Psalmen 115:1

Statenvertaling (States Bible)

Niet ons, o HEERE! niet ons, maar Uw Naam geef eer, om Uwer goedertierenheid, om Uwer waarheid wil.

Aanvullende bronnen

Gerefereerde verzen

  • Ps 79:9-9 : 9 Help ons, o God onzes heils! ter oorzake van de eer Uws Naams; en red ons, en doe verzoening over onze zonden, om Uws Naams wil. 10 Waarom zouden de heidenen zeggen: Waar is hun God? Laat de wraak des vergoten bloeds Uwer knechten onder de heidenen voor onze ogen bekend worden.
  • Jes 48:11 : 11 Om Mijnentwil, om Mijnentwil zal Ik het doen, want hoe zou Hij ontheiligd worden? en Ik zal Mijn eer aan geen ander geven.
  • Ezech 36:22 : 22 Daarom zeg tot het huis Israels: Zo zegt de Heere HEERE: Ik doe het niet om uwentwil, gij huis Israels! maar om Mijn heiligen Naam, dien gijlieden ontheiligd hebt onder de heidenen, waarhenen gij gekomen zijt.
  • Ezech 36:32 : 32 Ik doe het niet om uwentwil, spreekt de Heere HEERE, het zij u bekend! Schaamt u en wordt schaamrood van uw wegen, gij huis Israels!
  • Dan 9:19 : 19 O Heere, hoor! o Heere, vergeef! o Heere, merk op en doe het, vertraag het niet! Om Uws Zelfs wil, o mijn God! Want Uw stad, en Uw volk is naar Uw Naam genoemd.
  • Ezech 20:14 : 14 Maar Ik deed het om Mijns Naams wil, opdat die niet ontheiligd werd voor de ogen van die heidenen, voor welker ogen Ik hen uitvoerde.
  • Ps 96:8 : 8 Geeft den HEERE de eer Zijns Naams; brengt offer, en komt in Zijn voorhoven.
  • Micha 7:20 : 20 Gij zult Jakob de trouw, Abraham de goedertierenheid geven, die Gij onzen vaderen van oude dagen af gezworen hebt.
  • Rom 15:8-9 : 8 En ik zeg, dat Jezus Christus een dienaar geworden is der besnijdenis, vanwege de waarheid Gods, opdat Hij bevestigen zou de beloftenissen der vaderen; 9 En de heidenen God vanwege de barmhartigheid zouden verheerlijken; gelijk geschreven is: Daarom zal ik U belijden onder de heidenen, en Uw Naam lofzingen.
  • Ef 1:6 : 6 Tot prijs der heerlijkheid Zijner genade, door welke Hij ons begenadigd heeft in den Geliefde;
  • Opb 4:10-11 : 10 Zo vielen de vier en twintig ouderlingen voor Hem, Die op den troon zat, en aanbaden Hem, Die leeft in alle eeuwigheid, en wierpen hun kronen voor den troon, zeggende: 11 Gij Heere, zijt waardig te ontvangen de heerlijkheid, en de eer, en de kracht; want Gij hebt alle dingen geschapen, en door Uw wil zijn zij, en zijn zij geschapen.
  • Ps 89:1-2 : 1 Een onderwijzing van Ethan, den Ezrahiet. 2 Ik zal de goedertierenheid des HEEREN eeuwiglijk zingen; ik zal Uw waarheid met mijn mond bekend maken, van geslacht tot geslacht.
  • Joz 7:9 : 9 Als het de Kanaanieten, en alle inwoners des lands horen zullen, zo zullen zij ons omsingelen, en onzen naam uitroeien van de aarde; wat zult Gij dan Uw groten Naam doen?
  • Ps 61:7 : 7 Gij zult dagen tot des konings dagen toedoen; zijn jaren zullen zijn als van geslacht tot geslacht;
  • Ps 74:22 : 22 Sta op, o God! twist Uw twistzaak; gedenk der smaadheid, die U van den dwaze wedervaart den gansen dag.

Vergelijkbare verzen (AI)

Deze verzen worden gevonden met AI-aangedreven semantische overeenkomst op basis van betekenis en context. Resultaten kunnen soms onverwachte verbanden bevatten.

  • 2Waarom zouden de heidenen zeggen: Waar is nu hun God?

  • 1Voor den opperzangmeester, Altascheth; een psalm, een lied, voor Asaf.

  • Ps 117:1-2
    2 verzen
    76%

    1Looft den HEERE, alle heidenen; prijst Hem, alle natien!

    2Want Zijn goedertierenheid is geweldig over ons, en de waarheid des HEEREN is in der eeuwigheid! Hallelujah!

  • 76%

    1Een psalm van David, voor den opperzangmeester, op de Gitthith.

  • 35En zegt: Verlos ons, o God onzes heils, en verzamel ons, en red ons van de heidenen, dat wij Uw heiligen Naam loven, en dat wij ons Uws lofs roemen.

  • Ps 29:1-2
    2 verzen
    76%

    1Een psalm van David. Geeft den HEERE, gij kinderen der machtigen! geeft den HEERE eer en sterkte.

    2Geeft den HEERE de eer Zijns Naams, aanbidt den HEERE in de heerlijkheid des heiligdoms.

  • 76%

    13Nu dan, onze God, wij danken U, en loven den Naam Uwer heerlijkheid.

    14Want wie ben ik, en wat is mijn volk, dat wij de macht zouden verkregen hebben, om vrijwillig te geven als dit is? Want het is alles van U, en wij geven het U uit Uw hand.

  • 47Verlos ons, HEERE, onze God! en verzamel ons uit de heidenen, opdat wij den Naam Uwer heiligheid loven, ons beroemende in Uw lof.

  • 9Help ons, o God onzes heils! ter oorzake van de eer Uws Naams; en red ons, en doe verzoening over onze zonden, om Uws Naams wil.

  • Ps 113:1-4
    4 verzen
    74%

    1Hallelujah! Looft, gij knechten des HEEREN! looft den Naam des HEEREN.

    2De Naam des HEEREN zij geprezen, van nu aan tot in der eeuwigheid.

    3Van den opgang der zon af tot haar nedergang, zij de Naam des HEEREN geloofd.

    4De HEERE is hoog boven alle heidenen, boven de hemelen is Zijn heerlijkheid.

  • 13HEERE, onze God! andere heren, behalve Gij, hebben over ons geheerst; doch door U alleen gedenken wij Uws Naams.

  • 1Looft den HEERE, roept Zijn Naam aan, maakt Zijn daden bekend onder de volken.

  • 28Geeft den HEERE, gij, geslachten der volken, geeft den HEERE eer en sterkte.

  • 4Gaat in tot Zijn poorten met lof, in Zijn voorhoven met lofgezang; looft Hem, prijst Zijn Naam.

  • 18Maar wij zullen den HEERE loven van nu aan tot in der eeuwigheid. Hallelujah!

  • 29Loof den HEERE, want Hij is goed; want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid.

  • 11Uw, o HEERE, is de grootheid, en de macht, en de heerlijkheid, en de overwinning, en de majesteit; want alles, wat in den hemel en op aarde is, is Uw: Uw, o HEERE, is het Koninkrijk, en Gij hebt U verhoogd tot een Hoofd boven alles.

  • 1HEERE! Gij zijt mijn God, U zal ik verhogen, Uw Naam zal ik loven, want Gij hebt wonder gedaan; Uw raadslagen van verre zijn waarheid en vastigheid.

  • Ps 108:4-5
    2 verzen
    73%

    4Ik zal U loven onder de volken, o HEERE! en ik zal U psalmzingen onder de natien.

    5Want Uw goedertierenheid is groot tot boven de hemelen, en Uw waarheid tot aan de bovenste wolken.

  • 73%

    9Het gevogelte des hemels, en de vissen der zee; hetgeen de paden der zeeen doorwandelt. [ (Psalms 8:10) O HEERE, onze Heere! hoe heerlijk is Uw Naam op de ganse aarde! ]

  • 1Hallelujah! Looft den HEERE, want Hij is goed, want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid.

  • 2Psalmzingt de eer Zijns Naams; geeft eer Zijn lof.

  • Ps 96:7-8
    2 verzen
    72%

    7Geeft den HEERE, gij geslachten der volken! geeft den HEERE eer en sterkte.

    8Geeft den HEERE de eer Zijns Naams; brengt offer, en komt in Zijn voorhoven.

  • 2Ik zal mij nederbuigen naar het paleis Uwer heiligheid, en ik zal Uw Naam loven, om Uw goedertierenheid en om Uw waarheid; want Gij hebt vanwege Uw gansen Naam Uw woord groot gemaakt.

  • 11Lamed. Om Uws Naams wil, HEERE! zo vergeef mijn ongerechtigheid, want die is groot.

  • 1Een psalm, een lied, op den sabbatdag.

  • 7Zult Gij ons niet weder levend maken, opdat Uw volk zich in U verblijde?

  • 16HEERE, onze God, al deze menigte, die wij bereid hebben om U een huis te bouwen, den Naam Uwer heiligheid, dat is van Uw hand, en het is alles Uw.

  • 1Hallelujah! Prijst den Naam des HEEREN, prijst Hem, gij knechten des HEEREN!

  • 3Want ik zal den Naam des HEEREN uitroepen; geeft onzen God grootheid!

  • 1Looft den HEERE, want Hij is goed; want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid.

  • 5De HEERE is genadig en rechtvaardig, en onze God is ontfermende.

  • 1Looft den HEERE, want onzen God te psalmzingen is goed, dewijl Hij liefelijk is; de lof is betamelijk.

  • 3Gimel. De HEERE is groot en zeer te prijzen, en Zijn grootheid is ondoorgrondelijk.

  • 12Gij hebt mij mijn weeklage veranderd in een rei; Gij hebt mijn zak ontbonden, en mij met blijdschap omgord; [ (Psalms 30:13) Opdat mijn eer U psalmzinge, en niet zwijge. HEERE, mijn God! in eeuwigheid zal ik U loven. ]

  • 11Want Uw goedertierenheid is groot tot aan de hemelen, en Uw waarheid tot aan de bovenste wolken. [ (Psalms 57:12) Verhef U boven de hemelen, o God! Uw eer zij over de ganse aarde. ]

  • 1Looft den HEERE, want Hij is goed; want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid;

  • 9Bij den Heere, onzen God, zijn de barmhartigheden en vergevingen, alhoewel wij tegen Hem gerebelleerd hebben.

  • 1Looft den HEERE, want Hij is goed; want Zijn goedertierenheid is in der eeuwigheid.

  • 9Al de heidenen, Heere! die Gij gemaakt hebt, zullen komen, en zullen zich voor Uw aanschijn nederbuigen, en Uw Naam eren.

  • 8Looft den HEERE, roept Zijn Naam aan, maakt Zijn daden bekend onder de volken.

  • 22Uw goedertierenheid, HEERE! zij over ons; gelijk als wij op U hopen.