Spreuken 3:30

Statenvertaling (States Bible)

Twist met een mens niet zonder oorzaak, zo hij u geen kwaad gedaan heeft.

Aanvullende bronnen

Gerefereerde verzen

  • Spr 17:14 : 14 Het begin des krakeels is gelijk een, die het water opening geeft; daarom verlaat den twist, eer hij zich vermengt.
  • Spr 18:6 : 6 De lippen des zots komen in twist, en zijn mond roept naar slagen.
  • Spr 25:8-9 : 8 Vaar niet haastelijk voort om te twisten, opdat gij misschien in het laatste daarvan niet wat doet, als uw naaste u zou mogen beschaamd hebben. 9 Twist uw twistzaak met uw naaste; maar openbaar het heimelijke van een ander niet;
  • Spr 29:22 : 22 Een toornig man verwekt gekijf; en de grammoedige is veelvoudig in overtreding.
  • Matt 5:39-41 : 39 Maar Ik zeg u, dat gij den boze niet wederstaat; maar, zo wie u op de rechterwang slaat, keert hem ook de andere toe; 40 En zo iemand met u rechten wil, en uw rok nemen, laat hem ook den mantel; 41 En zo wie u zal dwingen een mijl te gaan, gaat met hem twee mijlen.
  • Rom 12:18-21 : 18 Indien het mogelijk is, zoveel in u is, houdt vrede met alle mensen. 19 Wreekt uzelven niet, beminden, maar geeft den toorn plaats; want er is geschreven: Mij komt de wraak toe; Ik zal het vergelden, zegt de Heere. 20 Indien dan uw vijand hongert, zo spijzigt hem; indien hem dorst, zo geeft hem te drinken; want dat doende, zult gij kolen vuurs op zijn hoofd hopen. 21 Wordt van het kwade niet overwonnen, maar overwint het kwade door het goede.
  • 1 Kor 6:6-8 : 6 Maar de ene broeder gaat met den anderen broeder te recht, en dat voor ongelovigen. 7 Zo is er dan nu ganselijk gebrek onder u, dat gij met elkander rechtzaken hebt. Waarom lijdt gij niet liever ongelijk? Waarom lijdt gij niet liever schade? 8 Maar gijlieden doet ongelijk, en doet schade, en dat den broederen.
  • 2 Tim 2:24 : 24 En een dienstknecht des Heeren moet niet twisten, maar vriendelijk zijn jegens allen, bekwaam om te leren, en die de kwaden kan verdragen;

Vergelijkbare verzen (AI)

Deze verzen worden gevonden met AI-aangedreven semantische overeenkomst op basis van betekenis en context. Resultaten kunnen soms onverwachte verbanden bevatten.

  • Spr 3:27-29
    3 verzen
    85%

    27Onthoud het goed van zijn meesters niet, als het in het vermogen uwer hand is te doen.

    28Zeg niet tot uw naaste: Ga heen, en kom weder, en morgen zal ik geven, dewijl het bij u is.

    29Smeed geen kwaad tegen uw naaste, aangezien hij met vertrouwen bij u woont.

  • 31Zijt niet nijdig over een man des gewelds, en verkies geen van zijn wegen.

  • Spr 25:8-9
    2 verzen
    76%

    8Vaar niet haastelijk voort om te twisten, opdat gij misschien in het laatste daarvan niet wat doet, als uw naaste u zou mogen beschaamd hebben.

    9Twist uw twistzaak met uw naaste; maar openbaar het heimelijke van een ander niet;

  • Spr 24:28-29
    2 verzen
    76%

    28Wees niet zonder oorzaak getuige tegen uw naaste; want zoudt gij verleiden met uw lip?

    29Zeg niet: Gelijk als hij mij gedaan heeft, zo zal ik hem doen; ik zal een ieder vergelden naar zijn werk.

  • Ps 37:7-8
    2 verzen
    75%

    7Daleth. Zwijg den HEERE, en verbeid Hem; ontsteek u niet over dengene, wiens weg voorspoedig is; over een man, die listige aanslagen uitvoert.

    8He. Laat af van toorn, en verlaat de grimmigheid; ontsteek u niet, immers niet, om kwaad te doen.

  • 3Die met zijn tong niet achterklapt, zijn metgezellen geen kwaad doet, en geen smaadrede opneemt tegen zijn naaste;

  • 17Spaar uw voet van het huis uws naasten, opdat hij niet zat van u worde, en u hate.

  • 1Een psalm van David. Aleph. Ontsteek u niet over de boosdoeners; benijd hen niet, die onrecht doen.

  • Spr 24:18-19
    2 verzen
    74%

    18Opdat het de HEERE niet zie, en het kwaad zij in Zijn ogen en Hij Zijn toorn van hem afkere.

    19Ontsteek u niet over de boosdoeners; zijt niet nijdig over de goddelozen.

  • 73%

    4HEERE, mijn God, indien ik dat gedaan heb, indien er onrecht in mijn handen is;

  • 1Zijt niet nijdig over de boze lieden, en laat u niet gelusten, om bij hen te zijn.

  • Rom 12:17-18
    2 verzen
    73%

    17Vergeldt niemand kwaad voor kwaad. Bezorgt hetgeen eerlijk is voor alle mensen.

    18Indien het mogelijk is, zoveel in u is, houdt vrede met alle mensen.

  • 72%

    9Vergeldt niet kwaad voor kwaad, of schelden voor schelden, maar zegent daarentegen; wetende, dat gij daartoe geroepen zijt, opdat gij zegening zoudt beerven.

    10Want wie het leven wil liefhebben, en goede dagen zien, die stille zijn tong van het kwaad, en zijn lippen, dat zij geen bedrog spreken;

    11Die wijke af van het kwade, en doe het goede; die zoeke vrede en jage denzelven na.

  • 2Dat zij niemand lasteren, geen vechters zijn, maar bescheiden zijn, alle zachtmoedigheid bewijzende jegens alle mensen.

  • 3Het is eer voor een man, van twist af te blijven; maar ieder dwaas zal er zich in mengen.

  • 3Trek mij niet weg met de goddelozen, en met de werkers der ongerechtigheid, die van vrede spreken met hun naasten, maar kwaad is in hun hart.

  • 24Vergezelschap u niet met een grammoedige, en ga niet om met een zeer grimmig man;

  • 15Loer niet, o goddeloze! op de woning des rechtvaardigen; verwoest zijn legerplaats niet.

  • Job 31:29-30
    2 verzen
    72%

    29Zo ik verblijd ben geweest in de verdrukking mijns haters, en mij opgewekt heb, als het kwaad hem vond;

    30(Ook heb ik mijn gehemelte niet toegelaten te zondigen, mits door een vloek zijn ziel te begeren).

  • 13En wie is het, die u kwaad doen zal, indien gij navolgers zijt van het goede?

  • 4Doch niemand twiste noch bestraffe iemand; want uw volk is als die met den priester twisten.

  • 33En wanneer een vreemdeling bij u in uw land als vreemdeling verkeren zal, gij zult hem niet verdrukken.

  • Lev 19:17-18
    2 verzen
    72%

    17Gij zult uw broeder in uw hart niet haten; gij zult uw naaste naarstiglijk berispen, en zult de zonde in hem niet verdragen.

    18Gij zult niet wreken, noch toorn behouden tegen de kinderen uws volks; maar gij zult uw naaste liefhebben als uzelven; Ik ben de HEERE!

  • 19Als ook iemand aan zijn naaste een gebrek zal aangebracht hebben; gelijk als hij gedaan heeft, zo zal ook aan hem gedaan worden:

  • Num 35:22-23
    2 verzen
    71%

    22Maar indien hij hem met der haast, zonder vijandschap gestoten heeft, of enig instrument zonder opzet op hem geworpen heeft;

    23Of onvoorziens met enigen steen, waarvan men zoude kunnen sterven, en hij dien op hem heeft doen vallen, dat hij gestorven zij, zo hij hem toch geen vijand was, noch zijn kwaad zoekende;

  • Spr 17:13-14
    2 verzen
    71%

    13Die kwaad voor goed vergeldt, het kwaad zal van zijn huis niet wijken.

    14Het begin des krakeels is gelijk een, die het water opening geeft; daarom verlaat den twist, eer hij zich vermengt.

  • 29Een man des gewelds verlokt zijn naaste, en hij leidt hem in een weg, die niet goed is.

  • 15Ziet, dat niemand kwaad voor kwaad iemand vergelde; maar jaagt allen tijd het goede na, zo jegens elkander als jegens allen.

  • 13Waarom hebt gij tegen Hem getwist? Want Hij antwoordt niet van al Zijn daden.

  • 18Een grimmig man zal gekijf verwekken; maar de lankmoedige zal den twist stillen.

  • 14Nun. Bewaar uw tong van het kwaad, en uw lippen van bedrog te spreken.

  • 36Lamed. Dat men een mens verongelijkt in zijn twistzaak; zou het de Heere niet zien?

  • 19Laat hen zich niet verblijden over mij, die mij om valse oorzaken vijanden zijn; noch wenken met de ogen, die mij zonder oorzaak haten.

  • 21Wordt van het kwade niet overwonnen, maar overwint het kwade door het goede.

  • 26Het is niet goed, den rechtvaardige ook te doen boeten, dat de prinsen iemand slaan zouden om hetgeen recht is.

  • 21Gewen u toch aan Hem, en heb vrede; daardoor zal u het goede overkomen.

  • 10Achterklap niet van den knecht bij zijn heer, opdat hij u niet vloeke, en gij schuldig wordt.