Spreuken 14:25

Statenvertaling (States Bible)

Een waarachtig getuige redt de zielen; maar die leugens blaast, is een bedrieger.

Aanvullende bronnen

Gerefereerde verzen

  • Spr 14:5 : 5 Een waarachtig getuige zal niet liegen; maar een vals getuige blaast leugens.
  • Hand 20:21 : 21 Betuigende, beiden Joden en Grieken, de bekering tot God en het geloof in onzen Heere Jezus Christus.
  • Hand 20:26-27 : 26 Daarom betuig ik ulieden op deze huidigen dag, dat ik rein ben van het bloed van u allen. 27 Want ik heb niet achtergehouden, dat ik u niet zou verkondigd hebben al den raad Gods.
  • Hand 26:16-20 : 16 Maar richt u op, en sta op uw voeten; want hiertoe ben Ik u verschenen, om u te stellen tot een dienaar en getuige der dingen, beide die gij gezien hebt en in welke Ik u nog zal verschijnen; 17 Verlossende u van dit volk, en van de heidenen, tot dewelke Ik u nu zende; 18 Om hun ogen te openen, en hen te bekeren van de duisternis tot het licht, en van de macht des satans tot God; opdat zij vergeving der zonden ontvangen, en een erfdeel onder de geheiligden, door het geloof in Mij. 19 Daarom, o koning Agrippa, ben ik dat Hemels gezicht niet ongehoorzaam geweest; 20 Maar heb eerst dengenen, die te Damaskus waren, en te Jeruzalem, en in het gehele land van Judea, en den heidenen verkondigd, dat zij zich zouden beteren, en tot God bekeren, werken doende der bekering waardig.
  • 1 Tim 4:1-3 : 1 Doch de Geest zegt duidelijk, dat in de laatste tijden sommigen zullen afvallen van het geloof, zich begevende tot verleidende geesten, en leringen der duivelen, 2 Door geveinsdheid der leugensprekers, hebbende hun eigen geweten als met een brandijzer toegeschroeid; 3 Verbiedende te huwelijken, gebiedende van spijzen te onthouden, die God geschapen heeft, tot nuttiging met dankzegging, voor de gelovigen, en die de waarheid hebben bekend.
  • 2 Petr 3:3 : 3 Dit eerst wetende, dat in het laatste der dagen spotters komen zullen, die naar hun eigen begeerlijkheden zullen wandelen,

Vergelijkbare verzen (AI)

Deze verzen worden gevonden met AI-aangedreven semantische overeenkomst op basis van betekenis en context. Resultaten kunnen soms onverwachte verbanden bevatten.

  • 5Een waarachtig getuige zal niet liegen; maar een vals getuige blaast leugens.

  • 17Die waarheid voortbrengt, maakt gerechtigheid bekend; maar een getuige der valsheden, bedrog.

  • 9Een vals getuige zal niet onschuldig zijn; en die leugen blaast, zal vergaan.

  • 5Een vals getuige zal niet onschuldig zijn; en die leugen blaast, zal niet ontkomen.

  • 28Een leugenachtig getuige zal vergaan; en een man, die hoort, zal spreken tot overwinning.

  • 19Een vals getuige, die leugenen blaast; en die tussen broederen krakelen inwerpt.

  • 74%

    15Een enig getuige zal tegen niemand opstaan over enige ongerechtigheid of over enige zonde, van alle zonde, die hij zou mogen zondigen; op den mond van twee getuigen, of op den mond van drie getuigen zal de zaak bestaan.

    16Wanneer een wrevelige getuige tegen iemand zal opstaan, om een afwijking tegen hem te betuigen;

  • 18Een man, tegen zijn naaste een valse getuigenis sprekende, is een hamer, en zwaard, en scherpe pijl.

  • Spr 12:22-23
    2 verzen
    73%

    22Valse lippen zijn den HEERE een gruwel; maar die trouwelijk handelen, zijn Zijn welgevallen.

    23Een kloekzinnig mens bedekt de wetenschap; maar het hart der zotten roept dwaasheid uit.

  • 2O HEERE! red mijn ziel van de valse lippen, van de bedriegelijke tong.

  • 28Wees niet zonder oorzaak getuige tegen uw naaste; want zoudt gij verleiden met uw lip?

  • 30De vrucht des rechtvaardigen is een boom des levens; en wie zielen vangt, is wijs.

  • 28Een Belialsgetuige bespot het recht; en de mond der goddelozen slokt de ongerechtigheid in.

  • Spr 13:5-6
    2 verzen
    71%

    5De rechtvaardige haat leugentaal; maar de goddeloze maakt zich stinkende, en doet zich schaamte aan.

    6De gerechtigheid bewaart den oprechte van weg; maar de goddeloosheid zal den zondaar omkeren.

  • 1Gij zult geen vals gerucht opnemen; en stelt uw hand niet bij den goddeloze, om een getuige tot geweld te zijn.

  • 4De boosdoener merkt op de ongerechtige lip; een leugenaar neigt het oor tot de verkeerde tong.

  • 24Der wijzen kroon is hun rijkdom; de dwaasheid der zotten is dwaasheid.

  • 18En de rechters zullen wel onderzoeken; en ziet, de getuige is een vals getuige, hij heeft valsheid betuigd tegen zijn broeder;

  • 26In de vreze des HEEREN is een sterk vertrouwen, en Hij zal Zijn kinderen een Toevlucht wezen.

  • 11Wrevelige getuigen staan er op; hetgeen ik niet weet, eisen zij van mij.

  • 16Gij zult geen valse getuigenis spreken tegen uw naaste.

  • 19Een waarachtige lip zal bevestigd worden in eeuwigheid; maar een valse tong is maar voor een ogenblik.

  • 6De woorden der goddelozen zijn om op bloed te loeren; maar de mond der oprechten zal ze redden.

  • 6Uw mond verdoemt u, en niet ik; en uw lippen getuigen tegen u.

  • 4De medicijn der tong is een boom des levens; maar de verkeerdheid in dezelve is een breuk in den geest.

  • 2Schatten der goddeloosheid doen geen nut; maar de gerechtigheid redt van den dood.

  • 28Een valse tong haat degenen, die zij verbrijzelt; en een gladde mond maakt omstoting.

  • 7Een voortreffelijke lip past een dwaze niet, veelmin een prins een leugenachtige lip.

  • 1De arme, in zijn oprechtheid wandelende, is beter dan de verkeerde van lippen, en die een zot is.

  • 2De tong der wijzen maakt de wetenschap goed; maar de mond der zotten stort overvloediglijk dwaasheid uit.

  • 3In den mond des dwazen is een roede des hoogmoeds; maar de lippen der wijzen bewaren hen.

  • 12Een heerser, die op leugentaal acht geeft, al zijn dienaars zijn goddeloos.

  • 2Die oprecht wandelt, en gerechtigheid werkt, en die met zijn hart de waarheid spreekt;

  • 17De baan der oprechten is van het kwaad af te wijken; hij behoedt zijn ziel, die zijn weg bewaart.

  • 13De lippen der gerechtigheid zijn het welgevallen der koningen; en elkeen van hen zal liefhebben dien, die rechte dingen spreekt.

  • 14Des wijzen leer is een springader des levens, om af te wijken van de strikken des doods.

  • 13Mem. Wie is de man, die lust heeft ten leven, die dagen liefheeft, om het goede te zien?

  • 3De oprechtheid der oprechten leidt hen; maar de verkeerdheid der trouwelozen verstoort hen.

  • 7De lippen der wijzen zullen de wetenschap uitstrooien; maar het hart der zotten niet alzo.

  • 6De wonden des liefhebbers zijn getrouw; maar de kussingen des haters zijn af te bidden.

  • 30Al wie de ziel slaat, naar den mond der getuige zal men den doodslager doden, maar een enig getuige zal niet getuigen tegen een ziel, dat zij sterve.

  • 7Wie bedrog pleegt, zal binnen mijn huis niet blijven; die leugenen spreekt, zal voor mijn ogen niet bevestigd worden.

  • 67%

    6De onzinnigen zullen voor Uw ogen niet bestaan; Gij haat alle werkers der ongerechtigheid.

  • 26Die op zijn hart vertrouwt, die is een zot; maar die in wijsheid wandelt, die zal ontkomen.

  • 13Die als een achterklapper wandelt, openbaart het heimelijke; maar die getrouw is van geest, bedekt de zaak.

  • 18Die den haat bedekt, is van valse lippen, en die een kwaad gerucht voortbrengt, is een zot.

  • 24Die met een dief deelt, haat zijn ziel; hij hoort een vloek, en hij geeft het niet te kennen.