Nehemia 7:20

Statenvertaling (States Bible)

De kinderen van Adin, zeshonderd vijf en vijftig;

Aanvullende bronnen

Gerefereerde verzen

  • Ezra 2:15 : 15 De kinderen van Adin, vierhonderd vier en vijftig.

Vergelijkbare verzen (AI)

Deze verzen worden gevonden met AI-aangedreven semantische overeenkomst op basis van betekenis en context. Resultaten kunnen soms onverwachte verbanden bevatten.

  • Ezra 2:7-17
    11 verzen
    88%

    7De kinderen van Elam, duizend tweehonderd vier en vijftig.

    8De kinderen van Zatthu, negenhonderd zestig.

    9De kinderen van Zakkai, zevenhonderd zestig.

    10De kinderen van Bani, zeshonderd twee en veertig.

    11De kinderen van Bebai, zeshonderd drie en twintig.

    12De kinderen van Azgad, duizend tweehonderd twee en twintig.

    13De kinderen van Adonikam, zeshonderd zes en zestig.

    14De kinderen van Bigvai, twee duizend zes en vijftig.

    15De kinderen van Adin, vierhonderd vier en vijftig.

    16De kinderen van Ater, van Hizkia, acht en negentig.

    17De kinderen van Bezai, driehonderd drie en twintig.

  • Neh 7:12-19
    8 verzen
    81%

    12De kinderen van Elam, duizend, tweehonderd vier en vijftig;

    13De kinderen van Zatthu, achthonderd vijf en veertig;

    14De kinderen van Zakkai, zevenhonderd en zestig;

    15De kinderen van Binnui, zeshonderd acht en veertig;

    16De kinderen van Bebai, zeshonderd acht en twintig;

    17De kinderen van Azgad, twee duizend, driehonderd twee en twintig;

    18De kinderen van Adonikam, zeshonderd zeven en zestig;

    19De kinderen van Bigvai, twee duizend, zeven en zestig;

  • 21De kinderen van Ater, van Hizkia, acht en negentig;

  • 5De kinderen van Arach, zevenhonderd vijf en zeventig.

  • 6En van de kinderen van Adin, Ebed, de zoon van Jonathan; en met hem vijftig manspersonen.

  • Ezra 2:33-35
    3 verzen
    76%

    33De kinderen van Lod, Hadid en Ono, zevenhonderd vijf en twintig.

    34De kinderen van Jericho, driehonderd vijf en veertig.

    35De kinderen van Senaa, drie duizend zeshonderd en dertig.

  • 10De kinderen van Arach, zeshonderd twee en vijftig;

  • Neh 7:34-38
    5 verzen
    74%

    34De kinderen des anderen Elams, duizend, tweehonderd vier en vijftig;

    35De kinderen van Harim, driehonderd en twintig;

    36De kinderen van Jericho, driehonderd vijf en veertig;

    37De kinderen van Lod, Hadid en Ono, zevenhonderd een en twintig;

    38De kinderen van Senaa, drie duizend, negenhonderd en dertig;

  • 60De kinderen van Delaja, de kinderen van Tobia, de kinderen van Nekoda, zeshonderd twee en vijftig.

  • 40De kinderen van Immer, duizend twee en vijftig;

  • 62De kinderen van Delaja, de kinderen van Tobia, de kinderen van Nekoda, zeshonderd twee en veertig.

  • 9Dezen nu in geslachtsregisters gesteld zijnde, naar hun geslachten, hoofden der huizen hunner vaderen, kloeke helden, waren twintig duizend en tweehonderd.

  • 25De kinderen van Gibeon, vijf en negentig;

  • 16Adonia, Bigvai, Adin,

  • 25De kinderen van Kirjath-Arim, Cefira en Beeroth, zevenhonderd drie en veertig.

  • 15Toen telde hij de jongens van de oversten der landschappen, en zij waren tweehonderd twee en dertig; en na hen telde hij al het volk, al de kinderen Israels, zeven duizend.

  • 23De kinderen van Bezai, driehonderd vier en twintig;

  • Neh 7:59-60
    2 verzen
    71%

    59De kinderen van Sefatja, de kinderen van Hattil, de kinderen van Pochereth van Zebaim, de kinderen van Amon;

    60Al de Nethinim, en de kinderen der knechten van Salomo, waren driehonderd twee en negentig.

  • 20De kinderen van Gibbar, vijf en negentig.

  • 50De kinderen van Reaja, de kinderen van Rezin, de kinderen van Nekoda;

  • 31De kinderen van den anderen Elam, duizend tweehonderd vier en vijftig.

  • 11Alle dezen waren kinderen van Jediael, tot hoofden der vaderen, kloeke helden, zeventien duizend en tweehonderd, uitgaande in het heir ten strijde.

  • 8De kinderen van Parhos waren twee duizend, honderd twee en zeventig;

  • 37De kinderen van Immer, duizend twee en vijftig.

  • 7En de kinderen van Bela waren Ezbon, en Uzzi, en Uzziel, en Jerimoth, en Iri; vijf hoofden in de huizen der vaderen, kloeke helden; die, in geslachtsregisters gesteld zijnde, waren twee en twintig duizend en vier en dertig.