Zacharia 6:9

Statenvertaling (States Bible)

En des HEEREN woord geschiedde tot mij, zeggende:

Aanvullende bronnen

Gerefereerde verzen

  • Zach 1:1 : 1 In de achtste maand, in het tweede jaar van Darius, geschiedde het woord des HEEREN tot Zacharia, den zoon van Berechja, den zoon van Iddo, den profeet, zeggende:
  • Zach 7:1 : 1 Het gebeurde nu in het vierde jaar van den koning Darius, dat het woord des HEEREN geschiedde tot Zacharia, op den vierden der negende maand, namelijk in Chisleu.
  • Zach 8:1 : 1 Daarna geschiedde het woord des HEEREN der heirscharen tot mij, zeggende:

Vergelijkbare verzen (AI)

Deze verzen worden gevonden met AI-aangedreven semantische overeenkomst op basis van betekenis en context. Resultaten kunnen soms onverwachte verbanden bevatten.

  • 1En het woord des HEEREN geschiedde tot mij, zeggende:

  • Jer 1:3-4
    2 verzen
    86%

    3Ook geschiedde het tot hem in de dagen van Jojakim, zoon van Josia, koning van Juda, totdat voleind werd het elfde jaar van Zedekia, zoon van Josia, koning van Juda; totdat Jeruzalem gevankelijk werd weggevoerd in de vijfde maand.

    4Het woord des HEEREN dan geschiedde tot mij, zeggende:

  • 6Jeremia dan zeide: Des HEEREN woord is tot mij geschied, zeggende:

  • 10Neem van de gevankelijk weggevoerden van Cheldai, van Tobia, en van Jedaja, en kom gij te dien dage, en ga in ten huize van Josia, den zoon van Zefanja, dewelke uit Babel gekomen zijn;

  • 8Toen geschiedde des HEEREN woord tot mij, zeggende:

  • 1En des HEEREN woord geschiedde tot mij, zeggende:

  • 1En des HEEREN woord geschiedde tot mij, zeggende:

  • 1En des HEEREN woord geschiedde tot mij, zeggende:

  • 1En des HEEREN woord geschiedde tot mij, zeggende:

  • 4Toen geschiedde het woord des HEEREN der heirscharen tot mij, zeggende:

  • 1En des HEEREN woord geschiedde tot mij, zeggende:

  • 8Het woord des HEEREN geschiedde verder tot mij, zeggende:

  • 6Toen geschiedde des HEEREN woord tot den profeet Jeremia, zeggende:

  • 17Wijders geschiedde des HEEREN woord tot mij, zeggende:

  • 2Toen geschiedde des HEEREN woord tot mij, zeggende:

  • 2Toen geschiedde des HEEREN woord tot mij, zeggende:

  • 1Wijders geschiedde des HEEREN woord tot mij, zeggende:

  • 1Verder geschiedde des HEEREN woord tot mij, zeggende:

  • 1Daarna geschiedde het woord des HEEREN tot mij, zeggende:

  • 1Het woord, dat tot Jeremia geschied is, van den HEERE, zeggende:

  • 1Verder geschiedde des HEEREN woord tot mij, zeggende:

  • 8Verder geschiedde het woord des HEEREN tot Zacharia, zeggende:

  • 23Toen geschiedde des HEEREN woord tot mij, zeggende:

  • 30Daarom geschiedde des HEEREN woord tot Jeremia, zeggende:

  • 12Toen geschiedde des HEEREN woord tot Jeremia, zeggende:

  • 1Het woord, dat tot Jeremia geschied is van den HEERE, zeggende:

  • 11Daarna geschiedde des HEEREN woord tot mij, zeggende:

  • 1Wijders geschiedde des HEEREN woord tot mij, zeggende:

  • 1Verder geschiedde des HEEREN woord tot mij, zeggende:

  • 8En Hij riep mij, en sprak tot mij, zeggende: Zie, deze, die uitgegaan zijn naar het Noorderland, hebben Mijn Geest doen rusten in het Noorderland.

  • 23Voorts geschiedde des HEEREN woord tot mij, zeggende:

  • 15Wijders geschiedde des HEEREN woord tot mij, zeggende:

  • 15Wijders geschiedde des HEEREN woord tot mij, zeggende:

  • 1Het woord, dat tot Jeremia geschied is van den HEERE, zeggende:

  • 1Wijders geschiedde des HEEREN woord tot mij, zeggende:

  • 18Wederom geschiedde het woord des HEEREN der heirscharen tot mij, zeggende:

  • 1En des HEEREN woord geschiedde tot mij, zeggende:

  • 16Het gebeurde nu ten einde van zeven dagen, dat het woord des HEEREN tot mij geschiedde, zeggende:

  • 1En des HEEREN woord geschiedde tot mij, zeggende:

  • 26Verder geschiedde het woord des HEEREN tot mij, zeggende:

  • 19En des HEEREN woord geschiedde tot Jeremia, zeggende:

  • 1Daarna geschiedde het woord des HEEREN der heirscharen tot mij, zeggende:

  • 8En des morgens geschiedde het woord des HEEREN tot mij, zeggende:

  • 14Toen geschiedde het woord des HEEREN tot mij, zeggende:

  • 21Wederom geschiedde het woord des HEEREN tot mij, zeggende:

  • 26Toen geschiedde des HEEREN woord tot Jeremia, zeggende:

  • 8Wederom geschiedde des HEEREN woord tot mij, zeggende:

  • 1In het begin des koninkrijks van Jojakim, den zoon van Josia, koning van Juda, geschiedde dit woord van den HEERE, zeggende:

  • 1Verder geschiedde des HEEREN woord tot mij, zeggende: