, en tot de lammeren, in hun getal, naar de wijze;

  • Num 29:20-21
    2 verzen
    77%

    20En op den dertienden dag: elf varren, twee rammen, veertien volkomen eenjarige lammeren;

    21En hun spijsofferen, en hun drankofferen tot de varren, tot de rammen, en tot de lammeren, in hun getal, naar de wijze;

  • 27Een var, een jong rund, een ram, een lam, dat eenjarig was, ten brandoffer;

  • 21Maar indien hij arm is, en zijn hand dat niet bereikt, zo zal hij een lam ten schuldoffer, ter beweging nemen, om voor hem verzoening te doen; daartoe een tiende meelbloem, met olie gemengd, ten spijsoffer, en een log olie;

  • 32Aangaande al de tienden van runderen en klein vee, alles wat onder de roede zal doorgaan, het tiende zal den HEERE heilig zijn.

  • 5En een tiende deel ener efa meelbloem, ten spijsoffer, gemengd met het vierendeel van een hin van gestoten olie.

  • 11Alzo zal gedaan worden met den enen os, of met den enen ram, of met het klein vee, van de lammeren, of van de geiten.

  • 39Een var, een jong rund, een ram, een lam, dat eenjarig was, ten brandoffer;

  • 21Een var, een jong rund, een ram, een lam, dat eenjarig was, ten brandoffer;

  • 11Een geitenbok ten zondoffer, behalve het zondoffer der verzoeningen, en het gedurig brandoffer; en zijn spijsoffer, met hun drankofferen.

  • 15Een var, een jong rund, een ram, een lam, dat eenjarig was, ten brandoffer;

  • 9Maar op den sabbatdag twee volkomen eenjarige lammeren, en twee tienden meelbloem, ten spijsoffer, met olie gemengd, mitsgaders zijn drankoffer.

  • Num 29:36-37
    2 verzen
    76%

    36En gij zult een brandoffer ten vuuroffer offeren, ten liefelijken reuk den HEERE; een var, een ram, zeven volkomen eenjarige lammeren;

    37Hun spijsoffer, en hun drankofferen tot den var, tot den ram, en tot de lammeren, in hun getal, naar de wijze;

  • 10En op den achtsten dag zal hij twee volkomen lammeren, en een eenjarig volkomen schaap nemen, mitsgaders drie tienden meelbloem ten spijsoffer, met olie gemengd, en een log olie.

  • 33Een var, een jong rund, een ram, een lam, dat eenjarig was, ten brandoffer;

  • 57Een var, een jong rund, een ram, een lam, dat eenjarig was, ten brandoffer;

  • 81Een var, een jong rund, een ram, een lam, dat eenjarig was, ten brandoffer;

  • 51Een var, een jong rund, een ram, een lam, dat eenjarig was, ten brandoffer;

  • 69Een var, een jong rund, een ram, een lam, dat eenjarig was, ten brandoffer;

  • 45Een var, een jong rund, een ram, een lam, dat eenjarig was, ten brandoffer;

  • 75Een var, een jong rund, een ram, een lam, dat eenjarig was, ten brandoffer;