Genesis 10:1

Statenvertaling (States Bible)

Dit nu zijn de geboorten van Noachs zonen: Sem, Cham, en Jafeth; en hun werden zonen geboren na den vloed.

Aanvullende bronnen

Gerefereerde verzen

  • Gen 2:4 : 4 Dit zijn de geboorten des hemels en der aarde, als zij geschapen werden; ten dage als de HEERE God de aarde en den hemel maakte.
  • Gen 5:1 : 1 Dit is het boek van Adams geslacht. Ten dage als God den mens schiep, maakte Hij hem naar de gelijkenis Gods.
  • Gen 6:9 : 9 Dit zijn de geboorten van Noach. Noach was een rechtvaardig, oprecht man in zijn geslachten. Noach wandelde met God.
  • Gen 9:1 : 1 En God zegende Noach en zijn zonen, en Hij zeide tot hen: Zijt vruchtbaar en vermenigvuldigt, en vervult de aarde!
  • Gen 9:7 : 7 Maar gijlieden, weest vruchtbaar, en vermenigvuldigt; teelt overvloediglijk voort op de aarde, en vermenigvuldigt op dezelve.
  • Gen 9:19 : 19 Deze drie waren de zonen van Noach; en van dezen is de ganse aarde overspreid.
  • Matt 1:1 : 1 Het boek des geslachts van JEZUS CHRISTUS, den Zoon van David, den zoon van Abraham.

Vergelijkbare verzen (AI)

Deze verzen worden gevonden met AI-aangedreven semantische overeenkomst op basis van betekenis en context. Resultaten kunnen soms onverwachte verbanden bevatten.

  • 10En Noach gewon drie zonen: Sem, Cham en Jafeth.

  • 1 Kron 1:3-5
    3 verzen
    88%

    3Henoch, Methusalah, Lamech,

    4Noach, Sem, Cham en Jafeth.

    5De kinderen van Jafeth waren Gomer, en Magog, en Madai, en Javan, en Tubal, en Mesech, en Tiras.

  • Gen 9:18-19
    2 verzen
    86%

    18En de zonen van Noach, die uit de ark gingen, waren Sem, en Cham, en Jafeth; en Cham is de vader van Kanaan.

    19Deze drie waren de zonen van Noach; en van dezen is de ganse aarde overspreid.

  • Gen 10:31-32
    2 verzen
    84%

    31Deze zijn zonen van Sem, naar hun huisgezinnen, naar hun spraken, in hun landschappen, naar hun volken.

    32Deze zijn de huisgezinnen der zonen van Noach, naar hun geboorten, in hun volken; en van dezen zijn de volken op de aarde verdeeld na den vloed.

  • Gen 10:20-22
    3 verzen
    82%

    20Deze zijn zonen van Cham, naar hun huisgezinnen, naar hun spraken, in hun landschappen, in hun volken.

    21Voorts zijn Sem zonen geboren; dezelve is ook de vader aller zonen van Heber, broeder van Jafeth, den grootste.

    22Sems zonen waren Elam, en Assur, en Arfachsad, en Lud, en Aram.

  • Gen 11:10-11
    2 verzen
    82%

    10Deze zijn de geboorten van Sem: Sem was honderd jaren oud, en gewon Arfachsad, twee jaren na den vloed.

    11En Sem leefde, nadat hij Arfachsad gewonnen had, vijfhonderd jaren; en hij gewon zonen en dochteren.

  • 32En Noach was vijfhonderd jaren oud; en Noach gewon Sem, Cham en Jafeth.

  • Gen 10:2-3
    2 verzen
    80%

    2De zonen van Jafeth zijn: Gomer, en Magog, en Madai, en Javan, en Tubal, en Mesech, en Thiras.

    3En de zonen van Gomer zijn: Askenaz, en Rifath, en Togarma.

  • 13Even op dienzelfden dag ging Noach, en Sem, en Cham, en Jafeth, Noachs zonen, desgelijks ook Noachs huisvrouw, en de drie vrouwen zijner zonen met hem in de ark;

  • 76%

    16En den Arvadiet, en den Zemariet, en den Hamathiet.

    17De kinderen van Sem waren Elam, en Assur, en Arfachsad, en Lud, en Aram, en Uz, en Hul, en Gether, en Mesech.

    18Arfachsad nu gewon Selah, en Selah gewon Heber.

    19Aan Heber nu zijn twee zonen geboren; de naam des enen was Peleg, omdat in zijn dagen het aardrijk verdeeld is, en de naam zijns broeders was Joktan.

    20En Joktan gewon Almodad, en Selef, en Hazarmaveth, en Jerah,

  • 6En de zonen van Cham zijn: Cusch en Mitsraim, en Put, en Kanaan.

  • 76%

    23En Ofir, en Havila, en Jobab. Alle dezen waren zonen van Joktan.

    24Sem, Arfachsad, Selah,

    25Heber, Peleg, Rehu,

  • Gen 9:27-28
    2 verzen
    76%

    27God breide Jafeth uit, en hij wone in Sems tenten! en Kanaan zij hem een knecht!

    28En Noach leefde na den vloed driehonderd en vijftig jaren.

  • 1 Kron 1:7-8
    2 verzen
    75%

    7En de kinderen van Javan waren Elisa en Tharsisa, de Chittieten en Dodanieten.

    8De kinderen van Cham waren Cusch en Mitsraim, Put, en Kanaan.

  • Gen 10:25-26
    2 verzen
    75%

    25En Heber werden twee zonen geboren; des enen naam was Peleg; want in zijn dagen is de aarde verdeeld; en zijns broeders naam was Joktan.

    26En Joktan gewon Almodad, en selef, en Hatsarmaveth, en Jarach,

  • 36Den zoon van Kainan, den zoon van Arfaxad, den zoon van Sem, den zoon van Noe, den zoon van Lamech,

  • 23Toen namen Sem en Jafeth een kleed, en zij legden het op hun beider schouderen, en gingen achterwaarts, en bedekten de naaktheid huns vaders; en hun aangezichten waren achterwaarts, gekeerd zodat zij de naaktheid huns vaders niet zagen.

  • 8Voorts zeide God tot Noach, en tot zijn zonen met hem, zeggende:

  • 1En God zegende Noach en zijn zonen, en Hij zeide tot hen: Zijt vruchtbaar en vermenigvuldigt, en vervult de aarde!

  • 18En de Arvadiet, en de Tsemariet, en de Hamathiet; en daarna zijn de huisgezinnen der Kanaanieten verspreid.