Numeri 7:45

Statenvertaling (States Bible)

Een var, een jong rund, een ram, een lam, dat eenjarig was, ten brandoffer;

Aanvullende bronnen

Gerefereerde verzen

  • Ps 66:15 : 15 Brandofferen van mergbeesten zal ik U offeren, met rookwerk van rammen; ik zal runderen met bokken bereiden. Sela.
  • Jes 53:4 : 4 Waarlijk, Hij heeft onze krankheden op Zich genomen, en onze smarten heeft Hij gedragen; doch wij achtten Hem, dat Hij geplaagd, van God geslagen en verdrukt was.
  • 2 Kor 5:21 : 21 Want Dien, Die geen zonde gekend heeft, heeft Hij zonde voor ons gemaakt, opdat wij zouden worden rechtvaardigheid Gods in Hem.

Vergelijkbare verzen (AI)

Deze verzen worden gevonden met AI-aangedreven semantische overeenkomst op basis van betekenis en context. Resultaten kunnen soms onverwachte verbanden bevatten.

  • Num 7:15-16
    2 verzen
    97%

    15Een var, een jong rund, een ram, een lam, dat eenjarig was, ten brandoffer;

    16Een geitenbok, ten zondoffer;

  • Num 7:75-76
    2 verzen
    97%

    75Een var, een jong rund, een ram, een lam, dat eenjarig was, ten brandoffer;

    76Een geitenbok, ten zondoffer;

  • Num 7:51-52
    2 verzen
    96%

    51Een var, een jong rund, een ram, een lam, dat eenjarig was, ten brandoffer;

    52Een geitenbok, ten zondoffer;

  • Num 7:57-58
    2 verzen
    96%

    57Een var, een jong rund, een ram, een lam, dat eenjarig was, ten brandoffer;

    58Een geitenbok, ten zondoffer;

  • Num 7:27-28
    2 verzen
    96%

    27Een var, een jong rund, een ram, een lam, dat eenjarig was, ten brandoffer;

    28Een geitenbok, ten zondoffer;

  • Num 7:39-40
    2 verzen
    96%

    39Een var, een jong rund, een ram, een lam, dat eenjarig was, ten brandoffer;

    40Een geitenbok, ten zondoffer;

  • Num 7:21-22
    2 verzen
    95%

    21Een var, een jong rund, een ram, een lam, dat eenjarig was, ten brandoffer;

    22Een geitenbok, ten zondoffer;

  • Num 7:81-82
    2 verzen
    95%

    81Een var, een jong rund, een ram, een lam, dat eenjarig was, ten brandoffer;

    82Een geitenbok, ten zondoffer;

  • Num 7:33-34
    2 verzen
    95%

    33Een var, een jong rund, een ram, een lam, dat eenjarig was, ten brandoffer;

    34Een geitenbok, ten zondoffer;

  • Num 7:69-70
    2 verzen
    94%

    69Een var, een jong rund, een ram, een lam, dat eenjarig was, ten brandoffer;

    70Een geitenbok, ten zondoffer;

  • Num 7:63-64
    2 verzen
    94%

    63Een var, een jong rund, een ram, een lam, dat eenjarig was, ten brandoffer;

    64Een geitenbok, ten zondoffer;

  • 46Een geitenbok, ten zondoffer;

  • Num 29:36-37
    2 verzen
    85%

    36En gij zult een brandoffer ten vuuroffer offeren, ten liefelijken reuk den HEERE; een var, een ram, zeven volkomen eenjarige lammeren;

    37Hun spijsoffer, en hun drankofferen tot den var, tot den ram, en tot de lammeren, in hun getal, naar de wijze;

  • 2Dan zult gij een brandoffer, ten liefelijken reuk, den HEERE bereiden: een jongen var, een ram, zeven volkomen eenjarige lammeren;

  • 8Maar gij zult brandoffer, ten liefelijken reuk, den HEERE offeren: een jongen var, een ram, zeven eenjarige lammeren; volkomen zullen zij u zijn;

  • 27Dan zult gij den HEERE een brandoffer ten liefelijken reuk offeren: twee jonge varren, een ram, zeven eenjarige lammeren;

  • 25Zeven dagen zult gij dagelijks een bok des zondoffers bereiden; ook zullen zij een var, een jong rund, en een ram van de kudde, beide volkomen bereiden.

  • 19Maar gij zult een vuuroffer ten brandoffer den HEERE offeren: twee jonge varren, en een ram, daartoe zeven eenjarige lammeren; volkomen zullen zij u zijn.

  • 14Hij dan zal tot zijn offerande den HEERE offeren een volkomen eenjarig lam ten brandoffer, en een volkomen eenjarig ooilam ten zondoffer, en een volkomen ram ten dankoffer.

  • 18Gij zult ook met het brood zeven volkomen eenjarige lammeren, en een var, het jong van een rund, en twee rammen offeren; zij zullen den HEERE een brandoffer zijn, met hun spijsoffer en hun drankofferen, een vuuroffer, tot een liefelijken reuk den HEERE.

  • 11En in de beginselen uwer maanden zult gij een brandoffer den HEERE offeren: twee jonge varren, en een ram, zeven volkomen eenjarige lammeren;

  • 87Al de runderen ten brandoffer waren twaalf varren, twaalf rammen, twaalf eenjarige lammeren, met hun spijsoffer; en twaalf geitenbokken ten zondoffer.

  • 11Alzo zal gedaan worden met den enen os, of met den enen ram, of met het klein vee, van de lammeren, of van de geiten.

  • Num 29:31-32
    2 verzen
    81%

    31En een bok ten zondoffer; behalve het gedurig brandoffer, zijn spijsoffer, en zijn drankofferen.

    32En op den zevenden dag: zeven varren, twee rammen, veertien volkomen eenjarige lammeren;

  • 3Daarna spreek tot de kinderen Israels, zeggende: Neemt een geitenbok ten zondoffer, en een kalf, en een lam, eenjarig, volkomen, ten brandoffer;

  • 13En gij zult een brandoffer ten vuuroffer offeren, ten liefelijken reuk den HEERE: dertien jonge varren, twee rammen, veertien eenjarige lammeren; zij zullen volkomen zijn;

  • 23Als gij een einde zult gemaakt hebben van het ontzondigen, dan zult gij een var, een volkomen jong rund, offeren, en een volkomen ram van de kudde.

  • 11Een geitenbok ten zondoffer, behalve het zondoffer der verzoeningen, en het gedurig brandoffer; en zijn spijsoffer, met hun drankofferen.

  • Num 29:25-26
    2 verzen
    80%

    25En een geitenbok ten zondoffer; behalve het gedurig brandoffer, zijn spijsoffer, en zijn drankoffer.

    26En op den vijfden dag: negen varren, twee rammen, en veertien volkomen eenjarige lammeren;

  • 10En indien zijn offerande is van klein vee, van schapen of van geiten, ten brandoffer, zal hij een volkomen mannetje offeren.

  • 23En de zeven dagen van het feest zal hij een brandoffer den HEERE bereiden, van zeven varren en zeven rammen, die volkomen zijn, dagelijks, de zeven dagen lang, en een zondoffer van een geitenbok, dagelijks.

  • Num 29:16-17
    2 verzen
    80%

    16En een geitenbok ten zondoffer; behalve het gedurig brandoffer, zijn spijsoffer, en zijn drankoffer.

    17Daarna op den tweeden dag: twaalf jonge varren, twee rammen, veertien volkomen eenjarige lammeren;

  • 23Verder op den vierden dag: tien varren, twee rammen, veertien volkomen eenjarige lammeren;

  • 20En op den dertienden dag: elf varren, twee rammen, veertien volkomen eenjarige lammeren;