Jozua 15:49

Statenvertaling (States Bible)

En Danna, en Kirjath-Sanna, die is Debir,

Aanvullende bronnen

Gerefereerde verzen

  • Joz 15:15 : 15 En van daar toog hij opwaarts tot de inwoners van Debir, (de naam van Debir nu was te voren Kirjath-Sefer).
  • Richt 1:11 : 11 En van daar was hij heengetogen tegen de inwoners van Debir; de naam nu van Debir was te voren Kirjath-Sefer.

Vergelijkbare verzen (AI)

Deze verzen worden gevonden met AI-aangedreven semantische overeenkomst op basis van betekenis en context. Resultaten kunnen soms onverwachte verbanden bevatten.

  • 15En van daar toog hij opwaarts tot de inwoners van Debir, (de naam van Debir nu was te voren Kirjath-Sefer).

  • 11En van daar was hij heengetogen tegen de inwoners van Debir; de naam nu van Debir was te voren Kirjath-Sefer.

  • 15En Holon en haar voorsteden, en Debir en haar voorsteden;

  • 50En Anab, en Estemo, en Anim,

  • 58En Hilen en haar voorsteden, en Debir en haar voorsteden,

  • Joz 15:36-44
    9 verzen
    74%

    36En Saaraim, en Adithaim, en Gedera, en Gederothaim; veertien steden en haar dorpen.

    37Zenan, en Hadasa, en Migdal-gad,

    38En Dilan, en Mizpa, en Jokteel,

    39Lachis, en Bozkath, en Eglon,

    40En Chabbon, en Lahmas, en Chitlis,

    41En Gederoth, Beth-Dagon, en Naama, en Makkeda; zestien steden en haar dorpen.

    42Libna, en Ether, en Asan,

    43En Jiftah, en Asna, en Nezib,

    44En Kehila, en Achzib, en Mareza; negen steden en haar dorpen.

  • 48Op het gebergte nu: Samir, en Jatthir, en Socho,

  • Joz 15:22-23
    2 verzen
    74%

    22En Kina, en Dimona, en Adada,

    23En Kedes, en Hazor, en Jithnan,

  • 25In de dorpen nu op hun akkers woonden sommigen van de kinderen van Juda, in Kirjath-Arba en haar onderhorige plaatsen, en in Dibon en haar onderhorige plaatsen, en in Jekabzeel en haar dorpen;

  • 19En Kirjathaim, en Sibma, en Zeret-Hassahar op den berg des dals,

  • 9De zoon van Deker in Makaz, en in Saalbim, en Beth-Semes, en Elon-Beth-hanan.

  • Joz 15:52-61
    10 verzen
    72%

    52Arab, en Duma, en Esan,

    53En Janum, en Beth-Tappuah, en Afeka,

    54En Humta, en Kirjath-Arba, die is Hebron, en Zior; negen steden en haar dorpen.

    55Maon, Karmel, en Zif, en Juta,

    56En Jizreel, en Jokdeam, en Zanoah,

    57Kain, Gibea, en Timna; tien steden en haar dorpen.

    58Halhul, Beth-Zur, en Gedor,

    59En Maarath, en Beth-Anoth, en Eltekon; zes steden en haar dorpen.

    60Kirjath-Baal, die is Kirjath-Jearim, en Rabba; twee steden en haar dorpen.

    61In de woestijn: Beth-araba, Middin en Sechacha,

  • Joz 19:44-45
    2 verzen
    71%

    44En Elteke, en Gibbethon, en Baalath,

    45En Jehud, en Bene-Berak, en Gath-Rimmon,

  • Joz 15:31-34
    4 verzen
    71%

    31En Ziklag, en Madmanna, en Sanzanna,

    32En Lebaoth, en Silhim, en Ain, en Rimmon. Al deze steden zijn negen en twintig en haar dorpen.

    33In de laagte zijn: Esthaol, en Zora, en Asna,

    34En Zanoah, en En-gannim, Tappuah, en Enam,

  • Joz 10:38-39
    2 verzen
    70%

    38Toen keerde Jozua, en gans Israel met hem, naar Debir, en hij krijgde tegen haar.

    39En hij nam haar in, met haar koning, en al haar steden, en zij sloegen haar met de scherpte des zwaards, en verbanden alle ziel, die daarin was; hij liet geen overigen overblijven; gelijk als hij aan Hebron gedaan had, alzo deed hij aan Debir en haar koning, en gelijk als hij aan Libna en haar koning gedaan had;

  • Jer 48:22-23
    2 verzen
    70%

    22En over Dibon, en over Nebo, en over Beth-Diblathaim,

    23En over Kirjathaim, en over Beth-Gamul, en over Beth-Meon,

  • 28En van den stam van Issaschar, Kisjon en haar voorsteden, en Dobrath en haar voorsteden;

  • 19En Hafaraim, en Sion, en Anacharath,

  • 72En van den stam van Issaschar: Kedes en haar voorsteden, Dobrath en haar voorsteden,

  • 28En Hazar-Sual, en Beer-Seba, en Bizjotheja,

  • 37En Kedes, en Edrei, en En-Hazor,

  • 21En den Amoriet, en den Kanaaniet, en den Girgaziet, en den Jebusiet.

  • 15En Kattath, en Nahalal, en Simron, en Jidala, en Bethlehem; twaalf steden en haar dorpen.

  • 10En Zora, en Ajalon, en Hebron; dewelke in Juda en in Benjamin de vaste steden waren.

  • 12En zij togen op, en legerden zich bij Kirjath-Jearim, in Juda; daarom noemden zij deze plaats, Machane-Dan, tot op dezen dag; ziet, het is achter Kirjath-Jearim.

  • 13De koning van Debir, een; de koning van Geder, een;