Jozua 18:22

Statenvertaling (States Bible)

En Beth-araba, en Zemaraim, en Beth-El,

Aanvullende bronnen

Gerefereerde verzen

  • Gen 10:18 : 18 En de Arvadiet, en de Tsemariet, en de Hamathiet; en daarna zijn de huisgezinnen der Kanaanieten verspreid.
  • Joz 15:6 : 6 En deze landpale zal opgaan tot Beth-hogla, en zal doorgaan van het noorden naar Beth-araba; en deze landpale zal opgaan tot den steen van Bohan, den zoon van Ruben.
  • Joz 18:18 : 18 En gaat door ter zijde tegenover Araba naar het noorden, en gaat af te Araba.
  • 1 Kon 12:29-32 : 29 En hij zette het ene te Beth-El, en het andere stelde hij te Dan. 30 En deze zaak werd tot zonde; want het volk ging heen voor het ene, tot Dan toe. 31 Hij maakte ook een huis der hoogten; en maakte priesteren van de geringsten des volks, die niet waren uit de zonen van Levi. 32 En Jerobeam maakte een feest in de achtste maand, op den vijftienden dag der maand, gelijk het feest, dat in Juda was, en offerde op het altaar; van gelijken deed hij te Beth-El, offerende den kalveren, die hij gemaakt had; hij stelde ook te Beth-El priesteren der hoogten, die hij gemaakt had.
  • 2 Kron 13:4 : 4 En Abia maakte zich op van boven den berg Zemaraim, dewelke is in het gebergte van Efraim; en hij zeide: Hoort mij toe, Jerobeam, en gans Israel!

Vergelijkbare verzen (AI)

Deze verzen worden gevonden met AI-aangedreven semantische overeenkomst op basis van betekenis en context. Resultaten kunnen soms onverwachte verbanden bevatten.

  • 21De steden nu van den stam der kinderen van Benjamin, naar hun huisgezinnen, zijn: Jericho, en Beth-hogla, en Emek-Keziz,

  • Joz 18:23-28
    6 verzen
    80%

    23En Haavvim, en Para, en Ofra,

    24Chefar-haammonai, en Ofni, en Gaba; twaalf steden en haar dorpen.

    25Gibeon, en Rama, en Beeroth,

    26En Mizpa, en Chefira, en Moza,

    27En Rekem, en Jirpeel, en Tharala,

    28En Zela, Elef en Jebusi (deze is Jeruzalem), Gibath, Kirjath: veertien steden mitsgaders haar dorpen. Dit is het erfdeel der kinderen van Benjamin, naar hun huisgezinnen.

  • 22En Kibzaim en haar voorsteden, en Beth-horon en haar voorsteden: vier steden.

  • Joz 19:20-21
    2 verzen
    79%

    20En Rabbith, en Kisjon, en Ebez,

    21En Remeth, en En-gannim, en En-hadda, en Beth-Pazzez.

  • Joz 15:27-29
    3 verzen
    77%

    27En Hazar-Gadda, en Hesmon, en Beth-Palet,

    28En Hazar-Sual, en Beer-Seba, en Bizjotheja,

    29Baala, en Ijim, en Azem,

  • Neh 11:26-27
    2 verzen
    77%

    26En te Jesua, en te Molada, en te Beth-Pelet,

    27En te Hazar-Sual, en in Ber-Seba, en haar onderhorige plaatsen,

  • 44En Elteke, en Gibbethon, en Baalath,

  • Neh 11:30-31
    2 verzen
    77%

    30Zanoah, Adullam en haar dorpen, Lachis en haar akkers, Azeka en haar onderhorige plaatsen; en zij legerden zich van Ber-seba af tot aan het dal Hinnom.

    31De kinderen van Benjamin nu van Geba woonden in Michmas, en Aja, en Beth-El, en haar onderhorige plaatsen,

  • Joz 19:3-6
    4 verzen
    76%

    3En Hazar-Sual, en Bala, en Azem,

    4En Eltholad, en Bethul, en Horma,

    5En Ziklag, en Beth-hammerchaboth, en Hazar-Suza,

    6En Beth-Lebaoth, en Saruhen; dertien steden en haar dorpen.

  • 76%

    30En te Bethuel, en te Horma, en te Ziklag,

    31En te Beth-markaboth, en te Hazar-Susim, en te Beth-Biri, en te Saaraim. Dit waren hun steden, totdat David koning werd.

  • 36En Beth-Nimra, en Beth-Haran, vaste steden en schaapskooien.

  • 61In de woestijn: Beth-araba, Middin en Sechacha,

  • Joz 13:18-19
    2 verzen
    75%

    18En Jahza, en Kedemoth, en Mefaath,

    19En Kirjathaim, en Sibma, en Zeret-Hassahar op den berg des dals,

  • Jer 48:22-23
    2 verzen
    75%

    22En over Dibon, en over Nebo, en over Beth-Diblathaim,

    23En over Kirjathaim, en over Beth-Gamul, en over Beth-Meon,

  • Joz 21:16-17
    2 verzen
    74%

    16En Ain en haar voorsteden, en Jutta en haar voorsteden, en Beth-Semes en haar voorsteden; negen steden van deze twee stammen.

    17En van den stam van Benjamin, Gibeon en haar voorsteden, Geba en haar voorsteden;

  • 15En Kattath, en Nahalal, en Simron, en Jidala, en Bethlehem; twaalf steden en haar dorpen.

  • 53En Janum, en Beth-Tappuah, en Afeka,

  • Joz 15:23-24
    2 verzen
    74%

    23En Kedes, en Hazor, en Jithnan,

    24Zif, en Telem, en Bealoth,

  • 38En Jiron, en Migdal-El, Horem en Beth-Anath, en Beth-Semes; negentien steden en haar dorpen.

  • Joz 15:58-59
    2 verzen
    74%

    58Halhul, Beth-Zur, en Gedor,

    59En Maarath, en Beth-Anoth, en Eltekon; zes steden en haar dorpen.

  • 33In de laagte zijn: Esthaol, en Zora, en Asna,

  • 22En Chesed, en Hazo, en Pildas, en Jidlaf, en Bethuel;

  • 37Zenan, en Hadasa, en Migdal-gad,

  • 34Hadid, Zeboim, Neballat,

  • 28En tot die te Aroer, en tot die te Sifmoth, en tot die te Esthemoa,

  • 10En Zora, en Ajalon, en Hebron; dewelke in Juda en in Benjamin de vaste steden waren.

  • 68En Jokmeam en haar voorsteden, en Beth-horon en haar voorsteden,

  • 7En Beth-Zur, en Socho, en Adullam,

  • 22En het huis van Jozef toog ook op naar Beth-El. En de HEERE was met hen.

  • 2En het komt van Beth-El uit naar Luz; en het gaat door tot de landpale des Archiets, tot Ataroth toe;

  • 59En Asan en haar voorsteden, en Beth-Semes en haar voorsteden.