Nehemia 12:4

Statenvertaling (States Bible)

Iddo, Ginnethoi, Abia,

Aanvullende bronnen

Gerefereerde verzen

  • Luk 1:5 : 5 In de dagen van Herodes, den koning van Judea, was een zeker priester, met name Zacharias, van de dagorde van Abia; en zijn vrouw was uit de dochteren van Aaron, en haar naam Elizabet.

Vergelijkbare verzen (AI)

Deze verzen worden gevonden met AI-aangedreven semantische overeenkomst op basis van betekenis en context. Resultaten kunnen soms onverwachte verbanden bevatten.

  • Neh 12:15-21
    7 verzen
    84%

    15Van Harim, Adna; van Merajoth, Helkai;

    16Van Iddo, Zacharia; van Ginnethon, Mesullam;

    17Van Abia, Zichri; van Minjamin, van Moadja, Piltai;

    18Van Bilga, Sammua; van Semaja, Jonathan;

    19En van Jojarib, Matthenai; van Jedaja, Uzzi;

    20Van Sallai, Kallai; van Amok, Heber;

    21Van Hilkia, Hasabja; van Jedaja, Nethaneel.

  • Neh 12:5-6
    2 verzen
    81%

    5Mijamin, Maadja, Bilga,

    6Semaja, en Jojarib, Jedaja,

  • Neh 12:1-3
    3 verzen
    80%

    1Dit nu zijn de priesters en de Levieten, die met Zerubbabel, den zoon van Sealthiel, en Jesua, optogen: Seraja, Jeremia, Ezra,

    2Amarja, Malluch, Hattus,

    3Sechanja, Rehum, Meremoth,

  • Neh 10:5-7
    3 verzen
    77%

    5Harim, Meremoth, Obadja,

    6Daniel, Ginnethon, Baruch,

    7Mesullam, Abia, Mijamin,

  • Neh 12:33-34
    2 verzen
    77%

    33En Azarja, Ezra, en Mesullam,

    34Juda, en Benjamin, en Semaja, en Jeremia;

  • Neh 10:11-13
    3 verzen
    76%

    11Micha, Rehob, Hasabja,

    12Zakkur, Serebja, Sebanja,

    13Hodia, Bani, Beninu;

  • 4En Abisua, en Naaman, en Ahoah,

  • 16Adonia, Bigvai, Adin,

  • 36En Eljoenai, en Jaakoba, en Jesohaja, en Asaja, en Adiel, en Jesimeel, en Benaja,

  • 74%

    9Het vijfde voor Malchia, het zesde voor Mijamin,

    10Het zevende voor Hakkoz, het achtste voor Abia,

  • 74%

    10Mismanna de vierde; Jirmeja de vijfde;

    11Attai de zesde; Eliel de zevende;

    12Johanan de achtste; Elzabad de negende;

  • 13Van Ezra, Mesullam; van Amarja, Johanan;

  • 36Vanja, Meremoth, Eljasib,

  • 12En Adaja, de zoon van Jeroham, den zoon van Pashur, den zoon van Malchija; en Massi, de zoon van Adiel, den zoon van Jahzera, den zoon van Mesullam, den zoon van Mesillemith, den zoon van Immer.

  • 74%

    26En van de kinderen van Elam: Mattanja, Zacharja, en Jehiel, en Abdi, en Jeremoth, en Elia.

    27En van de kinderen van Zatthu: Eljoenai, Eljasib, Mattanja, en Jeremoth, en Zabad, Aziza.

  • 21Mesezabeel, Zadok, Jaddua,

  • Neh 10:24-26
    3 verzen
    73%

    24Hallohes, Pilha, Sobek,

    25Rehum, Hasabna, Maaseja,

    26En Ahia, Hanan, Anan,

  • 20En Eljoenai, en Zillethai, en Eliel,

  • 10Jesua nu gewon Jojakim, en Jojakim gewon Eljasib, en Eljasib gewon Jojada,

  • 21Over half Manasse, in Gilead, was Jiddo, de zoon van Zecharja; over Benjamin was Jaasiel, de zoon van Abner;

  • 36En zijn broeders, Semaja, en Azareel, Milalai, Gilalai, Maai, Nethaneel, en Juda, Hanani, met muziekinstrumenten van David, den man Gods; en Ezra, de schriftgeleerde, ging voor hun aangezicht heen.

  • 22Het overige nu der geschiedenissen van Abia, zo zijn wegen als zijn woorden, zijn beschreven in de historie van den profeet Iddo.

  • 11Het vierde voor Jizri; zijn zonen en zijn broederen, twaalf.

  • 4En Jismaja, de Gibeoniet, was een held onder de dertig, en over dertig gesteld; en Jirmeja, en Jahaziel, en Johanan, en Jozabad, de Gederathiet;

  • 12Het elfde voor Eljasib, het twaalfde voor Jakim,

  • 12En hun broederen, die het werk in het huis deden, waren achthonderd twee en twintig. En Adaja, de zoon van Jeroham, den zoon van Pelalja, den zoon van Amzi, den zoon van Zacharja, den zoon van Pashur, den zoon van Malchia;

  • 40Machnadbai, Sasai, Sarai,

  • 47De kinderen van Giddel, de kinderen van Gahar, de kinderen van Reaja;

  • 41Den zoon van Ethni, den zoon van Zerah, den zoon van Adaja,

  • 11Van Benjamin, Abidan, de zoon van Gideoni.