Psalmen 13:5

Statenvertaling (States Bible)

Opdat niet mijn vijand zegge: Ik heb hem overmocht; mijn tegenpartijders zich verheugen, wanneer ik zou wankelen.

Aanvullende bronnen

Gerefereerde verzen

  • Ps 9:14 : 14 Wees mij genadig, HEERE, zie mijn ellende aan, van mijn haters mij aangedaan, Gij, Die mij verhoogt uit de poorten des doods;
  • Ps 52:8 : 8 En de rechtvaardigen zullen het zien, en vrezen; en zij zullen over hem lachen, zeggende:
  • Hab 3:18 : 18 Zo zal ik nochtans in den HEERE van vreugde opspringen, ik zal mij verheugen in den God mijns heils.
  • Luk 1:47 : 47 En mijn geest verheugt zich in God, mijn Zaligmaker;
  • Luk 2:20 : 20 En de herders keerde wederom, verheerlijkende en prijzende God over alles, wat zij gehoord en gezien hadden, gelijk tot hen gesproken was.
  • Jud 1:21 : 21 Bewaart uzelven in de liefde Gods, verwachtende de barmhartigheid van onzen Heere Jezus Christus ten eeuwigen leven.
  • 1 Sam 2:1 : 1 Toen bad Hanna en zeide: Mijn hart springt van vreugde op in den HEERE; mijn hoorn is verhoogd in den HEERE; mijn mond is wijd opengedaan over mijn vijanden; want ik verheug mij in Uw heil.
  • Ps 119:81 : 81 Caph. Mijn ziel is bezweken van verlangen naar Uw heil; op Uw woord heb ik gehoopt.
  • Ps 147:11 : 11 De HEERE heeft een welgevallen aan hen, die Hem vrezen, die op Zijn goedertierenheid hopen.
  • Jes 12:2 : 2 Ziet, God is mijn Heil, ik zal vertrouwen en niet vrezen; want de Heere HEERE is mijn Sterkte en mijn Psalm, en Hij is mij tot Heil geworden.
  • Ps 32:10 : 10 De goddeloze heeft veel smarten, maar die op den HEERE vertrouwt, dien zal de goedertierenheid omringen.
  • Ps 33:18 : 18 Ziet, des HEEREN oog is over degenen, die Hem vrezen, op degenen, die op Zijn goedertierenheid hopen.
  • Ps 33:21-22 : 21 Want ons hart is in Hem verblijd, omdat wij op den Naam Zijner heiligheid vertrouwen. 22 Uw goedertierenheid, HEERE! zij over ons; gelijk als wij op U hopen.
  • Ps 36:7 : 7 Uw gerechtigheid is als de bergen Gods; Uw oordelen zijn een grote afgrond; HEERE! Gij behoudt mensen en beesten.
  • Ps 43:4-5 : 4 En dat ik inga tot Gods altaar, tot den God der blijdschap mijner verheuging, en U met de harp love, o God, mijn God! 5 Wat buigt gij u neder, o mijn ziel! en wat zijt gij onrustig in mij? Hoop op God, want ik zal Hem nog loven; Hij is de menigvuldige Verlossing mijns aangezichts, en mijn God.
  • Ps 51:12 : 12 Schep mij een rein hart, o God! en vernieuw in het binnenste van mij een vasten geest.

Vergelijkbare verzen (AI)

Deze verzen worden gevonden met AI-aangedreven semantische overeenkomst op basis van betekenis en context. Resultaten kunnen soms onverwachte verbanden bevatten.

  • 9Zo zal mijn ziel zich verheugen in den HEERE; zij zal vrolijk zijn in Zijn heil.

  • 7Ik haat degenen, die op valse ijdelheden acht nemen, en ik betrouw op den HEERE.

  • Ps 33:21-22
    2 verzen
    80%

    21Want ons hart is in Hem verblijd, omdat wij op den Naam Zijner heiligheid vertrouwen.

    22Uw goedertierenheid, HEERE! zij over ons; gelijk als wij op U hopen.

  • 7De HEERE is mijn Sterkte en mijn Schild; op Hem heeft mijn hart vertrouwd, en ik ben geholpen; dies springt mijn hart van vreugde, en ik zal Hem met mijn gezang loven.

  • 4Aanschouw, verhoor mij, HEERE, mijn God; verlicht mijn ogen, opdat ik in de dood niet ontslape;

  • Ps 31:14-16
    3 verzen
    78%

    14Want ik hoorde de naspraak van velen; vreze is van rondom, dewijl zij te zamen tegen mij raadslaan; zij denken mijn ziel te nemen.

    15Maar ik vertrouw op U, o HEERE! Ik zeg: Gij zijt mijn God.

    16Mijn tijden zijn in Uw hand; red mij van de hand mijner vijanden, en van mijn vervolgers.

  • 14Wees mij genadig, HEERE, zie mijn ellende aan, van mijn haters mij aangedaan, Gij, Die mij verhoogt uit de poorten des doods;

  • 6Maar ik vertrouw op Uw goedertierenheid; mijn hart zal zich verheugen in Uw heil; ik zal den HEERE zingen, omdat Hij aan mij welgedaan heeft.

  • 1Een psalm van David, voor den opperzangmeester.

  • 18Zo zal ik nochtans in den HEERE van vreugde opspringen, ik zal mij verheugen in den God mijns heils.

  • 2Ziet, God is mijn Heil, ik zal vertrouwen en niet vrezen; want de Heere HEERE is mijn Sterkte en mijn Psalm, en Hij is mij tot Heil geworden.

  • 21Ik zal U loven, omdat Gij mij verhoord hebt, en mij tot heil geweest zijt.

  • Ps 119:41-42
    2 verzen
    76%

    41Vau. En dat mij Uw goedertierenheden overkomen, o HEERE! Uw heil, naar Uw toezegging;

    42Opdat ik mijn smader wat heb te antwoorden, want ik vertrouw op Uw woord.

  • 13Die in de poort zitten, klappen van mij; en ik ben een snarenspel dergenen, die sterken drank drinken.

  • 11In God zal ik het woord prijzen; in den HEERE zal ik het woord prijzen.

  • 14De HEERE is mijn Sterkte en Psalm, want Hij is mij tot heil geweest.

  • 26Help mij, HEERE, mijn God! verlos mij naar Uw goedertierenheid.

  • 16Laat hen zelfs omzwerven om spijs; en laat hen vernachten, al zijn zij niet verzadigd.

  • 75%

    1Davids Schiggajon, dat hij den HEERE gezongen heeft, over de woorden van Cusch, den zoon van Jemini.

  • 11Verklaar hen schuldig, o God; laat hen vervallen van hun raadslagen; drijf hen henen om de veelheid hunner overtredingen, want zij zijn wederspannig tegen U.

  • 2 Sam 22:3-4
    2 verzen
    74%

    3God is mijn Rots, ik zal op Hem betrouwen; mijn Schild en de Hoorn mijns heils, mijn Hoog Vertrek en mijn Toevlucht, mijn Verlosser! Van geweld hebt Gij mij verlost!

    4Ik riep den HEERE aan, Die te prijzen is, en ik werd verlost van mijn vijanden.

  • 166O HEERE! ik hoop op Uw heil, en doe Uw geboden.

  • Ps 56:3-4
    2 verzen
    74%

    3Mijn verspieders zoeken mij den gansen dag op te slokken; want ik heb veel bestrijders, o Allerhoogste!

    4Ten dage, als ik zal vrezen, zal ik op U vertrouwen.

  • 23Mijn lippen zullen juichen, wanneer ik U zal psalmzingen, en mijn ziel, die Gij verlost hebt.

  • 1Toen bad Hanna en zeide: Mijn hart springt van vreugde op in den HEERE; mijn hoorn is verhoogd in den HEERE; mijn mond is wijd opengedaan over mijn vijanden; want ik verheug mij in Uw heil.

  • 7Zij hebben een net bereid voor mijn gangen, mijn ziel was nedergebukt; zij hebben een kuil voor mijn aangezicht gegraven; zij zijn er midden in gevallen. Sela.

  • 1Een gouden kleinood van David. Bewaar mij, o God! want ik betrouw op U.

  • 1Een psalm van David, voor den opperzangmeester.

  • 174O HEERE! ik verlang naar Uw heil, en Uw wet is al mijn vermaking.

  • 5Ik verwacht den HEERE; mijn ziel verwacht, en ik hoop op Zijn Woord.

  • 81Caph. Mijn ziel is bezweken van verlangen naar Uw heil; op Uw woord heb ik gehoopt.

  • 9Daarom is mijn hart verblijd, en mijn eer verheugt zich; ook zal mijn vlees zeker wonen.

  • 13Want Uw goedertierenheid is groot over mij; en Gij hebt mijn ziel uit het onderste des grafs uitgerukt.

  • Ps 18:2-3
    2 verzen
    73%

    2Hij zeide dan: Ik zal U hartelijk liefhebben, HEERE, mijn Sterkte!

    3De HEERE is mijn Steenrots, en mijn Burg, en mijn Uithelper; mijn God, mijn Rots, op Welken ik betrouw; mijn Schild, en de Hoorn mijns heils, mijn Hoog Vertrek.

  • 7Maak Uw weldadigheden wonderbaar, Gij, Die verlost degenen, die op U betrouwen, van degenen, die tegen Uw rechterhand opstaan!

  • 7Als ik Uwer gedenk op mijn legerstede, zo peins ik aan U in de nachtwaken.

  • 2Beth. Mijn God! op U vertrouw ik; laat mij niet beschaamd worden; laat mijn vijanden niet van vreugde opspringen over mij.

  • 11Maar Gij, o HEERE! wees mij genadig, en richt mij op; en ik zal het hun vergelden.

  • 6Ook nu zal mijn hoofd verhoogd worden boven mijn vijanden, die rondom mij zijn, en ik zal in Zijn tent offeranden des geklanks offeren; ik zal zingen, ja, psalmzingen den HEERE.

  • 1Een psalm van David. De HEERE is mijn Licht en mijn Heil, voor wien zou ik vrezen? De HEERE is mijns levens kracht, voor wien zou ik vervaard zijn?

  • 5Doe mij uitgaan uit het net, dat zij voor mij verborgen hebben, want Gij zijt mijn Sterkte.

  • 14Geef mij weder de vreugde Uws heils; en de vrijmoedige geest ondersteune mij.

  • 26Daarom is mijn hart verblijd; en mijn tong verheugt zich; ja, ook mijn vlees zal rusten in hope;