1 Kronieken 16:14

Statenvertaling (States Bible)

Hij is de HEERE, onze God; Zijn oordelen zijn over de gehele aarde.

Aanvullende bronnen

Gerefereerde verzen

  • Ex 15:2 : 2 De HEERE is mijn Kracht en Lied, en Hij is mij tot een Heil geweest; deze is mijn God; daarom zal ik Hem een liefelijke woning maken; Hij is mijns vaders God, dies zal ik Hem verheffen!
  • 1 Kron 16:12 : 12 Gedenkt Zijner wonderwerken, die Hij gedaan heeft, Zijner wondertekenen, en de oordelen Zijns monds;
  • Ps 48:10-11 : 10 O God! wij gedenken Uwer weldadigheid, in het midden Uws tempels. 11 Gelijk Uw Naam is, o God! alzo is Uw roem tot aan de einden der aarde; Uw rechterhand is vol van gerechtigheid.
  • Ps 63:1 : 1 Een psalm van David, als hij was in de woestijn van Juda.
  • Ps 95:7 : 7 Want Hij is onze God, en wij zijn het volk Zijner weide, en de schapen Zijner hand. Heden, zo gij Zijn stem hoort,
  • Ps 97:8-9 : 8 Sion heeft gehoord, en het heeft zich verblijd, en de dochteren van Juda hebben zich verheugd vanwege Uw oordelen, o HEERE! 9 Want Gij, HEERE! zijt de Allerhoogste over de gehele aarde; Gij zijt zeer hoog verheven boven alle goden.
  • Ps 100:3 : 3 Weet, dat de HEERE is God; Hij heeft ons gemaakt (en niet wij), Zijn volk en de schapen Zijner weide.
  • Ps 118:28 : 28 Gij zijt mijn God, daarom zal ik U loven; o mijn God! ik zal U verhogen.
  • Jes 26:9 : 9 Met mijn ziel heb ik U begeerd in den nacht, ook zal ik met mijn geest, die in het binnenste van mij is, U vroeg zoeken; want wanneer Uw gerichten op de aarde zijn, zo leren de inwoners der wereld gerechtigheid.

Vergelijkbare verzen (AI)

Deze verzen worden gevonden met AI-aangedreven semantische overeenkomst op basis van betekenis en context. Resultaten kunnen soms onverwachte verbanden bevatten.

  • 7Hij is de HEERE, onze God; Zijn oordelen zijn over de gehele aarde.

  • 77%

    12Gedenkt Zijner wonderwerken, die Hij gedaan heeft, Zijner wondertekenen, en de oordelen Zijns monds;

    13Gij, zaad van Israel, Zijn dienaar, gij, kinderen van Jakob, Zijn uitverkorenen!

  • 14Ziet, des HEEREN, uws Gods, is de hemel, en de hemel der hemelen, de aarde, en al wat daarin is.

  • Ps 147:19-20
    2 verzen
    76%

    19Hij maakt Jakob Zijn woorden bekend, Israel Zijn inzettingen en Zijn rechten.

    20Alzo heeft Hij geen volk gedaan; en Zijn rechten, die kennen zij niet. Hallelujah!

  • 14Want de HEERE zal Zijn volk richten, en het zal Hem berouwen over Zijn knechten.

  • 5Hij heeft gerechtigheid en gericht lief; de aarde is vol van de goedertierenheid des HEEREN.

  • 15Gedenkt tot in der eeuwigheid Zijns verbonds, des woords, dat Hij ingesteld heeft tot in het duizendste geslacht;

  • 13Voor het aangezicht des HEEREN; want Hij komt, want Hij komt, om de aarde te richten; Hij zal de wereld richten met gerechtigheid, en de volken met Zijn waarheid.

  • 22Want de HEERE is onze Rechter, de HEERE is onze Wetgever, de HEERE is onze Koning. Hij zal ons behouden.

  • 73%

    24Vertelt Zijn eer onder de heidenen, Zijn wonderwerken onder alle volken.

    25Want de HEERE is groot, en zeer te prijzen, en Hij is vreselijk boven alle goden.

  • 4Hij zal roepen tot den hemel van boven, en tot de aarde, om Zijn volk te richten.

  • 7Mem. De werken Zijner handen zijn waarheid en oordeel; Nun. al Zijn bevelen zijn getrouw.

  • 16De HEERE is Koning eeuwiglijk en altoos; de heidenen zijn vergaan uit Zijn land.

  • 60Opdat alle volken der aarde weten, dat de HEERE die God is, niemand meer;

  • 39Zo zult gij heden weten, en in uw hart hervatten, dat de HEERE die God is, boven in den hemel, en onder op de aarde, niemand meer!

  • 16Te dezen dage gebiedt u de HEERE, uw God, deze inzettingen en rechten te doen; houdt dan en doet dezelve, met uw ganse hart en met uw ganse ziel.

  • 14Daarom heeft de HEERE over het kwade gewaakt, en Hij heeft het over ons gebracht; want de HEERE, onze God, is rechtvaardig in al Zijn werken, die Hij gedaan heeft, dewijl wij Zijner stem niet gehoorzaamden.

  • 17Want de HEERE, uw God, is een God der goden, en een Heere der heren; die grote, die machtige, en die vreselijke God, Die geen aangezicht aanneemt, noch geschenk ontvangt;

  • 16Aangaande den hemel, de hemel is des HEEREN; maar de aarde heeft Hij de mensenkinderen gegeven.

  • Ps 9:7-8
    2 verzen
    72%

    7O vijand! zijn de verwoestingen voleind in eeuwigheid, en hebt gij de steden uitgeroeid? Hunlieder gedachtenis is met hen vergaan.

    8Maar de HEERE zal in eeuwigheid zitten; Hij heeft Zijn troon bereid ten gerichte.

  • 18En de HEERE heeft voor ons aangezicht uitgestoten al die volken, zelfs den Amoriet, inwoner des lands. Wij zullen ook den HEERE dienen, want Hij is onze God.

  • 6En de hemelen verkondigen Zijn gerechtigheid; want God Zelf is Rechter. Sela.

  • 6En hij zeide tot de richters: Ziet wat gij doet, want gij houdt het gericht niet den mens, maar den HEERE; en Hij is bij u in de zaak van het gericht.

  • 10Zegt onder de heidenen: De HEERE regeert; ook zal de wereld bevestigd worden, zij zal niet bewogen worden; Hij zal de volken richten in alle rechtmatigheid.

  • 4En de sterkte des Konings, die het recht lief heeft. Gij hebt billijkheden bevestigd, Gij hebt recht en gerechtigheid gedaan in Jakob.

  • 2Al gij volken, klapt in de hand; juicht Gode met een stem van vreugdegezang.

  • 37Daarom zult gij al Mijn inzettingen en al Mijn rechten onderhouden, en zult ze doen; Ik ben de HEERE!

  • 6De HEERE doet gerechtigheid en gerichten al dengenen, die onderdrukt worden.

  • 6Die den hemel en de aarde gemaakt heeft, de zee en al wat in dezelve is; Die trouwe houdt in der eeuwigheid.

  • 1Daarom zult gij den HEERE, uw God, liefhebben, en gij zult te allen dage onderhouden Zijn bevel, en Zijn inzettingen, en Zijn rechten, en Zijn geboden.

  • 19De HEERE heeft Zijn troon in de hemelen bevestigd, en Zijn Koninkrijk heerst over alles.

  • 9Voor het aangezicht des HEEREN, want Hij komt, om de aarde te richten; Hij zal de wereld richten in gerechtigheid, en de volken in alle rechtmatigheid.

  • 1Een psalm van David. De aarde is des HEEREN, mitsgaders haar volheid, de wereld, en die daarin wonen.

  • 7Want wat groot volk is er, hetwelk de goden zo nabij zijn als de HEERE, onze God, zo dikwijls als wij Hem aanroepen?

  • 4Hij is de Rotssteen, Wiens werk volkomen is; want al Zijn wegen zijn gerichte. God is waarheid, en is geen onrecht; rechtvaardig en recht is Hij.

  • 19Ik ben de HEERE, uw God, wandelt in Mijn inzettingen, en onderhoudt Mijn rechten, en doet dezelve.

  • 28Alle einden der aarde zullen het gedenken, en zich tot den HEERE bekeren; en alle geslachten der heidenen zullen voor Uw aangezicht aanbidden.

  • 1Een psalm, een lied van Asaf, voor den opperzangmeester, op de Neginoth.

  • 17Tsade. De HEERE is rechtvaardig in al Zijn wegen, en goedertieren in al Zijn werken.

  • 5Want ik weet, dat de HEERE groot is, en dat onze Heere boven alle goden is.

  • 137Tsade. HEERE! Gij zijt rechtvaardig, en elkeen Uwer oordelen is recht.

  • 6O HEERE! Uw goedertierenheid is tot in de hemelen; Uw waarheid tot de bovenste wolken toe.

  • 1Dit zijn de inzettingen en de rechten, die gijlieden zult waarnemen om te doen, in dat land, hetwelk u de HEERE, uwer vaderen God, gegeven heeft, om het te erven; al de dagen, die gijlieden op den aardbodem leeft.

  • 4Mijn rechten zult gij doen, en Mijn inzettingen zult gij houden, om in die te wandelen; Ik ben de HEERE, uw God!

  • 4Hoor, Israel! de HEERE, onze God, is een enig HEERE!

  • 12Welgelukzalig is het volk, welks God de HEERE is; het volk, dat Hij Zich ten erve verkoren heeft.