1 Kronieken 1:11

Statenvertaling (States Bible)

En Mitsraim gewon de Ludieten, en de Anamieten, en de Lehabieten, en de Naftuchieten,

Aanvullende bronnen

Gerefereerde verzen

  • Gen 10:13-18 : 13 En Mitsraim gewon de Ludieten, en de Anamieten, en de Lehabieten, en de Naftuchieten, 14 En de Pathrusieten, en de Casluchieten, van waar de Filistijnen uitgekomen zijn, en de Caftorieten. 15 En Kanaan gewon Sidon, zijn eerstgeborene, en Heth, 16 En de Jesubiet, en de Amoriet, en de Girgasiet, 17 En de Hivviet, en de Arkiet, en de Siniet, 18 En de Arvadiet, en de Tsemariet, en de Hamathiet; en daarna zijn de huisgezinnen der Kanaanieten verspreid.

Vergelijkbare verzen (AI)

Deze verzen worden gevonden met AI-aangedreven semantische overeenkomst op basis van betekenis en context. Resultaten kunnen soms onverwachte verbanden bevatten.

  • Gen 10:13-15
    3 verzen
    96%

    13En Mitsraim gewon de Ludieten, en de Anamieten, en de Lehabieten, en de Naftuchieten,

    14En de Pathrusieten, en de Casluchieten, van waar de Filistijnen uitgekomen zijn, en de Caftorieten.

    15En Kanaan gewon Sidon, zijn eerstgeborene, en Heth,

  • 81%

    12En de Pathrusieten, en de Casluchieten, (van welke de Filistijnen zijn voortgekomen) en de Cafthorieten.

    13Kanaan nu gewon Sidon, zijn eerstgeborene, en Heth,

    14En den Jebusiet, en den Amoriet, en den Girgasiet,

  • 78%

    7En de kinderen van Javan waren Elisa en Tharsisa, de Chittieten en Dodanieten.

    8De kinderen van Cham waren Cusch en Mitsraim, Put, en Kanaan.

    9En de kinderen van Cusch waren Seba, en Havila, en Sabta, en Raema, en Sabtecha; en de kinderen van Raema waren Scheba en Dedan.

    10Cusch nu gewon Nimrod; die begon geweldig te zijn op aarde.

  • 6En de zonen van Cham zijn: Cusch en Mitsraim, en Put, en Kanaan.

  • 72%

    16En den Arvadiet, en den Zemariet, en den Hamathiet.

    17De kinderen van Sem waren Elam, en Assur, en Arfachsad, en Lud, en Aram, en Uz, en Hul, en Gether, en Mesech.

    18Arfachsad nu gewon Selah, en Selah gewon Heber.

  • 20En Joktan gewon Almodad, en Selef, en Hazarmaveth, en Jerah,

  • 8En Cusch gewon Nimrod; deze begon geweldig te zijn op de aarde.

  • 1 Kron 1:3-5
    3 verzen
    70%

    3Henoch, Methusalah, Lamech,

    4Noach, Sem, Cham en Jafeth.

    5De kinderen van Jafeth waren Gomer, en Magog, en Madai, en Javan, en Tubal, en Mesech, en Tiras.

  • 70%

    24Sem, Arfachsad, Selah,

    25Heber, Peleg, Rehu,

    26Serug, Nahor, Terah,

  • Gen 10:22-23
    2 verzen
    70%

    22Sems zonen waren Elam, en Assur, en Arfachsad, en Lud, en Aram.

    23En Arams zonen waren Uz, en Hul, en Gether, en Maz.

  • 18En aan Henoch werd Hirad geboren; en Hirad gewon Mechujael; en Mechujael gewon Methusael; en Methusael gewon Lamech.

  • 18En de Arvadiet, en de Tsemariet, en de Hamathiet; en daarna zijn de huisgezinnen der Kanaanieten verspreid.

  • 26En Joktan gewon Almodad, en selef, en Hatsarmaveth, en Jarach,

  • 27En deze zijn de geboorten van Terah: Terah gewon Abram, Nahor en Haran; en Haran gewon Lot.

  • 20Deze zijn zonen van Cham, naar hun huisgezinnen, naar hun spraken, in hun landschappen, in hun volken.

  • 1Dit nu zijn de geboorten van Noachs zonen: Sem, Cham, en Jafeth; en hun werden zonen geboren na den vloed.

  • 29Dit zijn hun geboorten: de eerstgeborene van Ismael was Nebajoth, en Kedar, en Adbeel, en Mibsam,

  • 2Abraham gewon Izak, en Izak gewon Jakob, en Jakob gewon Juda, en zijn broeders;

  • 8En Koz gewon Anub en Hazobeba, en de huisgezinnen van Aharlel, den zoon van Harum.

  • Ex 1:1-2
    2 verzen
    67%

    1Dit nu zijn de namen der zonen van Israel, die in Egypte gekomen zijn, met Jakob; zij kwamen er in, elk met zijn huis.

    2Ruben, Simeon, Levi, en Juda;

  • 14En Azor gewon Sadok, en Sadok gewon Achim, en Achim gewon Eliud;

  • 10En Noach gewon drie zonen: Sem, Cham en Jafeth.

  • 19De kinderen van Semida nu waren Ahjan, en Sechem, en Likhi, en Aniam.

  • 1Benjamin nu gewon Bela, zijn eerstgeborene, Asbel, den tweede, en Ahrah, den derde,

  • 3En Joksan gewon Seba en Dedan; en de zonen van Dedan waren de Assurieten, en Letusieten, en Leummieten.

  • 18En de zonen van Noach, die uit de ark gingen, waren Sem, en Cham, en Jafeth; en Cham is de vader van Kanaan.

  • 40De kinderen van Sobal waren Aljan, en Manahath, en Ebal, Sefi en Onam; en de kinderen van Zibeon waren Aja en Ana.