Numeri 7:21

Statenvertaling (States Bible)

Een var, een jong rund, een ram, een lam, dat eenjarig was, ten brandoffer;

Aanvullende bronnen

Gerefereerde verzen

  • Gen 8:20 : 20 En Noach bouwde den HEERE een altaar; en hij nam van al het reine vee, en van al het rein gevogelte, en offerde brandofferen op dat altaar.
  • Rom 12:1 : 1 Ik bid u dan, broeders, door de ontfermingen Gods, dat gij uw lichamen stelt tot een levende, heilige en Gode welbehagelijke offerande, welke is uw redelijke godsdienst.
  • Ef 5:2 : 2 En wandelt in de liefde, gelijkerwijs ook Christus ons liefgehad heeft, en Zichzelven voor ons heeft overgegeven tot een offerande en een slachtoffer, Gode tot een welriekenden reuk.

Vergelijkbare verzen (AI)

Deze verzen worden gevonden met AI-aangedreven semantische overeenkomst op basis van betekenis en context. Resultaten kunnen soms onverwachte verbanden bevatten.

  • Num 7:81-82
    2 verzen
    97%

    81Een var, een jong rund, een ram, een lam, dat eenjarig was, ten brandoffer;

    82Een geitenbok, ten zondoffer;

  • Num 7:15-16
    2 verzen
    97%

    15Een var, een jong rund, een ram, een lam, dat eenjarig was, ten brandoffer;

    16Een geitenbok, ten zondoffer;

  • Num 7:51-52
    2 verzen
    97%

    51Een var, een jong rund, een ram, een lam, dat eenjarig was, ten brandoffer;

    52Een geitenbok, ten zondoffer;

  • Num 7:27-28
    2 verzen
    97%

    27Een var, een jong rund, een ram, een lam, dat eenjarig was, ten brandoffer;

    28Een geitenbok, ten zondoffer;

  • Num 7:57-58
    2 verzen
    97%

    57Een var, een jong rund, een ram, een lam, dat eenjarig was, ten brandoffer;

    58Een geitenbok, ten zondoffer;

  • Num 7:39-40
    2 verzen
    96%

    39Een var, een jong rund, een ram, een lam, dat eenjarig was, ten brandoffer;

    40Een geitenbok, ten zondoffer;

  • Num 7:33-34
    2 verzen
    96%

    33Een var, een jong rund, een ram, een lam, dat eenjarig was, ten brandoffer;

    34Een geitenbok, ten zondoffer;

  • Num 7:75-76
    2 verzen
    96%

    75Een var, een jong rund, een ram, een lam, dat eenjarig was, ten brandoffer;

    76Een geitenbok, ten zondoffer;

  • Num 7:45-46
    2 verzen
    95%

    45Een var, een jong rund, een ram, een lam, dat eenjarig was, ten brandoffer;

    46Een geitenbok, ten zondoffer;

  • Num 7:69-70
    2 verzen
    95%

    69Een var, een jong rund, een ram, een lam, dat eenjarig was, ten brandoffer;

    70Een geitenbok, ten zondoffer;

  • Num 7:63-64
    2 verzen
    94%

    63Een var, een jong rund, een ram, een lam, dat eenjarig was, ten brandoffer;

    64Een geitenbok, ten zondoffer;

  • Num 29:36-37
    2 verzen
    87%

    36En gij zult een brandoffer ten vuuroffer offeren, ten liefelijken reuk den HEERE; een var, een ram, zeven volkomen eenjarige lammeren;

    37Hun spijsoffer, en hun drankofferen tot den var, tot den ram, en tot de lammeren, in hun getal, naar de wijze;

  • 2Dan zult gij een brandoffer, ten liefelijken reuk, den HEERE bereiden: een jongen var, een ram, zeven volkomen eenjarige lammeren;

  • 8Maar gij zult brandoffer, ten liefelijken reuk, den HEERE offeren: een jongen var, een ram, zeven eenjarige lammeren; volkomen zullen zij u zijn;

  • 27Dan zult gij den HEERE een brandoffer ten liefelijken reuk offeren: twee jonge varren, een ram, zeven eenjarige lammeren;

  • 19Maar gij zult een vuuroffer ten brandoffer den HEERE offeren: twee jonge varren, en een ram, daartoe zeven eenjarige lammeren; volkomen zullen zij u zijn.

  • 22Een geitenbok, ten zondoffer;

  • 18Gij zult ook met het brood zeven volkomen eenjarige lammeren, en een var, het jong van een rund, en twee rammen offeren; zij zullen den HEERE een brandoffer zijn, met hun spijsoffer en hun drankofferen, een vuuroffer, tot een liefelijken reuk den HEERE.

  • 11En in de beginselen uwer maanden zult gij een brandoffer den HEERE offeren: twee jonge varren, en een ram, zeven volkomen eenjarige lammeren;

  • 14Hij dan zal tot zijn offerande den HEERE offeren een volkomen eenjarig lam ten brandoffer, en een volkomen eenjarig ooilam ten zondoffer, en een volkomen ram ten dankoffer.

  • 25Zeven dagen zult gij dagelijks een bok des zondoffers bereiden; ook zullen zij een var, een jong rund, en een ram van de kudde, beide volkomen bereiden.

  • 87Al de runderen ten brandoffer waren twaalf varren, twaalf rammen, twaalf eenjarige lammeren, met hun spijsoffer; en twaalf geitenbokken ten zondoffer.

  • Num 29:19-23
    5 verzen
    83%

    19En een geitenbok ten zondoffer; behalve het gedurig brandoffer, en zijn spijsoffer, met hun drankofferen.

    20En op den dertienden dag: elf varren, twee rammen, veertien volkomen eenjarige lammeren;

    21En hun spijsofferen, en hun drankofferen tot de varren, tot de rammen, en tot de lammeren, in hun getal, naar de wijze;

    22En een bok ten zondoffer; behalve het gedurig brandoffer, en zijn spijsoffer, en zijn drankoffer.

    23Verder op den vierden dag: tien varren, twee rammen, veertien volkomen eenjarige lammeren;

  • Num 29:31-32
    2 verzen
    83%

    31En een bok ten zondoffer; behalve het gedurig brandoffer, zijn spijsoffer, en zijn drankofferen.

    32En op den zevenden dag: zeven varren, twee rammen, veertien volkomen eenjarige lammeren;

  • 13En gij zult een brandoffer ten vuuroffer offeren, ten liefelijken reuk den HEERE: dertien jonge varren, twee rammen, veertien eenjarige lammeren; zij zullen volkomen zijn;

  • 11Alzo zal gedaan worden met den enen os, of met den enen ram, of met het klein vee, van de lammeren, of van de geiten.

  • Num 29:16-17
    2 verzen
    82%

    16En een geitenbok ten zondoffer; behalve het gedurig brandoffer, zijn spijsoffer, en zijn drankoffer.

    17Daarna op den tweeden dag: twaalf jonge varren, twee rammen, veertien volkomen eenjarige lammeren;

  • 11Een geitenbok ten zondoffer, behalve het zondoffer der verzoeningen, en het gedurig brandoffer; en zijn spijsoffer, met hun drankofferen.

  • 3Daarna spreek tot de kinderen Israels, zeggende: Neemt een geitenbok ten zondoffer, en een kalf, en een lam, eenjarig, volkomen, ten brandoffer;

  • 21En zij brachten zeven varren, en zeven rammen, en zeven lammeren, en zeven geitenbokken ten zondoffer voor het koninkrijk, en voor het heiligdom, en voor Juda; en hij zeide tot de zonen van Aaron, de priesteren, dat zij die op het altaar des HEEREN zouden offeren.

  • 10En indien zijn offerande is van klein vee, van schapen of van geiten, ten brandoffer, zal hij een volkomen mannetje offeren.