Psalmen 119:66

Statenvertaling (States Bible)

Leer mij een goeden zin en wetenschap, want ik heb aan Uw geboden geloofd.

Aanvullende bronnen

Gerefereerde verzen

  • Fil 1:9 : 9 En dit bid ik God, dat uw liefde nog meer en meer overvloedig worde in erkentenis en alle gevoelen;
  • Jak 3:13-18 : 13 Wie is wijs en verstandig onder u? die bewijze uit zijn goeden wandel zijn werken in zachtmoedige wijsheid. 14 Maar indien gij bitteren nijd en twistgierigheid hebt in uw hart, zo roemt en liegt niet tegen de waarheid. 15 Deze is de wijsheid niet, die van boven afkomt, maar is aards, natuurlijk, duivels. 16 Want waar nijd en twistgierigheid is, aldaar is verwarring en alle boze handel. 17 Maar de wijsheid, die van boven is, die is ten eerste zuiver, daarna vreedzaam, bescheiden, gezeggelijk, vol van barmhartigheid en van goede vruchten, niet partijdig oordelende, en ongeveinsd. 18 En de vrucht der rechtvaardigheid wordt in vrede gezaaid voor degenen, die vrede maken.
  • Richt 3:15 : 15 Toen riepen de kinderen Israels tot den HEERE, en de HEERE verwekte hun een verlosser, Ehud, den zoon van Gera, een zoon van Jemini, een man, die links was. En de kinderen Israels zonden door zijn hand een geschenk aan Eglon, den koning der Moabieten.
  • 1 Kon 3:9 : 9 Geef dan Uw knecht een verstandig hart, om Uw volk te richten, verstandelijk onderscheidende tussen goed en kwaad; want wie zou dit Uw zwaar volk kunnen richten?
  • 1 Kon 3:28 : 28 En geheel Israel hoorde dat oordeel, dat de koning geoordeeld had, en vreesde voor het aangezicht des konings; want zij zagen, dat de wijsheid Gods in hem was, om recht te doen.
  • Neh 9:13-14 : 13 En Gij zijt neergedaald op den berg Sinai, en hebt met hen gesproken uit den hemel; en Gij hebt hun gegeven rechtmatige rechten, en getrouwe wetten, goede inzettingen en geboden. 14 En Gij hebt Uw heiligen sabbat bekend gemaakt; en Gij hebt hun geboden, en inzettingen en een wet bevolen, door de hand van Uw knecht Mozes.
  • Ps 72:1-2 : 1 Voor Salomo. O God! geef den koning Uw rechten, en Uw gerechtigheid den zoon des konings. 2 Zo zal hij Uw volk richten met gerechtigheid, en Uw ellendigen met recht.
  • Ps 119:34 : 34 Geef mij het verstand, en ik zal Uw wet houden; ja, ik zal ze onderhouden met gansen harte.
  • Ps 119:128 : 128 Daarom heb ik alle Uw bevelen, van alles, voor recht gehouden; maar alle valse pad heb ik gehaat.
  • Ps 119:160 : 160 Het begin Uws woords is waarheid, en in der eeuwigheid is al het recht Uwer gerechtigheid.
  • Ps 119:172 : 172 Mijn tong zal spraak houden van Uw rede, want al Uw geboden zijn rechtvaardigheid.
  • Spr 2:1-9 : 1 Mijn zoon! zo gij mijn redenen aanneemt, en mijn geboden bij u weglegt; 2 Om uw oren naar wijsheid te doen opmerken; zo gij uw hart tot verstandigheid neigt; 3 Ja, zo gij tot het verstand roept, uw stem verheft tot de verstandigheid; 4 Zo gij haar zoekt als zilver, en naspeurt als verborgen schatten; 5 Dan zult gij de vreze des HEEREN verstaan, en zult de kennis van God vinden. 6 Want de HEERE geeft wijsheid; uit Zijn mond komt kennis en verstand. 7 Hij legt weg voor de oprechten een bestendig wezen; Hij is een Schild dengenen, die oprechtelijk wandelen; 8 Opdat zij de paden des rechts houden; en Hij zal den weg Zijner gunstgenoten bewaren. 9 Dan zult gij verstaan gerechtigheid, en recht, en billijkheden, en alle goed pad.
  • Spr 8:20 : 20 Ik doe wandelen op den weg der gerechtigheid, in het midden van de paden des rechts;
  • Jes 11:2-4 : 2 En op Hem zal de Geest des HEEREN rusten, de Geest der wijsheid en des verstands, de Geest des raads en der sterkte, de Geest der kennis en der vreze des HEEREN. 3 En Zijn rieken zal zijn in de vreze des HEEREN; en Hij zal naar het gezicht Zijner ogen niet richten; Hij zal ook naar het gehoor Zijner oren niet bestraffen. 4 Maar Hij zal de armen met gerechtigheid richten, en de zachtmoedigen des lands met rechtmatigheid bestraffen; doch Hij zal de aarde slaan met de roede Zijns monds, en met den adem Zijner lippen zal Hij den goddeloze doden.
  • Matt 13:11 : 11 En Hij, antwoordende, zeide tot hen: Omdat het u gegeven is, de verborgenheden van het Koninkrijk der hemelen te weten, maar dien is het niet gegeven.

Vergelijkbare verzen (AI)

Deze verzen worden gevonden met AI-aangedreven semantische overeenkomst op basis van betekenis en context. Resultaten kunnen soms onverwachte verbanden bevatten.

  • Ps 119:67-68
    2 verzen
    82%

    67Eer ik verdrukt werd, dwaalde ik, maar nu onderhoud ik Uw woord.

    68Gij zijt goed en goeddoende; leer mij Uw inzettingen.

  • Ps 119:33-35
    3 verzen
    81%

    33He. HEERE! leer mij den weg Uwer inzettingen, en ik zal hem houden ten einde toe.

    34Geef mij het verstand, en ik zal Uw wet houden; ja, ik zal ze onderhouden met gansen harte.

    35Doe mij treden op het pad Uwer geboden, want daarin heb ik lust.

  • Ps 119:10-12
    3 verzen
    81%

    10Ik zoek U met mijn gehele hart, laat mij van Uw geboden niet afdwalen.

    11Ik heb Uw rede in mijn hart verborgen, opdat ik tegen U niet zondigen zou.

    12HEERE! Gij zijt gezegend; leer mij Uw inzettingen.

  • Ps 119:64-65
    2 verzen
    80%

    64HEERE! de aarde is vol van Uw goedertierenheid; leer mij Uw inzettingen.

    65Teth. Gij hebt bij Uw knecht goed gedaan, HEERE, naar Uw woord.

  • 102Ik ben niet geweken van Uw rechten, want Gij hebt mij geleerd.

  • 79%

    124Doe bij Uw knecht naar Uw goedertierenheid, en leer mij Uw inzettingen.

    125Ik ben Uw knecht, maak mij verstandig, en ik zal Uw getuigenissen kennen.

  • Ps 119:26-27
    2 verzen
    79%

    26Ik heb U mijn wegen verteld, en Gij hebt mij verhoord; leer mij Uw inzettingen.

    27Geef mij den weg Uwer bevelen te verstaan, opdat ik Uw wonderen betrachte.

  • 108Laat U toch, o HEERE! welgevallen de vrijwillige offeranden mijns monds, en leer mij Uw rechten.

  • Ps 119:6-8
    3 verzen
    78%

    6Dan zou ik niet beschaamd worden, wanneer ik merken zou op al Uw geboden.

    7Ik zal U loven in oprechtheid des harten, als ik de rechten Uwer gerechtigheid geleerd zal hebben.

    8Ik zal Uw inzettingen bewaren; verlaat mij niet al te zeer.

  • 166O HEERE! ik hoop op Uw heil, en doe Uw geboden.

  • 73Jod. Uw handen hebben mij gemaakt, en bereid; maak mij verstandig, opdat ik Uw geboden lere.

  • Ps 119:75-76
    2 verzen
    77%

    75Ik weet, HEERE! dat Uw gerichten de gerechtigheid zijn, en dat Gij mij uit getrouwheid verdrukt hebt.

    76Laat toch Uw goedertierenheid zijn om mij te troosten, naar Uw toezegging aan Uw knecht.

  • 77%

    168Ik onderhoud Uw bevelen en Uw getuigenissen, want al mijn wegen zijn voor U.

    169Thau. O HEERE! laat mijn geschrei voor Uw aanschijn genaken, maak mij verstandig naar Uw woord.

  • 56Dat is mij geschied, omdat ik Uw bevelen bewaard heb.

  • 76%

    143Benauwdheid en angst hebben mij getroffen, doch Uw geboden zijn mijn vermakingen.

    144De gerechtigheid Uwer getuigenissen is in der eeuwigheid; doe ze mij verstaan, zo zal ik leven.

  • Ps 119:98-99
    2 verzen
    76%

    98Zij maakt mij door Uw geboden wijzer, dan mijn vijanden zijn, want zij is in eeuwigheid bij mij.

    99Ik ben verstandiger dan al mijn leraars, omdat Uw getuigenissen mijn betrachting zijn.

  • 71Het is mij goed, dat ik verdrukt ben geweest, opdat ik Uw inzettingen leerde.

  • 43En ruk het woord der waarheid van mijn mond niet al te zeer, want ik hoop op Uw rechten.

  • 76%

    171Mijn lippen zullen Uw lof overvloediglijk uitstorten, als Gij mij Uw inzettingen zult geleerd hebben.

    172Mijn tong zal spraak houden van Uw rede, want al Uw geboden zijn rechtvaardigheid.

  • 47En ik zal mij vermaken in Uw geboden, die ik liefheb.

  • 159Zie aan, dat ik Uw bevelen lief heb, o HEERE! maak mij levend naar Uw goedertierenheid.

  • 11Leer mij, HEERE! Uw weg; ik zal in Uw waarheid wandelen; verenig mijn hart tot de vreze Uws Naams.

  • 4HEERE! Gij hebt geboden, dat men Uw bevelen zeer bewaren zal.

  • 106Ik heb gezworen, en zal het bevestigen, dat ik onderhouden zal de rechten Uwer gerechtigheid.

  • 127Daarom heb ik Uw geboden lief, meer dan goud, ja, meer dan het fijnste goud.

  • Ps 119:39-40
    2 verzen
    75%

    39Wend mijn smaadheid af, die ik vreze, want Uw rechten zijn goed.

    40Zie, ik heb een begeerte tot Uw bevelen; maak mij levend door Uw gerechtigheid.

  • 30Ik heb verkoren den weg der waarheid, Uw rechten heb ik mij voorgesteld.

  • 86Al Uw geboden zijn waarheid; zij vervolgen mij met leugen, help mij.

  • 10Leer mij Uw welbehagen doen, want Gij zijt mijn God! Uw goede Geest geleide mij in een effen land.

  • 18Ontdek mijn ogen, dat ik aanschouwe de wonderen van Uw wet.

  • 149Hoor mijn stem naar Uw goedertierenheid, o HEERE! maak mij levend naar Uw recht.

  • 24Leert mij, en ik zal zwijgen, en geeft mij te verstaan, waarin ik gedwaald heb.

  • 58Ik heb Uw aanschijn ernstelijk gebeden van ganser harte, wees mij genadig naar Uw toezegging.

  • 156HEERE! Uw barmhartigheden zijn vele; maak mij levend naar Uw rechten.