Genesis 10:7

Statenvertaling (States Bible)

En de zonen van Cusch zijn: Seba en Havila, en Sabta, en Raema, en Sabtecha. En de zonen van Raema zijn: Scheba en Dedan.

Aanvullende bronnen

Gerefereerde verzen

  • Ezech 27:22 : 22 De kooplieden van Scheba en Raema waren uw kooplieden; met alle hoofdspecerij, en met alle kostelijk gesteente en goud, handelden zij op uw markten.
  • Ezech 27:15 : 15 De kinderen van Dedan waren uw kooplieden; vele eilanden waren de koophandel uwer hand; hoornen van elpenbeen en ebbenhout gaven zij u weder tot een verering.
  • Gen 2:11 : 11 De naam der eerste rivier is Pison; deze is het, die het ganse land van Havila omloopt, waar het goud is.
  • 1 Kon 10:1 : 1 En toen de koningin van Scheba het gerucht van Salomo hoorde, aangaande den Naam des HEEREN, kwam zij, om hem met raadselen te verzoeken.
  • Ps 72:10 : 10 De koningen van Tharsis en de eilanden zullen geschenken aanbrengen; de koningen van Scheba en Seba zullen vereringen toevoeren.
  • Jes 21:13 : 13 De last tegen Arabie. In het woud van Arabie zult gijlieden vernachten, o gij reizende gezelschappen van Dedanieten!

Vergelijkbare verzen (AI)

Deze verzen worden gevonden met AI-aangedreven semantische overeenkomst op basis van betekenis en context. Resultaten kunnen soms onverwachte verbanden bevatten.

  • 95%

    7En de kinderen van Javan waren Elisa en Tharsisa, de Chittieten en Dodanieten.

    8De kinderen van Cham waren Cusch en Mitsraim, Put, en Kanaan.

    9En de kinderen van Cusch waren Seba, en Havila, en Sabta, en Raema, en Sabtecha; en de kinderen van Raema waren Scheba en Dedan.

    10Cusch nu gewon Nimrod; die begon geweldig te zijn op aarde.

  • 6En de zonen van Cham zijn: Cusch en Mitsraim, en Put, en Kanaan.

  • Gen 10:26-31
    6 verzen
    79%

    26En Joktan gewon Almodad, en selef, en Hatsarmaveth, en Jarach,

    27En Hadoram, en Usal, en Dikla,

    28En Obal, en Abimael, en Scheba,

    29En Ofir, en Havila, en Jobab; deze allen waren zonen van Joktan.

    30En hun woning was van Mescha af, daar gij gaat naar Sefar, het gebergte van het oosten.

    31Deze zijn zonen van Sem, naar hun huisgezinnen, naar hun spraken, in hun landschappen, naar hun volken.

  • Gen 25:2-3
    2 verzen
    78%

    2En zij baarde hem Zimran en Joksan, en Medan en Midian, en Jisbak en Suah.

    3En Joksan gewon Seba en Dedan; en de zonen van Dedan waren de Assurieten, en Letusieten, en Leummieten.

  • 77%

    29Dit zijn hun geboorten: de eerstgeborene van Ismael was Nebajoth, en Kedar, en Adbeel, en Mibsam,

    30Misma en Duma, Massa, Hadad en Thema,

    31Jetur, Nafis, en Kedma; deze zijn de kinderen van Ismael.

    32De kinderen nu van Ketura, Abrahams bijwijf: die baarde Zimram, en Joksan, en Medan, en Midian, en Isbak, en Suah. En de kinderen van Joksan waren Scheba en Dedan.

    33De kinderen van Midian nu waren Efa, en Efer, en Henoch, en Abida, en Eldaa. Die allen waren zonen van Ketura.

  • 77%

    20En Joktan gewon Almodad, en Selef, en Hazarmaveth, en Jerah,

    21En Hadoram, en Uzal, en Dikla,

    22En Ebal, en Abimael, en Scheba,

    23En Ofir, en Havila, en Jobab. Alle dezen waren zonen van Joktan.

    24Sem, Arfachsad, Selah,

  • Gen 10:20-24
    5 verzen
    73%

    20Deze zijn zonen van Cham, naar hun huisgezinnen, naar hun spraken, in hun landschappen, in hun volken.

    21Voorts zijn Sem zonen geboren; dezelve is ook de vader aller zonen van Heber, broeder van Jafeth, den grootste.

    22Sems zonen waren Elam, en Assur, en Arfachsad, en Lud, en Aram.

    23En Arams zonen waren Uz, en Hul, en Gether, en Maz.

    24En Arfachsad gewon Selah, en Selah gewon Heber.

  • 17De kinderen van Sem waren Elam, en Assur, en Arfachsad, en Lud, en Aram, en Uz, en Hul, en Gether, en Mesech.

  • 8En Cusch gewon Nimrod; deze begon geweldig te zijn op de aarde.

  • 15Hadar en Thema, Jetur, Nafis en Kedma.

  • 70%

    35En de kinderen van Ezau: Elifaz, Rehuel, en Jehus, en Jaelam, en Korah.

    36De kinderen van Elifaz waren Theman, en Omar, Zefi, en Gaetham, Kenaz, en Timna, en Amalek.

    37De kinderen van Rehuel waren Nahath, Zerah, Samma en Mizza.

    38De kinderen van Seir nu waren Lotan, en Sobal, en Zibeon, en Ana, en Dison, en Ezer, en Disan.

  • 70%

    40De kinderen van Sobal waren Aljan, en Manahath, en Ebal, Sefi en Onam; en de kinderen van Zibeon waren Aja en Ana.

    41De kinderen van Ana waren Dison; en de zonen van Dison waren Hamram, en Esban, en Jithran, en Cheran.

  • Gen 10:1-2
    2 verzen
    69%

    1Dit nu zijn de geboorten van Noachs zonen: Sem, Cham, en Jafeth; en hun werden zonen geboren na den vloed.

    2De zonen van Jafeth zijn: Gomer, en Magog, en Madai, en Javan, en Tubal, en Mesech, en Thiras.

  • 18En de Arvadiet, en de Tsemariet, en de Hamathiet; en daarna zijn de huisgezinnen der Kanaanieten verspreid.

  • 13En dit zijn de namen der zonen van Ismael, met hun namen naar hun geboorten. De eerstgeborene van Ismael, Nabajoth; daarna Kedar, en Adbeel, en Mibsam,

  • 10De kinderen van Jediael nu waren Bilhan; en de kinderen van Bilhan waren Jeus en Benjamin, en Ehud, en Chenaana, en Zethan, en Tharsis, en Ahi-sahar.

  • 10En Noach gewon drie zonen: Sem, Cham en Jafeth.