Numeri 28:30

Statenvertaling (States Bible)

Een geitenbok, om voor u verzoening te doen.

Aanvullende bronnen

Gerefereerde verzen

  • Num 28:15 : 15 Daartoe zal een geitenbok ten zondoffer den HEERE, boven het gedurige brandoffer, bereid worden, met zijn drankoffer.
  • Num 28:22 : 22 Daarna een bok ten zondoffer, om over ulieden verzoening te doen.
  • 2 Kor 5:21 : 21 Want Dien, Die geen zonde gekend heeft, heeft Hij zonde voor ons gemaakt, opdat wij zouden worden rechtvaardigheid Gods in Hem.
  • Gal 3:13 : 13 Christus heeft ons verlost van den vloek der wet, een vloek geworden zijnde voor ons; want er is geschreven: Vervloekt is een iegelijk, die aan het hout hangt.
  • 1 Petr 2:24 : 24 Die Zelf onze zonden in Zijn lichaam gedragen heeft op het hout; opdat wij, der zonden afgestorven zijnde, der gerechtigheid leven zouden; door Wiens striemen gij genezen zijt.
  • 1 Petr 3:18 : 18 Want Christus heeft ook eens voor de zonden geleden, Hij rechtvaardig voor de onrechtvaardigen, opdat Hij ons tot God zou brengen; Die wel is gedood in het vlees, maar levend gemaakt door den Geest;
  • Num 15:24 : 24 Zo zal het geschieden, indien iets bij dwaling gedaan, en voor de ogen der vergadering verborgen is, dat de ganse vergadering een var, een jong rund, zal bereiden ten brandoffer, tot een liefelijken reuk den HEERE, met zijn spijsoffer en zijn drankoffer, naar de wijze; en een geitenbok ten zondoffer.

Vergelijkbare verzen (AI)

Deze verzen worden gevonden met AI-aangedreven semantische overeenkomst op basis van betekenis en context. Resultaten kunnen soms onverwachte verbanden bevatten.

  • 5En een geitenbok ten zondoffer, om over ulieden verzoening te doen;

  • 22Daarna een bok ten zondoffer, om over ulieden verzoening te doen.

  • Num 7:27-28
    2 verzen
    90%

    27Een var, een jong rund, een ram, een lam, dat eenjarig was, ten brandoffer;

    28Een geitenbok, ten zondoffer;

  • 11Een geitenbok ten zondoffer, behalve het zondoffer der verzoeningen, en het gedurig brandoffer; en zijn spijsoffer, met hun drankofferen.

  • Num 7:21-22
    2 verzen
    87%

    21Een var, een jong rund, een ram, een lam, dat eenjarig was, ten brandoffer;

    22Een geitenbok, ten zondoffer;

  • Num 7:51-52
    2 verzen
    87%

    51Een var, een jong rund, een ram, een lam, dat eenjarig was, ten brandoffer;

    52Een geitenbok, ten zondoffer;

  • Num 7:57-58
    2 verzen
    87%

    57Een var, een jong rund, een ram, een lam, dat eenjarig was, ten brandoffer;

    58Een geitenbok, ten zondoffer;

  • Num 7:33-34
    2 verzen
    87%

    33Een var, een jong rund, een ram, een lam, dat eenjarig was, ten brandoffer;

    34Een geitenbok, ten zondoffer;

  • Num 7:39-40
    2 verzen
    87%

    39Een var, een jong rund, een ram, een lam, dat eenjarig was, ten brandoffer;

    40Een geitenbok, ten zondoffer;

  • Num 7:45-46
    2 verzen
    87%

    45Een var, een jong rund, een ram, een lam, dat eenjarig was, ten brandoffer;

    46Een geitenbok, ten zondoffer;

  • Num 7:81-82
    2 verzen
    87%

    81Een var, een jong rund, een ram, een lam, dat eenjarig was, ten brandoffer;

    82Een geitenbok, ten zondoffer;

  • 15Daartoe zal een geitenbok ten zondoffer den HEERE, boven het gedurige brandoffer, bereid worden, met zijn drankoffer.

  • Num 7:69-70
    2 verzen
    86%

    69Een var, een jong rund, een ram, een lam, dat eenjarig was, ten brandoffer;

    70Een geitenbok, ten zondoffer;

  • 19En een geitenbok ten zondoffer; behalve het gedurig brandoffer, en zijn spijsoffer, met hun drankofferen.

  • 16En een geitenbok ten zondoffer; behalve het gedurig brandoffer, zijn spijsoffer, en zijn drankoffer.

  • Num 7:75-76
    2 verzen
    86%

    75Een var, een jong rund, een ram, een lam, dat eenjarig was, ten brandoffer;

    76Een geitenbok, ten zondoffer;

  • Num 7:15-16
    2 verzen
    86%

    15Een var, een jong rund, een ram, een lam, dat eenjarig was, ten brandoffer;

    16Een geitenbok, ten zondoffer;

  • 64Een geitenbok, ten zondoffer;

  • 28En een bok ten zondoffer; behalve het gedurig brandoffer, en zijn spijsoffer, en zijn drankoffer.

  • 25En een geitenbok ten zondoffer; behalve het gedurig brandoffer, zijn spijsoffer, en zijn drankoffer.

  • 31En een bok ten zondoffer; behalve het gedurig brandoffer, zijn spijsoffer, en zijn drankofferen.

  • 34En een bok ten zondoffer; behalve het gedurig brandoffer, zijn spijsoffer, en zijn drankoffer.

  • 22En een bok ten zondoffer; behalve het gedurig brandoffer, en zijn spijsoffer, en zijn drankoffer.

  • 38En een bok ten zondoffer; behalve het gedurig brandoffer, en zijn spijsoffer, en zijn drankoffer.

  • 3Daarna spreek tot de kinderen Israels, zeggende: Neemt een geitenbok ten zondoffer, en een kalf, en een lam, eenjarig, volkomen, ten brandoffer;

  • 19Ook zult gij een geitenbok ten zondoffer, en twee eenjarige lammeren ten dankoffer bereiden.

  • 5En aan de vergadering der kinderen Israels zal hij nemen twee geitenbokken ten zondoffer, en een ram ten brandoffer.

  • 25Zeven dagen zult gij dagelijks een bok des zondoffers bereiden; ook zullen zij een var, een jong rund, en een ram van de kudde, beide volkomen bereiden.

  • 11Alzo zal gedaan worden met den enen os, of met den enen ram, of met het klein vee, van de lammeren, of van de geiten.

  • 28Of men zijn zonde, die hij gezondigd heeft, aan hem zal bekend gemaakt hebben; zo zal hij tot zijn offerande brengen een jonge geit, een volkomen wijfje, voor zijn zonde, die hij gezondigd heeft.

  • 10Maar de bok, op denwelken het lot zal gekomen zijn, om een weggaande bok te zijn, zal levend voor het aangezicht des HEEREN gesteld worden, om door hem verzoening te doen; opdat men hem als een weggaanden bok naar de woestijn uitlate.

  • 6En tot zijn schuldoffer den HEERE voor zijn zonde, die hij gezondigd heeft, brengen zal een wijfje van klein vee, een lam of een jonge geit, voor de zonde; zo zal de priester voor hem vanwege zijn zonde verzoening doen.

  • 10En indien zijn offerande is van klein vee, van schapen of van geiten, ten brandoffer, zal hij een volkomen mannetje offeren.

  • 22En op den tweeden dag zult gij een volkomen geitenbok offeren ten zondoffer; en zij zullen het altaar ontzondigen, gelijk als zij dat ontzondigd hebben met den var.

  • 23Of men zijn zonde, die hij daartegen gezondigd heeft, aan hem zal bekend gemaakt hebben; zo zal hij tot zijn offer brengen een geitenbok, een volkomen mannetje.

  • 31Behalve het gedurig brandoffer, en zijn spijsoffer, zult gij ze bereiden; zij zullen u volkomen zijn met hun drankofferen.

  • 19Het zal naar uw welgevallen zijn, een volkomen mannetje, van de runderen, van de lammeren, of van de geiten.

  • 20Als hij nu zal geeindigd hebben van het heilige, en de tent der samenkomst, en het altaar te verzoenen, zo zal hij dien levenden bok toebrengen.