Nehemia 12:16

Statenvertaling (States Bible)

Van Iddo, Zacharia; van Ginnethon, Mesullam;

Aanvullende bronnen

Vergelijkbare verzen (AI)

Deze verzen worden gevonden met AI-aangedreven semantische overeenkomst op basis van betekenis en context. Resultaten kunnen soms onverwachte verbanden bevatten.

  • Neh 12:1-6
    6 verzen
    84%

    1Dit nu zijn de priesters en de Levieten, die met Zerubbabel, den zoon van Sealthiel, en Jesua, optogen: Seraja, Jeremia, Ezra,

    2Amarja, Malluch, Hattus,

    3Sechanja, Rehum, Meremoth,

    4Iddo, Ginnethoi, Abia,

    5Mijamin, Maadja, Bilga,

    6Semaja, en Jojarib, Jedaja,

  • Neh 12:17-21
    5 verzen
    81%

    17Van Abia, Zichri; van Minjamin, van Moadja, Piltai;

    18Van Bilga, Sammua; van Semaja, Jonathan;

    19En van Jojarib, Matthenai; van Jedaja, Uzzi;

    20Van Sallai, Kallai; van Amok, Heber;

    21Van Hilkia, Hasabja; van Jedaja, Nethaneel.

  • Neh 12:13-15
    3 verzen
    81%

    13Van Ezra, Mesullam; van Amarja, Johanan;

    14Van Melichu, Jonathan; van Sebanja, Jozef;

    15Van Harim, Adna; van Merajoth, Helkai;

  • Neh 10:6-7
    2 verzen
    80%

    6Daniel, Ginnethon, Baruch,

    7Mesullam, Abia, Mijamin,

  • Neh 10:11-12
    2 verzen
    79%

    11Micha, Rehob, Hasabja,

    12Zakkur, Serebja, Sebanja,

  • Neh 12:33-36
    4 verzen
    78%

    33En Azarja, Ezra, en Mesullam,

    34Juda, en Benjamin, en Semaja, en Jeremia;

    35En van de priesters kinderen met trompetten: Zecharja, de zoon van Jonathan, den zoon van Semaja, den zoon van Matthanja, den zoon van Michaja, den zoon van Zakkur, den zoon van Asaf;

    36En zijn broeders, Semaja, en Azareel, Milalai, Gilalai, Maai, Nethaneel, en Juda, Hanani, met muziekinstrumenten van David, den man Gods; en Ezra, de schriftgeleerde, ging voor hun aangezicht heen.

  • 77%

    25En van Israel: van de kinderen van Paros: Ramja, en Jezia, en Malchia, en Mijamim, en Eleazar, en Malchia, en Benaja.

    26En van de kinderen van Elam: Mattanja, Zacharja, en Jehiel, en Abdi, en Jeremoth, en Elia.

    27En van de kinderen van Zatthu: Eljoenai, Eljasib, Mattanja, en Jeremoth, en Zabad, Aziza.

  • 12En Adaja, de zoon van Jeroham, den zoon van Pashur, den zoon van Malchija; en Massi, de zoon van Adiel, den zoon van Jahzera, den zoon van Mesullam, den zoon van Mesillemith, den zoon van Immer.

  • Neh 10:20-21
    2 verzen
    76%

    20Magpias, Mesullam, Hezir,

    21Mesezabeel, Zadok, Jaddua,

  • 76%

    31En van de kinderen van Harim: Eliezer, Jissia, Malchia, Semaja, Simeon,

    32Benjamin, Malluch, Semarja.

    33Van de kinderen van Hasum: Mathnai, Mattata, Zabad, Elifelet, Jeremai, Manasse, Simei.

  • 9Het vijfde voor Malchia, het zesde voor Mijamin,

  • 2Meselemja nu had kinderen; Zecharja was de eerstgeborene, Jediael de tweede, Zebadja de derde, Jathniel de vierde,

  • 12Johanan de achtste; Elzabad de negende;

  • 10Mismanna de vierde; Jirmeja de vijfde;

  • 36Vanja, Meremoth, Eljasib,

  • 12Het elfde voor Eljasib, het twaalfde voor Jakim,

  • 16Adonia, Bigvai, Adin,

  • 20En Eljoenai, en Zillethai, en Eliel,

  • 5En Maaseja, de zoon van Baruch, den zoon van Kol-hose, den zoon van Hazaja, den zoon van Adaja, den zoon van Jojarib, den zoon van Zacharja, den zoon van Siloni.

  • 74%

    36En Eljoenai, en Jaakoba, en Jesohaja, en Asaja, en Adiel, en Jesimeel, en Benaja,

    37En Ziza, de zoon van Sifei, den zoon van Allon, den zoon van Jedaja, den zoon van Simri, den zoon van Semaja;

  • 37En Gedor, en Ahio, en Zacharja, en Mikloth.

  • 17En Zebadja, en Mesullam, en Hizki, en Heber,

  • 16Het negende voor Mattanja; zijn zonen en zijn broederen, twaalf.

  • 42Den zoon van Ethan, den zoon van Zimma, den zoon van Simei,

  • 38En Bani, en Binnui, Simei,

  • 29En van de kinderen van Bani: Mesullam, Malluch en Adaja, Jasub en Seal, Jeramoth.

  • 15En Bakbakkar, Heres, en Galal, en Mattanja, de zoon van Micha, den zoon van Zichri, den zoon van Asaf;

  • 8En Jibnea, de zoon van Jeroham, en Ela, de zoon van Uzzi, den zoon van Michri; en Mesullam, de zoon van Sefatja, den zoon van Reuel, den zoon van Jibnija;