Psalmen 74:19

Statenvertaling (States Bible)

Geef aan het wild gedierte de ziel Uwer tortelduif niet over; vergeet den hoop Uwer ellendigen niet in eeuwigheid.

Aanvullende bronnen

Gerefereerde verzen

  • Hoogl 2:14 : 14 Mijn duive, zijnde in de kloven der steenrotsen, in het verborgene ener steile plaats, toon Mij uw gedaante, doe Mij uw stem horen; want uw stem is zoet, en uw gedaante is liefelijk.
  • Ps 68:10 : 10 Gij hebt zeer milden regen doen druipen, o God! en Gij hebt Uw erfenis gesterkt, als zij mat was geworden.
  • Ps 68:13 : 13 De koningen der heirscharen vloden weg, zij vloden weg; en zij, die te huis bleef, deelde den roof uit.
  • Ps 72:2 : 2 Zo zal hij Uw volk richten met gerechtigheid, en Uw ellendigen met recht.
  • Ps 9:18 : 18 De goddelozen zullen terugkeren, naar de hel toe, alle godvergetende heidenen.
  • Hoogl 4:1 : 1 Zie, gij zijt schoon, Mijn vriendin! zie, gij zijt schoon; uw ogen zijn duiven ogen tussen uw vlechten; uw haar is als een kudde geiten, die het gras van den berg Gileads afscheren.
  • Hoogl 6:9 : 9 Een enige is Mijn duive, Mijn volmaakte, de enige harer moeder, zij is de zuivere dergenen, die haar gebaard heeft; als de dochters haar zien, zo zullen zij haar welgelukzalig roemen, de koninginnen en de bijwijven; en zij zullen haar prijzen.
  • Jes 60:8 : 8 Wie zijn deze, die daar komen gevlogen als een wolk, en als duiven tot haar vensters?
  • Zef 3:12 : 12 Maar Ik zal in het midden van u doen overblijven een ellendig en arm volk; die zullen op den Naam des HEEREN betrouwen.
  • Matt 10:16 : 16 Ziet, Ik zend u als schapen in het midden der wolven; zijt dan voorzichtig gelijk de slangen, en oprecht gelijk de duiven.
  • Jak 2:5-6 : 5 Hoort, mijn geliefde broeders, heeft God niet uitverkoren de armen dezer wereld, om rijk te zijn in het geloof, en erfgenamen des Koninkrijks, hetwelk Hij belooft dengenen, die Hem liefhebben? 6 Maar gij hebt den armen oneer aangedaan. Overweldigen u niet de rijken, en trekken zij u niet tot de rechterstoelen?

Vergelijkbare verzen (AI)

Deze verzen worden gevonden met AI-aangedreven semantische overeenkomst op basis van betekenis en context. Resultaten kunnen soms onverwachte verbanden bevatten.

  • Ps 74:20-23
    4 verzen
    76%

    20Aanschouw het verbond; want de duistere plaatsen des lands zijn vol woningen van geweld.

    21Laat den verdrukte niet beschaamd wederkeren; laat den ellendige en nooddruftige Uw Naam prijzen.

    22Sta op, o God! twist Uw twistzaak; gedenk der smaadheid, die U van den dwaze wedervaart den gansen dag.

    23Vergeet niet het geroep Uwer wederpartijders; het getier dergenen, die tegen U opstaan, klimt geduriglijk op.

  • 18Gedenk hieraan; de vijand heeft den HEERE gesmaad, en een dwaas volk heeft Uw Naam gelasterd.

  • Ps 9:17-18
    2 verzen
    72%

    17De HEERE is bekend geworden; Hij heeft recht gedaan; de goddeloze is verstrikt in het werk zijner handen! Higgajon, Sela.

    18De goddelozen zullen terugkeren, naar de hel toe, alle godvergetende heidenen.

  • Ps 10:11-12
    2 verzen
    71%

    11Hij zegt in zijn hart: God heeft het vergeten, Hij heeft Zijn aangezicht verborgen, Hij ziet niet in eeuwigheid.

    12Sta op, HEERE God! hef Uw hand op, vergeet de ellendigen niet.

  • Ps 74:1-2
    2 verzen
    70%

    1Een onderwijzing, voor Asaf. O God! waarom verstoot Gij in eeuwigheid? Waarom zou Uw toorn roken tegen de schapen Uwer weide?

    2Gedenk aan Uw vergadering, die Gij van ouds verworven hebt; de roede Uwer erfenis, die Gij verlost hebt; den berg Sion, waarop Gij gewoond hebt.

  • 12Psalmzingt den HEERE, Die te Sion woont; verkondigt onder de volken Zijn daden.

  • Ps 44:23-24
    2 verzen
    69%

    23Maar om Uwentwil worden wij den gansen dag gedood; wij worden geacht als slachtschapen.

    24Waak op, waarom zoudt Gij slapen, HEERE! Ontwaak, verstoot niet in eeuwigheid.

  • 153Resch. Zie mijn ellende aan, en help mij uit, want Uw wet heb ik niet vergeten.

  • 22Verstaat dit toch, gij godvergetenden! opdat Ik niet verscheure en niemand redde.

  • 10Gij hebt zeer milden regen doen druipen, o God! en Gij hebt Uw erfenis gesterkt, als zij mat was geworden.

  • 20Waarom zoudt Gij ons steeds vergeten? Waarom zoudt Gij ons zo langen tijd verlaten?

  • 4Verlost den arme en den behoeftige, rukt hem uit der goddelozen hand.

  • 14Gelijk een kraan of zwaluw, alzo piepte ik; ik kirde als een duif; mijn ogen verhieven zich omhoog; o HEERE! ik word onderdrukt, wees Gij mijn Borg.

  • 16Omdat hij niet gedacht heeft weldadigheid te doen, maar heeft den ellendigen en den nooddruftigen man vervolgd, en den verslagene van hart, om hem te doden.

  • 8Gedenk ons de vorige misdaden niet; haast U, laat Uw barmhartigheden ons voorkomen; want wij zijn zeer dun geworden.

  • 11De God mijner goedertierenheid zal mij voorkomen; God zal mij op mijn verspieders doen zien.

  • 17Vau. En Gij hebt mijn ziel verre van den vrede verstoten, ik heb het goede vergeten.

  • 11Uw gerechtigheid bedek ik niet in het midden mijns harten; Uw waarheid en Uw heil spreek ik uit; Uw weldadigheid en Uw trouw verheel ik niet in de grote gemeente.

  • Ps 41:1-2
    2 verzen
    66%

    1Een psalm van David, voor den opperzangmeester.

    2Welgelukzalig is hij, die zich verstandiglijk gedraagt jegens een ellendige; de HEERE zal hem bevrijden ten dage des kwaads.

  • 17Om de stem des honers en des lasteraars, vanwege den vijand en den wraakgierige.

  • 21Versmaad ons niet, om Uws Naams wil; werp den troon Uwer heerlijkheid niet neder; gedenk, vernietig niet Uw verbond met ons.

  • 9Houdt Zijn goedertierenheid in eeuwigheid op? Heeft de toezegging een einde, van geslacht tot geslacht?

  • 6Gij zult het recht uws armen niet buigen in zijn twistige zaak.

  • 17Verhoor mij, o HEERE, want Uw goedertierenheid is goed; zie mij aan naar de grootheid Uwer barmhartigheden.

  • 11Red degenen, die ter dood gegrepen zijn; want zij wankelen ter doding, zo gij u onthoudt.

  • 49Wat man leeft er, die den dood niet zien zal, die zijn ziel zal bevrijden van het geweld des grafs? Sela.

  • Ps 124:6-7
    2 verzen
    66%

    6De HEERE zij geloofd, Die ons in hun tanden niet heeft overgegeven tot een roof.

    7Onze ziel is ontkomen, als een vogel uit den strik der vogelvangers; de strik is gebroken, en wij zijn ontkomen.

  • 7Cheth. Gedenk niet der zonden mijner jonkheid, noch mijner overtredingen; gedenk mijner naar Uw goedertierenheid, om Uwer goedheid wil, o HEERE!

  • 13Zingt den HEERE, prijst den HEERE; want Hij heeft de ziel des nooddruftigen uit de hand der boosdoeners verlost.

  • 1Een psalm van David, voor den opperzangmeester.

  • 13Hij zal den arme en nooddruftige verschonen, en de zielen der nooddruftigen verlossen.

  • 19Ons hart is niet achterwaarts gekeerd, noch onze gang geweken van Uw pad.

  • 21En die kwaad voor goed vergelden, staan mij tegen, omdat ik het goede najaag.

  • 14O God! de hovaardigen staan tegen mij op, en de vergaderingen der tirannen zoeken mijn ziel; en zij stellen U niet voor hun ogen.

  • 17HEERE! hoe lang zult Gij toezien? Breng mijn ziel weder van hunlieder verwoestingen, mijn eenzame van de jonge leeuwen.

  • 11Laat het gekerm der gevangenen voor Uw aanschijn komen; behoud overig de kinderen des doods, naar de grootheid Uws arms.

  • 6Gijlieden beschaamt den raad des ellendigen, omdat de HEERE zijn Toevlucht is.

  • 33De zachtmoedigen, dit gezien hebbende, zullen zich verblijden; en gij, die God zoekt, ulieder hart zal leven.

  • 9Verwerp mij niet in den tijd des ouderdoms; verlaat mij niet, terwijl mijn kracht vergaat.

  • 14Doch Sion zegt: De HEERE heeft mij verlaten, en de HEERE heeft mij vergeten.

  • 5Red u, als een ree uit de hand des jagers, en als een vogel uit de hand des vogelvangers.