Psalmen 37:5

Statenvertaling (States Bible)

Gimel. Wentel uw weg op den HEERE, en vertrouw op Hem; Hij zal het maken;

Aanvullende bronnen

Gerefereerde verzen

  • Spr 16:3 : 3 Wentel uw werken op den HEERE, en uw gedachten zullen bevestigd worden.
  • 1 Petr 5:7 : 7 Werpt al uw bekommernis op Hem, want Hij zorgt voor u.
  • Ps 55:22 : 22 Zijn mond is gladder dan boter, maar zijn hart is krijg; zijn woorden zijn zachter dan olie, maar dezelve zijn blote zwaarden.
  • Fil 4:6-7 : 6 Weest in geen ding bezorgd; maar laat uw begeerten in alles, door bidden en smeken, met dankzegging bekend worden bij God; 7 En de vrede Gods, die alle verstand te boven gaat, zal uw harten en uw zinnen bewaren in Christus Jezus.
  • Matt 6:25 : 25 Daarom zeg Ik u: Zijt niet bezorgd voor uw leven, wat gij eten, en wat gij drinken zult; noch voor uw lichaam, waarmede gij u kleden zult; is het leven niet meer dan het voedsel, en het lichaam dan de kleding?
  • Jak 4:15 : 15 In plaats dat gij zoudt zeggen: Indien de Heere wil, en wij leven zullen, zo zullen wij dit of dat doen.
  • Ps 22:8 : 8 Allen, die mij zien, bespotten mij; zij steken de lip uit, zij schudden het hoofd, zeggende:
  • Job 22:28 : 28 Als gij een zaak besluit, zo zal zij u bestendig zijn; en op uw wegen zal het licht schijnen.
  • Pred 9:1 : 1 Zekerlijk, dit alles heb ik in mijn hart gelegd, opdat ik dit alles klaarlijk mocht verstaan, dat de rechtvaardigen, en de wijzen, en hun werken in de hand Gods zijn; ook liefde, ook haat, weet de mens niet uit al hetgeen voor zijn aangezicht is.
  • Luk 12:22 : 22 En Hij zeide tot Zijn discipelen: Daarom zeg Ik u: Zijt niet bezorgd voor uw leven, wat gij eten zult, noch voor het lichaam, waarmede gij u kleden zult.
  • Luk 12:29-30 : 29 En gijlieden, vraagt niet, wat gij eten, of wat gij drinken zult; en weest niet wankelmoedig. 30 Want al deze dingen zoeken de volken der wereld; maar uw Vader weet, dat gij deze dingen behoeft.
  • Klaagl 3:37 : 37 Mem. Wie zegt wat, hetwelk geschiedt, zo het de Heere niet beveelt?

Vergelijkbare verzen (AI)

Deze verzen worden gevonden met AI-aangedreven semantische overeenkomst op basis van betekenis en context. Resultaten kunnen soms onverwachte verbanden bevatten.

  • Ps 37:3-4
    2 verzen
    82%

    3Beth. Vertrouw op den HEERE, en doe het goede; bewoon de aarde, en voed u met getrouwigheid.

    4En verlustig u in den HEERE, zo zal Hij u geven de begeerten uws harten.

  • 3Wentel uw werken op den HEERE, en uw gedachten zullen bevestigd worden.

  • Ps 37:6-8
    3 verzen
    79%

    6En zal uw gerechtigheid doen voortkomen als het licht, en uw recht als den middag.

    7Daleth. Zwijg den HEERE, en verbeid Hem; ontsteek u niet over dengene, wiens weg voorspoedig is; over een man, die listige aanslagen uitvoert.

    8He. Laat af van toorn, en verlaat de grimmigheid; ontsteek u niet, immers niet, om kwaad te doen.

  • Spr 3:5-6
    2 verzen
    77%

    5Vertrouw op den HEERE met uw ganse hart, en steun op uw verstand niet.

    6Ken Hem in al uw wegen, en Hij zal uw paden recht maken.

  • 76%

    5Zijt beroerd, en zondigt niet; spreekt in ulieder hart op uw leger, en zijt stil. Sela.

  • 23Mem. De gangen deszelven mans worden van den HEERE bevestigd; en Hij heeft lust aan zijn weg.

  • 22Zijn mond is gladder dan boter, maar zijn hart is krijg; zijn woorden zijn zachter dan olie, maar dezelve zijn blote zwaarden.

  • 34Koph. Wacht op den HEERE, en houd Zijn weg, en Hij zal u verhogen, om de aarde erfelijk te bezitten; gij zult zien, dat de goddelozen worden uitgeroeid.

  • 8Allen, die mij zien, bespotten mij; zij steken de lip uit, zij schudden het hoofd, zeggende:

  • 19Opdat uw vertrouwen op den HEERE zij, maak ik u die heden bekend; gij ook maak ze bekend.

  • 8Doe mij Uw goedertierenheid in den morgenstond horen, want ik betrouw op U; maak mij bekend den weg, dien ik te gaan heb, want ik hef mijn ziel tot U op.

  • 7Gezegend daarentegen is de man, die op den HEERE vertrouwt, en wiens vertrouwen de HEERE is!

  • Jes 26:3-4
    2 verzen
    70%

    3Het is een bevestigd voornemen, Gij zult allerlei vrede bewaren, want men heeft op U vertrouwd.

    4Vertrouwt op den HEERE tot in der eeuwigheid; want in den Heere HEERE is een eeuwige rotssteen.

  • 9Het hart des mensen overdenkt zijn weg; maar de HEERE stiert zijn gang.

  • 4En Hij heeft een nieuw lied in mijn mond gegeven, een lofzang onzen Gode; velen zullen het zien, en vrezen, en op den HEERE vertrouwen.

  • 28Als gij een zaak besluit, zo zal zij u bestendig zijn; en op uw wegen zal het licht schijnen.

  • 8Het is beter tot den HEERE toevlucht te nemen, dan op den mens te vertrouwen.

  • 5Houdende mijn gangen in Uw sporen, opdat mijn voetstappen niet zouden wankelen.

  • 26Weeg den gang uws voets, en laat al uw wegen wel gevestigd zijn.

  • 4Hij gedenke al uwer spijsofferen, en make uw brandoffer tot as. Sela.

  • 15Ziet, zo Hij mij doodde, zou ik niet hopen? Evenwel zal ik mijn wegen voor Zijn aangezicht verdedigen.

  • 35Doe mij treden op het pad Uwer geboden, want daarin heb ik lust.

  • 7Werpt al uw bekommernis op Hem, want Hij zorgt voor u.

  • 5Doe mij uitgaan uit het net, dat zij voor mij verborgen hebben, want Gij zijt mijn Sterkte.

  • 26Want de HEERE zal met uw hoop wezen, en Hij zal uw voet bewaren van gevangen te worden.

  • 7Immers wandelt de mens als in een beeld, immers woelen zij ijdelijk; men brengt bijeen, en men weet niet, wie het naar zich nemen zal.

  • 10De goddeloze heeft veel smarten, maar die op den HEERE vertrouwt, dien zal de goedertierenheid omringen.

  • 8Doch ik zou naar God zoeken, en tot God mijn aanspraak richten;

  • 7Want Gij zet hem tot zegeningen in eeuwigheid; Gij vervrolijkt hem door vreugde met Uw aangezicht.

  • 7Mijn ziel! keer weder tot uw rust, want de HEERE heeft aan u welgedaan.

  • 21Want ons hart is in Hem verblijd, omdat wij op den Naam Zijner heiligheid vertrouwen.

  • 31Gods weg is volmaakt; de rede des HEEREN is doorlouterd; Hij is een Schild allen, die op Hem betrouwen.

  • 14Wacht op den HEERE, zijt sterk, en Hij zal uw hart versterken, ja, wacht op den HEERE.

  • 4Daleth. HEERE! maak mij Uw wegen bekend, leer mij Uw paden.

  • 1Een psalm van David! Doe mij recht, HEERE! want ik wandel in mijn oprechtigheid; en ik vertrouw op den HEERE, ik zal niet wankelen.

  • 8In God is mijn Heil en mijn Eer; de Rotssteen mijner sterkte, mijn Toevlucht is in God.

  • 24De treden des mans zijn van den HEERE; hoe zou dan een mens zijn weg verstaan?

  • 30Want met U loop ik door een bende, en met mijn God spring ik over een muur.

  • 10Caph. Alle paden des HEEREN zijn goedertierenheid en waarheid, dengenen, die Zijn verbond en Zijn getuigenissen bewaren.

  • 12Want God, de HEERE, is een Zon en Schild; de HEERE zal genade en eer geven; Hij zal het goede niet onthouden dengenen, die in oprechtheid wandelen. [ (Psalms 84:13) HEERE der heirscharen! welgelukzalig is de mens, die op U vertrouwt. ]

  • 3Zend Uw licht en Uw waarheid, dat die mij leiden; dat zij mij brengen tot den berg Uwer heiligheid, en tot Uw woningen;

  • 13Ook zal de HEERE het goede geven; en ons land zal zijn vrucht geven. [ (Psalms 85:14) De gerechtigheid zal voor Zijn aangezicht henengaan, en Hij zal ze zetten op den weg Zijner voetstappen. ]

  • 9Israel! vertrouw gij op den HEERE; Hij is hun Hulp en hun Schild.

  • 12Die keert zich dan naar Zijn wijzen raad door ommegangen, dat zij doen al wat Hij ze gebiedt, op het vlakke der wereld, op de aarde.

  • 67%

    8Maar ik zal door de grootheid Uwer goedertierenheid in Uw huis ingaan; ik zal mij buigen naar het paleis Uwer heiligheid, in Uw vreze.