Numeri 7:29

Statenvertaling (States Bible)

En ten dankoffer: twee runderen, vijf rammen, vijf bokken, vijf eenjarige lammeren. Dit was de offerande van Eliab, den zoon van Helon.

Aanvullende bronnen

Vergelijkbare verzen (AI)

Deze verzen worden gevonden met AI-aangedreven semantische overeenkomst op basis van betekenis en context. Resultaten kunnen soms onverwachte verbanden bevatten.

  • Num 7:45-48
    4 verzen
    89%

    45Een var, een jong rund, een ram, een lam, dat eenjarig was, ten brandoffer;

    46Een geitenbok, ten zondoffer;

    47En ten dankoffer: twee runderen, vijf rammen, vijf bokken, vijf eenjarige lammeren. Dit was de offerande van Eljasaf, den zoon van Dehuel.

    48Op den zevenden dag offerde de overste der kinderen van Efraim, Elisama, den zoon van Ammihud.

  • Num 7:33-35
    3 verzen
    89%

    33Een var, een jong rund, een ram, een lam, dat eenjarig was, ten brandoffer;

    34Een geitenbok, ten zondoffer;

    35En ten dankoffer: twee runderen, vijf rammen, vijf bokken, vijf eenjarige lammeren. Dit was de offerande van Elizur, den zoon van Sedeur.

  • Num 7:51-53
    3 verzen
    88%

    51Een var, een jong rund, een ram, een lam, dat eenjarig was, ten brandoffer;

    52Een geitenbok, ten zondoffer;

    53En ten dankoffer: twee runderen, vijf rammen, vijf bokken, vijf eenjarige lammeren. Dit was de offerande van Elisama, den zoon van Ammihud.

  • Num 7:39-42
    4 verzen
    88%

    39Een var, een jong rund, een ram, een lam, dat eenjarig was, ten brandoffer;

    40Een geitenbok, ten zondoffer;

    41En ten dankoffer: twee runderen, vijf rammen, vijf bokken, vijf eenjarige lammeren. Dit was de offerande van Selumiel, den zoon van Zurisaddai.

    42Op den zesden dag offerde de overste der kinderen van Gad, Eljasaf, den zoon van Dehuel.

  • Num 7:21-24
    4 verzen
    87%

    21Een var, een jong rund, een ram, een lam, dat eenjarig was, ten brandoffer;

    22Een geitenbok, ten zondoffer;

    23En ten dankoffer: twee runderen, vijf rammen, vijf bokken, vijf eenjarige lammeren. Dit was de offerande van Nethaneel, den zoon van Zuar.

    24Op den derden dag offerde de overste der zonen van Zebulon, Eliab, de zoon van Helon.

  • Num 7:69-71
    3 verzen
    87%

    69Een var, een jong rund, een ram, een lam, dat eenjarig was, ten brandoffer;

    70Een geitenbok, ten zondoffer;

    71En ten dankoffer: twee runderen, vijf rammen, vijf bokken, vijf eenjarige lammeren. Dit was de offerande van Ahiezer, den zoon van Ammisaddai.

  • Num 7:75-77
    3 verzen
    85%

    75Een var, een jong rund, een ram, een lam, dat eenjarig was, ten brandoffer;

    76Een geitenbok, ten zondoffer;

    77En ten dankoffer: twee runderen, vijf rammen, vijf bokken, vijf eenjarige lammeren. Dit was de offerande van Pagiel, den zoon van Ochran.

  • Num 7:81-83
    3 verzen
    84%

    81Een var, een jong rund, een ram, een lam, dat eenjarig was, ten brandoffer;

    82Een geitenbok, ten zondoffer;

    83En ten dankoffer: twee runderen, vijf rammen, vijf bokken, vijf eenjarige lammeren. Dit was de offerande van Ahira, den zoon van Enan.

  • 59En ten dankoffer: twee runderen, vijf rammen, vijf bokken, vijf eenjarige lammeren. Dit was de offerande van Gamaliel, den zoon van Pedazur.

  • 65En ten dankoffer: twee runderen, vijf rammen, vijf bokken, vijf eenjarige lammeren. Dit was de offerande van Abidan, den zoon van Gideoni.

  • 17En ten dankoffer: twee runderen, vijf rammen, vijf bokken, vijf eenjarige lammeren. Dit was de offerande van Nahesson, den zoon van Amminadab.

  • 30Op den vierden dag offerde de overste der kinderen van Ruben, Elizur, de zoon van Sedeur.

  • Num 7:27-28
    2 verzen
    80%

    27Een var, een jong rund, een ram, een lam, dat eenjarig was, ten brandoffer;

    28Een geitenbok, ten zondoffer;

  • 15Een var, een jong rund, een ram, een lam, dat eenjarig was, ten brandoffer;

  • 87Al de runderen ten brandoffer waren twaalf varren, twaalf rammen, twaalf eenjarige lammeren, met hun spijsoffer; en twaalf geitenbokken ten zondoffer.

  • 32En op den zevenden dag: zeven varren, twee rammen, veertien volkomen eenjarige lammeren;

  • 2Dan zult gij een brandoffer, ten liefelijken reuk, den HEERE bereiden: een jongen var, een ram, zeven volkomen eenjarige lammeren;

  • 57Een var, een jong rund, een ram, een lam, dat eenjarig was, ten brandoffer;

  • 26En op den vijfden dag: negen varren, twee rammen, en veertien volkomen eenjarige lammeren;

  • 23Verder op den vierden dag: tien varren, twee rammen, veertien volkomen eenjarige lammeren;

  • 27Dan zult gij den HEERE een brandoffer ten liefelijken reuk offeren: twee jonge varren, een ram, zeven eenjarige lammeren;

  • 17Daarna op den tweeden dag: twaalf jonge varren, twee rammen, veertien volkomen eenjarige lammeren;

  • 14Hij dan zal tot zijn offerande den HEERE offeren een volkomen eenjarig lam ten brandoffer, en een volkomen eenjarig ooilam ten zondoffer, en een volkomen ram ten dankoffer.

  • 36En gij zult een brandoffer ten vuuroffer offeren, ten liefelijken reuk den HEERE; een var, een ram, zeven volkomen eenjarige lammeren;

  • 19Ook zult gij een geitenbok ten zondoffer, en twee eenjarige lammeren ten dankoffer bereiden.

  • 19Maar gij zult een vuuroffer ten brandoffer den HEERE offeren: twee jonge varren, en een ram, daartoe zeven eenjarige lammeren; volkomen zullen zij u zijn.

  • 29Daarna op den zesden dag: acht varren, twee rammen, veertien volkomen eenjarige lammeren;

  • 20En op den dertienden dag: elf varren, twee rammen, veertien volkomen eenjarige lammeren;

  • 13En gij zult een brandoffer ten vuuroffer offeren, ten liefelijken reuk den HEERE: dertien jonge varren, twee rammen, veertien eenjarige lammeren; zij zullen volkomen zijn;