1 Kronieken 4:33

Statenvertaling (States Bible)

En al haar dorpen, die in den omloop dezer steden waren, tot Baal toe. Dit zijn hun woningen en hun geslachtsrekening voor hen.

Aanvullende bronnen

Gerefereerde verzen

  • Joz 19:8 : 8 En al de dorpen, die rondom deze steden waren, tot Baalath-Beer, dat is Ramath tegen het zuiden. Dit is het erfdeel van den stam der kinderen van Simeon, naar hun huisgezinnen.

Vergelijkbare verzen (AI)

Deze verzen worden gevonden met AI-aangedreven semantische overeenkomst op basis van betekenis en context. Resultaten kunnen soms onverwachte verbanden bevatten.

  • 80%

    28En zij woonden te Ber-seba, en te Molada, en te Hazar-Sual,

    29En te Bilha, en te Ezem, en te Tholad,

    30En te Bethuel, en te Horma, en te Ziklag,

    31En te Beth-markaboth, en te Hazar-Susim, en te Beth-Biri, en te Saaraim. Dit waren hun steden, totdat David koning werd.

    32En hun dorpen waren Etam en Ain, Rimmon en Tochen, en Asan; vijf steden.

  • 34Doch Mesobab, en Jamlech, en Josa, de zoon van Amazia,

  • 73%

    16En zij woonden in Gilead, in Basan, en in haar onderhorige plaatsen, en in al de voorsteden van Saron, tot aan hun uitgangen.

    17Deze allen zijn naar hun geslachtsregisters geteld, in de dagen van Jotham, den koning van Juda, en in de dagen van Jerobeam, den koning van Israel.

  • Joz 19:6-8
    3 verzen
    73%

    6En Beth-Lebaoth, en Saruhen; dertien steden en haar dorpen.

    7Ain, Rimmon, en Ether, en Asan; vier steden en haar dorpen;

    8En al de dorpen, die rondom deze steden waren, tot Baalath-Beer, dat is Ramath tegen het zuiden. Dit is het erfdeel van den stam der kinderen van Simeon, naar hun huisgezinnen.

  • 1 Kron 5:7-8
    2 verzen
    71%

    7Aangaande zijn broederen in hun huisgezinnen, als zij naar hun geboorten in de geslachtsregisters gesteld werden; de hoofden zijn geweest Jehiel en Zecharja,

    8En Bela, de zoon van Azaz, den zoon van Sema, den zoon van Joel, die woonde te Aroer, en tot aan Nebo, en Baal-Meon,

  • 22Daartoe Jokim, en de mannen van Chozeba, en Joas, en Saraf (die over de Moabieten geheerst hebben) en de Jasubilehem; doch deze dingen zijn oud.

  • 9De zoon van Deker in Makaz, en in Saalbim, en Beth-Semes, en Elon-Beth-hanan.

  • Joz 15:32-33
    2 verzen
    71%

    32En Lebaoth, en Silhim, en Ain, en Rimmon. Al deze steden zijn negen en twintig en haar dorpen.

    33In de laagte zijn: Esthaol, en Zora, en Asna,

  • Neh 11:30-31
    2 verzen
    71%

    30Zanoah, Adullam en haar dorpen, Lachis en haar akkers, Azeka en haar onderhorige plaatsen; en zij legerden zich van Ber-seba af tot aan het dal Hinnom.

    31De kinderen van Benjamin nu van Geba woonden in Michmas, en Aja, en Beth-El, en haar onderhorige plaatsen,

  • 12Baana, de zoon van Ahilud, had Taanach, en Megiddo, en het ganse Beth-Sean, hetwelk is bij Zartana, beneden van Jizreel, van Beth-Sean aan tot Abel-Mehola, tot op gene zijde van Jokmeam.

  • 25In de dorpen nu op hun akkers woonden sommigen van de kinderen van Juda, in Kirjath-Arba en haar onderhorige plaatsen, en in Dibon en haar onderhorige plaatsen, en in Jekabzeel en haar dorpen;

  • 69%

    28En tot die te Aroer, en tot die te Sifmoth, en tot die te Esthemoa,

    29En tot die te Rachel, en tot die, welke in de steden der Jerahmeelieten waren, en tot die, welke in de steden der Kenieten waren,

  • Joz 15:56-57
    2 verzen
    69%

    56En Jizreel, en Jokdeam, en Zanoah,

    57Kain, Gibea, en Timna; tien steden en haar dorpen.

  • 69%

    28En hun bezitting en hun woning was Beth-El, en haar onderhorige plaatsen; en tegen het oosten Naaran, en tegen het westen Gezer en haar onderhorige plaatsen; en Sichem en haar onderhorige plaatsen, tot Gaza toe, en haar onderhorige plaatsen.

    29En aan de zijden der kinderen van Manasse was Beth-Sean en haar onderhorige plaatsen, Thaanach en haar onderhorige plaatsen, Megiddo en haar onderhorige plaatsen, Dor en haar onderhorige plaatsen. In deze hebben de kinderen van Jozef, den zoon van Israel, gewoond.

  • 31Dit is het erfdeel van den stam der kinderen van Aser, naar hun huisgezinnen, deze steden en haar dorpen.

  • 33En hun landpale is van Helef, van Allon tot Zaanannim, en Adami-Nekeb, en Jabneel, tot Lakkum; en haar uitgangen zijn aan de Jordaan.

  • 3En dezen zijn van den vader Etam: Jizreel, en Isma, en Idbas; en de naam hunner zuster was Hazelelponi.

  • 24Dezen nu waren de hoofden hunner vaderlijke huizen, te weten: Hefer, en Jisei, en Eliel, en Azriel, en Jeremia, en Hodavja, en Jahdiel; mannen sterk van kracht, mannen van naam, hoofden der huizen hunner vaderen.

  • 27En te Hazar-Sual, en in Ber-Seba, en haar onderhorige plaatsen,

  • 38De zonen van Benjamin, naar hun geslachten: van Bela het geslacht der Belaieten; van Asbel het geslacht der Asbelieten; van Ahiram het geslacht der Ahirmieten;

  • 30Zodat hun landpale was van Mahanaim af, het ganse Bazan, het ganse koninkrijk van Og, den koning van Bazan, en al de vlekken van Jair, die in Bazan zijn, zestig steden.

  • 21En Remeth, en En-gannim, en En-hadda, en Beth-Pazzez.

  • 44En Elteke, en Gibbethon, en Baalath,

  • 22En Kibzaim en haar voorsteden, en Beth-horon en haar voorsteden: vier steden.

  • 29Baala, en Ijim, en Azem,

  • Neh 11:33-34
    2 verzen
    68%

    33Hazor, Rama, Gitthaim,

    34Hadid, Zeboim, Neballat,

  • 25En hun landpale was Helkath, en Hali, en Beten, en Achsaf,

  • Joz 18:27-28
    2 verzen
    68%

    27En Rekem, en Jirpeel, en Tharala,

    28En Zela, Elef en Jebusi (deze is Jeruzalem), Gibath, Kirjath: veertien steden mitsgaders haar dorpen. Dit is het erfdeel der kinderen van Benjamin, naar hun huisgezinnen.

  • 42Deze steden waren elk met haar voorsteden rondom haar; alzo was het met al die steden.

  • 25Dat hun landpale was Jaezer, en al de steden van Gilead, en het halve land der kinderen Ammons, tot Aroer toe, die voor aan Rabba is;

  • 3En Hazar-Sual, en Bala, en Azem,

  • 36En Saaraim, en Adithaim, en Gedera, en Gederothaim; veertien steden en haar dorpen.

  • 22En Beth-araba, en Zemaraim, en Beth-El,

  • 35Dimna en haar voorsteden, Nahalal en haar voorsteden: vier steden.

  • 23Dit is het erfdeel van den stam der kinderen van Issaschar, naar hun huisgezinnen, de steden en haar dorpen.