Ezechiël 24:15

Statenvertaling (States Bible)

Wijders geschiedde des HEEREN woord tot mij, zeggende:

Aanvullende bronnen

Vergelijkbare verzen (AI)

Deze verzen worden gevonden met AI-aangedreven semantische overeenkomst op basis van betekenis en context. Resultaten kunnen soms onverwachte verbanden bevatten.

  • 1Verder geschiedde des HEEREN woord tot mij, zeggende:

  • 23Voorts geschiedde des HEEREN woord tot mij, zeggende:

  • 21Wederom geschiedde het woord des HEEREN tot mij, zeggende:

  • 86%

    25Want Ik ben de HEERE, Ik zal spreken; het woord, de tijd zal niet meer uitgesteld worden; want in uw dagen, o wederspannig huis, zal Ik een woord spreken, en hetzelve doen, spreekt de Heere HEERE.

    26Verder geschiedde het woord des HEEREN tot mij, zeggende:

  • 1Verder geschiedde des HEEREN woord tot mij, zeggende:

  • 17Wijders geschiedde des HEEREN woord tot mij, zeggende:

  • 45Verder geschiedde des HEEREN woord tot mij, zeggende:

  • 1En des HEEREN woord geschiedde tot mij, zeggende:

  • 20En ik zeide tot hen: Het woord des HEEREN is tot mij geschied, zeggende:

  • 12Verder geschiedde des HEEREN woord tot mij, zeggende:

  • 1Wijders geschiedde des HEEREN woord tot mij, zeggende:

  • 1En des HEEREN woord geschiedde tot mij, zeggende:

  • 1En des HEEREN woord geschiedde tot mij, zeggende:

  • 2Toen geschiedde des HEEREN woord tot mij, zeggende:

  • 18Wederom geschiedde des HEEREN woord tot mij, zeggende:

  • 14Ik, de HEERE, heb het gesproken; het zal komen, en Ik zal het doen; Ik zal er niet van wijken, en Ik zal niet verschonen noch berouw hebben; naar uw wegen en naar uw handelingen zullen zij u richten, spreekt de Heere HEERE.

  • 16Wijders geschiedde des HEEREN woord tot mij, zeggende:

  • 1En des HEEREN woord geschiedde tot mij, zeggende:

  • 23Toen geschiedde des HEEREN woord tot mij, zeggende:

  • 11Wijders geschiedde des HEEREN woord tot mij, zeggende:

  • 1En des HEEREN woord geschiedde tot mij, zeggende:

  • 1Wijders geschiedde des HEEREN woord tot mij, zeggende:

  • 17Daarna geschiedde het woord des HEEREN tot mij, zeggende:

  • 8Wederom geschiedde des HEEREN woord tot mij, zeggende:

  • 2Toen geschiedde des HEEREN woord tot mij, zeggende:

  • 15Wijders geschiedde des HEEREN woord tot mij, zeggende:

  • 1En des HEEREN woord geschiedde tot mij, zeggende:

  • 1Verder geschiedde des HEEREN woord tot mij, zeggende:

  • 1Daarna geschiedde het woord des HEEREN tot mij, zeggende:

  • 1Wijders geschiedde des HEEREN woord tot mij, zeggende:

  • 14Toen geschiedde het woord des HEEREN tot mij, zeggende:

  • 1En des HEEREN woord geschiedde tot mij, zeggende:

  • 20Wijders geschiedde des HEEREN woord tot mij, zeggende:

  • 1Verder geschiedde des HEEREN woord tot mij, zeggende:

  • 11Daarna geschiedde des HEEREN woord tot mij, zeggende:

  • 1En des HEEREN woord geschiedde tot mij, zeggende:

  • 1En het woord des HEEREN geschiedde tot mij, zeggende:

  • 8Toen geschiedde des HEEREN woord tot mij, zeggende:

  • 4Het woord des HEEREN dan geschiedde tot mij, zeggende:

  • 1Voorts geschiedde des HEEREN woord tot mij, zeggende:

  • 1Verder geschiedde des HEEREN woord tot mij, zeggende:

  • 1En des HEEREN woord geschiedde tot mij, zeggende:

  • 9En des HEEREN woord geschiedde tot mij, zeggende:

  • 1Wijders geschiedde des HEEREN woord tot mij, zeggende:

  • 1Wijders geschiedde des HEEREN woord tot mij, in het negende jaar, in de tiende maand, op den tienden der maand, zeggende:

  • 4Toen geschiedde des HEEREN woord tot mij, zeggende:

  • 5Toen geschiedde des HEEREN woord tot mij, zeggende:

  • 19En des HEEREN woord geschiedde tot Jeremia, zeggende:

  • 16Het gebeurde nu ten einde van zeven dagen, dat het woord des HEEREN tot mij geschiedde, zeggende: