Psalmen 98:6

Statenvertaling (States Bible)

Met trompetten en bazuinengeklank; juicht voor het aangezicht des Konings, des HEEREN.

Aanvullende bronnen

Gerefereerde verzen

  • Num 10:1-9 : 1 Verder sprak de HEERE tot Mozes, zeggende: 2 Maak u twee zilveren trompetten; van dicht werk zult gij ze maken; en zij zullen u zijn tot de samenroeping der vergadering, en tot den optocht der legers. 3 Als zij met dezelve blazen zullen, dan zal de gehele vergadering tot u vergaderd worden, aan de deur van de tent der samenkomst. 4 Maar als zij met de ene zullen blazen, dan zullen tot u vergaderd worden de oversten, de hoofden der duizenden van Israel. 5 Als gij met een gebroken geklank blazen zult, dan zullen de legers, die tegen het oosten gelegerd zijn, optrekken. 6 Maar als gij ten tweeden male met een gebroken klank blazen zult, zullen de legers, die tegen het zuiden legeren, optrekken; met een gebroken klank zullen zij blazen tot hun optochten. 7 Maar in het verzamelen van de gemeente, zult gij blazen, doch geen gebroken geklank maken. 8 En de zonen van Aaron, de priesters, zullen met die trompetten blazen; en zij zullen ulieden zijn tot een eeuwige inzetting bij uw geslachten. 9 En wanneer gijlieden in uw land ten strijde zult trekken tegen den vijand, die u benauwt, zult gij ook met die trompetten een gebroken klank maken; zo zal uwer gedacht worden voor het aangezicht des HEEREN, uws Gods, en gij zult van uw vijanden verlost worden. 10 Desgelijks ten dage uwer vrolijkheid, en in uw gezette hoogtijden, en in de beginselen uwer maanden, zult gij ook met de trompetten blazen over uw brandofferen, en over uw dankofferen; en zij zullen u ter gedachtenis zijn voor het aangezicht uws Gods; Ik ben de HEERE, uw God!
  • 1 Kron 15:28 : 28 Alzo bracht gans Israel de ark des verbonds des HEEREN op, met gejuich, en met geluid der bazuin, en met trompetten, en met cimbalen, makende geluid met luiten en met harpen.
  • 2 Kron 5:12-13 : 12 En de Levieten, die zangers waren van hen allen, van Asaf, van Heman, van Jeduthun, en van hun zonen, en van hun broederen, in fijn linnen gekleed, met cimbalen, en met luiten, en harpen, stonden tegen het oosten des altaars, en met hen tot honderd en twintig priesteren toe, trompettende met trompetten.) 13 Het geschiedde dan, als zij eenpariglijk trompetten en zongen, om een eenparige stem te laten horen, prijzende en lovende den HEERE; en als zij de stem verhieven met trompetten, en met cimbalen, en andere muzikale instrumenten, en als zij den HEERE prezen, dat Hij goed is, dat Zijn weldadigheid is tot in eeuwigheid; dat het huis met een wolk vervuld werd, namelijk het huis des HEEREN.
  • 2 Kron 15:14 : 14 En zij zwoeren den HEERE met luider stem en met gejuich, desgelijks met trompetten en met bazuinen.
  • 2 Kron 29:27 : 27 En Hizkia beval, dat men het brandoffer op het altaar zou offeren; ten tijde nu, als dat brandoffer begon, begon het gezang des HEEREN met de trompetten en met de instrumenten van David, den koning van Israel.
  • Ps 47:5-7 : 5 Hij verkiest voor ons onze erfenis, de heerlijkheid van Jakob, dien Hij heeft liefgehad. Sela. 6 God vaart op met gejuich, de HEERE met geklank der bazuin. 7 Psalmzingt Gode, psalmzingt! Psalmzingt onzen Koning, psalmzingt!
  • Ps 81:2-4 : 2 Zingt vrolijk Gode, onze Sterkte; juicht den God van Jakob. 3 Heft een psalm op, en geeft de trommel; de liefelijke harp met de luit. 4 Blaast de bazuin in de nieuwe maan, ter bestemder tijd, op onzen feestdag.
  • Matt 25:34 : 34 Alsdan zal de Koning zeggen tot degenen, die tot Zijn rechter hand zijn: Komt, gij gezegenden Mijns Vaders! beerft dat Koninkrijk, hetwelk u bereid is van de grondlegging der wereld.
  • Opb 19:16 : 16 En Hij heeft op Zijn kleed en op Zijn dij dezen Naam geschreven: Koning der koningen, en Heere der heren.

Vergelijkbare verzen (AI)

Deze verzen worden gevonden met AI-aangedreven semantische overeenkomst op basis van betekenis en context. Resultaten kunnen soms onverwachte verbanden bevatten.

  • Ps 98:4-5
    2 verzen
    86%

    4Juicht den HEERE, gij ganse aarde! roept uit van vreugde, en zingt vrolijk, en psalmzingt.

    5Psalmzingt den HEERE met de harp, met de harp en met de stem des gezangs,

  • Ps 100:1-2
    2 verzen
    82%

    1Een lofzang. Gij ganse aarde! juicht den HEERE.

    2Dient den HEERE met blijdschap, komt voor Zijn aanschijn met vrolijk gezang.

  • Ps 66:1-2
    2 verzen
    81%

    1Een lied, een psalm, voor den opperzangmeester. Juicht Gode, gij ganse aarde!

    2Psalmzingt de eer Zijns Naams; geeft eer Zijn lof.

  • Ps 150:3-6
    4 verzen
    80%

    3Looft Hem met geklank der bazuin; looft Hem met de luit en met de harp!

    4Looft Hem met de trommel en fluit; looft Hem met snarenspel en orgel!

    5Looft Hem met hel klinkende cimbalen; looft Hem met cimbalen van vreugdegeluid!

    6Alles, wat adem heeft, love den HEERE! Hallelujah!

  • Ps 98:7-8
    2 verzen
    79%

    7De zee bruise met haar volheid, de wereld met degenen, die daarin wonen.

    8Dat de rivieren met de handen klappen, dat tegelijk de gebergten vreugde bedrijven,

  • Ps 47:5-6
    2 verzen
    78%

    5Hij verkiest voor ons onze erfenis, de heerlijkheid van Jakob, dien Hij heeft liefgehad. Sela.

    6God vaart op met gejuich, de HEERE met geklank der bazuin.

  • Ps 96:11-12
    2 verzen
    78%

    11Dat de hemelen zich verblijden, en de aarde zich verheuge, dat de zee bruise met haar volheid.

    12Dat het veld huppele van vreugde met al wat er in is, dat dan al de bomen des wouds juichen.

  • Ps 95:1-2
    2 verzen
    78%

    1Komt, laat ons den HEERE vrolijk zingen; laat ons juichen den Rotssteen onzes heils.

    2Laat ons Zijn aangezicht tegemoet gaan met lof; laat ons Hem juichen met psalmen.

  • 28Alzo bracht gans Israel de ark des verbonds des HEEREN op, met gejuich, en met geluid der bazuin, en met trompetten, en met cimbalen, makende geluid met luiten en met harpen.

  • Ps 81:1-3
    3 verzen
    77%

    1Voor den opperzangmeester, op de Gittith, een psalm van Asaf.

    2Zingt vrolijk Gode, onze Sterkte; juicht den God van Jakob.

    3Heft een psalm op, en geeft de trommel; de liefelijke harp met de luit.

  • Ps 33:2-3
    2 verzen
    77%

    2Looft den HEERE met de harp; psalmzingt Hem met de luit, en het tiensnarig instrument.

    3Zingt Hem een nieuw lied; speelt wel met vrolijk geschal.

  • 15Alzo brachten David en het ganse huis Israels de ark des HEEREN op, met gejuich en met geluid der bazuinen.

  • 28En zij kwamen te Jeruzalem, met luiten, en met harpen, en met trompetten, tot het huis des HEEREN.

  • Ps 149:1-3
    3 verzen
    75%

    1Hallelujah! Zingt den HEERE een nieuw lied; Zijn lof zij in de gemeente Zijner gunstgenoten.

    2Dat Israel zich verblijde in Dengene, Die hem gemaakt heeft; dat de kinderen Sions zich verheugen over hun Koning.

    3Dat zij Zijn Naam loven op de fluit; dat zij Hem psalmzingen op de trommel en harp.

  • 74%

    31Dat de hemelen zich verblijden, en de aarde verheuge zich, en dat men onder de heidenen zegge: De HEERE regeert.

    32Dat de zee bruise met haar volheid, dat het veld huppele van vreugde, met al wat daarin is.

  • 8En David en gans Israel speelden voor het aangezicht Gods met alle macht, zo met liederen, als met harpen, en met luiten, en met trommelen, en met cimbalen, en met trompetten.

  • 1De HEERE regeert, de aarde verheuge zich; dat veel eilanden zich verblijden.

  • 14En zij zwoeren den HEERE met luider stem en met gejuich, desgelijks met trompetten en met bazuinen.

  • 3Dat men in den morgenstond Uw goedertierenheid verkondige, en Uw getrouwheid in de nachten;

  • 16En David zeide tot de oversten der Levieten, dat zij hun broeders, de zangers, stellen zouden met muziekinstrumenten, met luiten, en harpen, en cimbalen, dat zij zich zouden doen horen, verheffende de stem met blijdschap.

  • 1Zingt den HEERE een nieuw lied; zingt de HEERE, gij ganse aarde!

  • 7Zingt den HEERE bij beurte met dankzegging; psalmzingt onzen God op de harp.

  • 26De Levieten nu stonden met de instrumenten van David, en de priesters met de trompetten.

  • 1Een psalm, voor den opperzangmeester, onder de kinderen van Korach.

  • 4Maar de rechtvaardigen zullen zich verblijden; zij zullen van vreugde opspringen voor Gods aangezicht, en van blijdschap vrolijk zijn.

  • 40En al het volk kwam op achter hem, en het volk pijpte met pijpen, en verblijdde zich met grote blijdschap, zodat de aarde van hun geluid spleet.

  • 32Prinselijke gezanten zullen komen uit Egypte; Morenland zal zich haasten zijn handen tot God uit te strekken.

  • 5Ten tijde als gij horen zult het geluid des hoorns, der pijp, der citer, der vedel, der psalteren, des akkoordgezangs, en allerlei soorten van muziek, zo zult gijlieden nedervallen, en aanbidden het gouden beeld, hetwelk de koning Nebukadnezar heeft opgericht;

  • 12Zij heffen op met de trommel en de harp, en zij verblijden zich op het geluid des orgels.

  • 29Er zal een lofzang bij ulieden zijn, gelijk in den nacht, wanneer het feest geheiligd wordt; en blijdschap des harten, gelijk van een, die met pijpen wandelt, om te komen tot den berg des HEEREN, tot den Rotssteen van Israel.

  • 6Ook stonden de priesters in hun wachten, en de Levieten met de muzikale instrumenten des HEEREN, die de koning David gemaakt had, om den HEERE te loven, dat Zijn weldadigheid is in eeuwigheid, als David door hun dienst Hem prees; en de priesters trompetten tegen hen over, en gans Israel stond.

  • 5En David en het ganse huis Israels speelden voor het aangezicht des HEEREN, met allerlei snarenspel van dennenhout, als met harpen, en met luiten, en met trommelen, ook met schellen, en met cimbalen.

  • 10Gij, o koning! hebt een bevel gegeven, dat alle mensen, die horen zouden het geluid des hoorns, der pijp, der citer, der vedel, der psalteren, en des akkoordgezangs, en allerlei soorten van muziek, nedervallen, en het gouden beeld aanbidden zouden;

  • 1Looft den HEERE, want onzen God te psalmzingen is goed, dewijl Hij liefelijk is; de lof is betamelijk.