Jozua 19:42

Statenvertaling (States Bible)

En Saalabbin, en Ajalon, en Jithla,

Aanvullende bronnen

Gerefereerde verzen

  • Richt 1:35 : 35 Ook wilden de Amorieten wonen op het gebergte van Heres, te Ajalon, en te Saalbim; maar de hand van het huis van Jozef werd zwaar, zodat zij cijnsbaar werden.
  • 1 Sam 14:31 : 31 Doch zij sloegen te dien dage de Filistijnen van Michmas tot Ajalon; en het volk was zeer moede.
  • Joz 10:12 : 12 Toen sprak Jozua tot den HEERE, ten dage als de HEERE de Amorieten voor het aangezicht de kinderen Israels overgaf, en zeide voor de ogen der Israelieten: Zon, sta stil te Gibeon, en gij, maan, in het dal van Ajalon!
  • Joz 21:24 : 24 Ajalon en haar voorsteden, Gath-Rimmon en haar voorsteden: vier steden.

Vergelijkbare verzen (AI)

Deze verzen worden gevonden met AI-aangedreven semantische overeenkomst op basis van betekenis en context. Resultaten kunnen soms onverwachte verbanden bevatten.

  • Joz 19:43-45
    3 verzen
    80%

    43En Elon, en Timnatha, en Ekron,

    44En Elteke, en Gibbethon, en Baalath,

    45En Jehud, en Bene-Berak, en Gath-Rimmon,

  • 41En de landpale van hun erfdeel was: Zora, en Esthaol, en Ir-Semes,

  • Joz 15:35-39
    5 verzen
    76%

    35Jarmuth, en Adullam, Socho en Azeka,

    36En Saaraim, en Adithaim, en Gedera, en Gederothaim; veertien steden en haar dorpen.

    37Zenan, en Hadasa, en Migdal-gad,

    38En Dilan, en Mizpa, en Jokteel,

    39Lachis, en Bozkath, en Eglon,

  • Joz 19:18-21
    4 verzen
    74%

    18En hun landpale was Jizreela, en Chesulloth, en Sunem,

    19En Hafaraim, en Sion, en Anacharath,

    20En Rabbith, en Kisjon, en Ebez,

    21En Remeth, en En-gannim, en En-hadda, en Beth-Pazzez.

  • Joz 15:55-56
    2 verzen
    74%

    55Maon, Karmel, en Zif, en Juta,

    56En Jizreel, en Jokdeam, en Zanoah,

  • 33In de laagte zijn: Esthaol, en Zora, en Asna,

  • 69En Ajalon en haar voorsteden, en Gath-Rimmon en haar voorsteden.

  • 73%

    8En Gath, en Maresa, en Zif,

    9En Adoraim, en Lachis, en Azeka,

    10En Zora, en Ajalon, en Hebron; dewelke in Juda en in Benjamin de vaste steden waren.

  • 24Ajalon en haar voorsteden, Gath-Rimmon en haar voorsteden: vier steden.

  • Joz 19:14-15
    2 verzen
    73%

    14En deze landpale keert zich om tegen het noorden naar Hannathon, en haar uitgangen zijn het dal van Jiftah-El.

    15En Kattath, en Nahalal, en Simron, en Jidala, en Bethlehem; twaalf steden en haar dorpen.

  • Joz 15:42-44
    3 verzen
    73%

    42Libna, en Ether, en Asan,

    43En Jiftah, en Asna, en Nezib,

    44En Kehila, en Achzib, en Mareza; negen steden en haar dorpen.

  • Neh 11:26-27
    2 verzen
    72%

    26En te Jesua, en te Molada, en te Beth-Pelet,

    27En te Hazar-Sual, en in Ber-Seba, en haar onderhorige plaatsen,

  • 48Op het gebergte nu: Samir, en Jatthir, en Socho,

  • Joz 15:23-24
    2 verzen
    72%

    23En Kedes, en Hazor, en Jithnan,

    24Zif, en Telem, en Bealoth,

  • 22En Beth-araba, en Zemaraim, en Beth-El,

  • Joz 19:25-27
    3 verzen
    72%

    25En hun landpale was Helkath, en Hali, en Beten, en Achsaf,

    26En Allammelech, en Am-ad, en Mis-al; en zij reikt aan Karmel westwaarts, en aan Sichor-Libnath;

    27En wendt zich tegen den opgang der zon naar Beth-Dagon, en reikt aan Zebulon, en aan het dal Jiftha-El noordwaarts naar Beth-Emek, en Nehiel, en komt uit tot Kabul ter linkerhand;

  • 16En Ain en haar voorsteden, en Jutta en haar voorsteden, en Beth-Semes en haar voorsteden; negen steden van deze twee stammen.

  • Joz 19:5-6
    2 verzen
    71%

    5En Ziklag, en Beth-hammerchaboth, en Hazar-Suza,

    6En Beth-Lebaoth, en Saruhen; dertien steden en haar dorpen.

  • 22En Kibzaim en haar voorsteden, en Beth-horon en haar voorsteden: vier steden.

  • 28En Hazar-Sual, en Beer-Seba, en Bizjotheja,

  • 3En Hazar-Sual, en Bala, en Azem,

  • 14En Jatthir en haar voorsteden, en Esthemoa en haar voorsteden;

  • 18Daartoe waren de Filistijnen in de steden der laagte en het zuiden van Juda ingevallen, en hadden ingenomen Beth-Semes, en Ajalon, en Gederoth, en Socho en haar onderhorige plaatsen, en Timna en haar onderhorige plaatsen, en Gimzo en haar onderhorige plaatsen; en zij woonden aldaar.

  • 9De zoon van Deker in Makaz, en in Saalbim, en Beth-Semes, en Elon-Beth-hanan.

  • 38En Jiron, en Migdal-El, Horem en Beth-Anath, en Beth-Semes; negentien steden en haar dorpen.

  • 42Deze steden waren elk met haar voorsteden rondom haar; alzo was het met al die steden.

  • 30Zanoah, Adullam en haar dorpen, Lachis en haar akkers, Azeka en haar onderhorige plaatsen; en zij legerden zich van Ber-seba af tot aan het dal Hinnom.

  • 26Amam, en Sema, en Molada,

  • 34Hadid, Zeboim, Neballat,

  • 19En Kirjathaim, en Sibma, en Zeret-Hassahar op den berg des dals,