Nehemia 11:25

Statenvertaling (States Bible)

In de dorpen nu op hun akkers woonden sommigen van de kinderen van Juda, in Kirjath-Arba en haar onderhorige plaatsen, en in Dibon en haar onderhorige plaatsen, en in Jekabzeel en haar dorpen;

Aanvullende bronnen

Gerefereerde verzen

  • Joz 14:15 : 15 De naam nu van Hebron was eertijds Kirjath-Arba, die een groot mens geweest is onder de Enakieten. En het land rustte van den krijg.
  • Joz 15:21-22 : 21 De steden nu, van het uiterste van den stam der kinderen van Juda, tot de landpale van Edom, tegen het zuiden, zijn: Kabzeel, en Eder, en Jagur, 22 En Kina, en Dimona, en Adada,

Vergelijkbare verzen (AI)

Deze verzen worden gevonden met AI-aangedreven semantische overeenkomst op basis van betekenis en context. Resultaten kunnen soms onverwachte verbanden bevatten.

  • Neh 11:26-32
    7 verzen
    76%

    26En te Jesua, en te Molada, en te Beth-Pelet,

    27En te Hazar-Sual, en in Ber-Seba, en haar onderhorige plaatsen,

    28En te Ziklag, en in Mechona en haar onderhorige plaatsen,

    29En te En-Rimmon, en te Zora, en te Jarmuth,

    30Zanoah, Adullam en haar dorpen, Lachis en haar akkers, Azeka en haar onderhorige plaatsen; en zij legerden zich van Ber-seba af tot aan het dal Hinnom.

    31De kinderen van Benjamin nu van Geba woonden in Michmas, en Aja, en Beth-El, en haar onderhorige plaatsen,

    32Anathoth, Nob, Ananja,

  • Richt 1:9-11
    3 verzen
    75%

    9En daarna waren de kinderen van Juda afgetogen, om te krijgen tegen de Kanaanieten, wonende in het gebergte, en in het zuiden, en in de laagte.

    10En Juda was heengetogen tegen de Kanaanieten, die te Hebron woonden (de naam nu van Hebron was tevoren Kirjath-Arba), en zij sloegen Sesai, en Ahiman, en Thalmai.

    11En van daar was hij heengetogen tegen de inwoners van Debir; de naam nu van Debir was te voren Kirjath-Sefer.

  • Joz 15:59-61
    3 verzen
    75%

    59En Maarath, en Beth-Anoth, en Eltekon; zes steden en haar dorpen.

    60Kirjath-Baal, die is Kirjath-Jearim, en Rabba; twee steden en haar dorpen.

    61In de woestijn: Beth-araba, Middin en Sechacha,

  • Joz 15:20-21
    2 verzen
    74%

    20Dit is het erfdeel van den stam der kinderen van Juda, naar hun huisgezinnen.

    21De steden nu, van het uiterste van den stam der kinderen van Juda, tot de landpale van Edom, tegen het zuiden, zijn: Kabzeel, en Eder, en Jagur,

  • 11Zo gaven zij hun de stad van Arba, den vader van Anok (zij is Hebron), op den berg van Juda, en haar voorsteden rondom haar.

  • 49En Danna, en Kirjath-Sanna, die is Debir,

  • 73%

    9En Adoraim, en Lachis, en Azeka,

    10En Zora, en Ajalon, en Hebron; dewelke in Juda en in Benjamin de vaste steden waren.

  • 19En Kirjathaim, en Sibma, en Zeret-Hassahar op den berg des dals,

  • Joz 15:53-56
    4 verzen
    72%

    53En Janum, en Beth-Tappuah, en Afeka,

    54En Humta, en Kirjath-Arba, die is Hebron, en Zior; negen steden en haar dorpen.

    55Maon, Karmel, en Zif, en Juta,

    56En Jizreel, en Jokdeam, en Zanoah,

  • Joz 18:27-28
    2 verzen
    72%

    27En Rekem, en Jirpeel, en Tharala,

    28En Zela, Elef en Jebusi (deze is Jeruzalem), Gibath, Kirjath: veertien steden mitsgaders haar dorpen. Dit is het erfdeel der kinderen van Benjamin, naar hun huisgezinnen.

  • 7Toen heiligden zij Kedes in Galilea, op het gebergte van Nafthali, en Sichem op het gebergte van Efraim, en Kirjath-Arba, deze is Hebron, op het gebergte van Juda.

  • 15En van daar toog hij opwaarts tot de inwoners van Debir, (de naam van Debir nu was te voren Kirjath-Sefer).

  • Neh 11:3-4
    2 verzen
    71%

    3En dit zijn de hoofden van het landschap, die te Jeruzalem woonden; (maar in de steden van Juda woonden, een iegelijk op zijn bezitting, in hun steden, Israel, de priesters, en de Levieten, en de Nethinim, en de kinderen der knechten van Salomo).

    4Te Jeruzalem dan woonden sommigen van de kinderen van Juda, en van de kinderen van Benjamin. Van de kinderen van Juda: Athaja, de zoon van Uzzia, den zoon van Zacharja, den zoon van Amarja, den zoon van Sefatja, den zoon van Mahalaleel, van de kinderen van Perez;

  • 56Maar het veld der stad, en haar dorpen, gaven zij Kaleb, den zoon van Jefunne.

  • 24En Juda, mitsgaders al zijn steden, zullen te zamen daarin wonen; de akkerlieden, en die met de kudde reizen.

  • 38En Dilan, en Mizpa, en Jokteel,

  • 22En Kibzaim en haar voorsteden, en Beth-horon en haar voorsteden: vier steden.

  • 13Doch Kaleb, den zoon van Jefunne, had hij een deel gegeven in het midden der kinderen van Juda, naar den mond des HEEREN tot Jozua, de stad van Arba, vader van Enak, dat is Hebron.

  • 25Gibeon, en Rama, en Beeroth,

  • Joz 18:21-22
    2 verzen
    70%

    21De steden nu van den stam der kinderen van Benjamin, naar hun huisgezinnen, zijn: Jericho, en Beth-hogla, en Emek-Keziz,

    22En Beth-araba, en Zemaraim, en Beth-El,

  • 34Hadid, Zeboim, Neballat,

  • 2En tot de koningen, die tegen het noorden op het gebergte, en op het vlakke, tegen het zuiden van Cinneroth, en in de laagte, en in Nafoth-Dor, aan de zee waren;

  • 22Daartoe Jokim, en de mannen van Chozeba, en Joas, en Saraf (die over de Moabieten geheerst hebben) en de Jasubilehem; doch deze dingen zijn oud.

  • 58En Hilen en haar voorsteden, en Debir en haar voorsteden,

  • 15En Holon en haar voorsteden, en Debir en haar voorsteden;

  • 33En al haar dorpen, die in den omloop dezer steden waren, tot Baal toe. Dit zijn hun woningen en hun geslachtsrekening voor hen.

  • 9Verder gaven zij van den stam der kinderen van Juda, en van den stam der kinderen van Simeon, deze steden, die men bij name noemde;

  • 23En over Kirjathaim, en over Beth-Gamul, en over Beth-Meon,

  • 45En Jehud, en Bene-Berak, en Gath-Rimmon,

  • 16De kinderen van den Keniet, den schoonvader van Mozes, togen ook uit de Palmstad op, met de kinderen van Juda, naar de woestijn van Juda, die tegen het zuiden van Harad is; en zij gingen heen en woonden met het volk.

  • Joz 15:35-36
    2 verzen
    69%

    35Jarmuth, en Adullam, Socho en Azeka,

    36En Saaraim, en Adithaim, en Gedera, en Gederothaim; veertien steden en haar dorpen.