Job 6:24

Statenvertaling (States Bible)

Leert mij, en ik zal zwijgen, en geeft mij te verstaan, waarin ik gedwaald heb.

Aanvullende bronnen

Gerefereerde verzen

  • Jak 3:2 : 2 Want wij struikelen allen in vele. Indien iemand in woorden niet struikelt, die is een volmaakt man, machtig om ook het gehele lichaam in den toom te houden.
  • Ps 19:12 : 12 Ook wordt Uw knecht door dezelve klaarlijk vermaand; in het houden van die is grote loon.
  • Job 10:2 : 2 Ik zal tot God zeggen: Verdoem mij niet; doe mij weten, waarover Gij met mij twist.
  • Job 32:11 : 11 Ziet, ik heb gewacht op ulieder woorden; ik heb het oor gewend tot ulieder aanmerkingen, totdat gij redenen uitgezocht hadt.
  • Job 33:1 : 1 En gewisselijk, o Job! hoor toch mijn redenen, en neem al mijn woorden ter ore.
  • Ps 39:1-2 : 1 Een psalm van David, voor den opperzangmeester, voor Jeduthun. 2 Ik zeide: Ik zal mijn wegen bewaren, dat ik niet zondige met mijn tong; ik zal mijn mond met een breidel bewaren, terwijl de goddeloze nog tegenover mij is.
  • Spr 9:9 : 9 Leer den wijze, zo zal hij nog wijzer worden; onderwijs den rechtvaardige, zo zal hij in leer toenemen.
  • Spr 25:12 : 12 Een wijs bestraffer bij een horend oor, is een gouden oorsiersel, en een halssieraad van het fijnste goud.
  • Jak 1:19 : 19 Zo dan, mijn geliefde broeders, een iegelijk mens zij ras om te horen, traag om te spreken, traag tot toorn;
  • Job 33:31-33 : 31 Merk op, o Job! Hoor naar mij; zwijg, en ik zal spreken. 32 Zo er redenen zijn, antwoord mij; spreek, want ik heb lust u te rechtvaardigen. 33 Zo niet, hoor naar mij; zwijg, en ik zal u wijsheid leren.
  • Job 34:32 : 32 Behalve wat ik zie, leer Gij mij; heb ik onrecht gewrocht, ik zal het niet meer doen.
  • Job 32:15-16 : 15 Zij zijn ontzet, zij antwoorden niet meer; zij hebben de woorden van zich verzet. 16 Ik heb dan gewacht, maar zij spreken niet; want zij staan stil; zij antwoorden niet meer.
  • Ps 32:8 : 8 Ik zal u onderwijzen, en u leren van den weg, dien gij gaan zult; Ik zal raad geven, Mijn oog zal op u zijn.
  • Job 5:27 : 27 Zie dit, wij hebben het doorzocht, het is alzo; hoor het, en bemerk gij het voor u.

Vergelijkbare verzen (AI)

Deze verzen worden gevonden met AI-aangedreven semantische overeenkomst op basis van betekenis en context. Resultaten kunnen soms onverwachte verbanden bevatten.

  • Job 34:31-32
    2 verzen
    79%

    31Zekerlijk heeft hij tot God gezegd: Ik heb Uw straf verdragen, ik zal het niet verderven.

    32Behalve wat ik zie, leer Gij mij; heb ik onrecht gewrocht, ik zal het niet meer doen.

  • Job 33:31-33
    3 verzen
    77%

    31Merk op, o Job! Hoor naar mij; zwijg, en ik zal spreken.

    32Zo er redenen zijn, antwoord mij; spreek, want ik heb lust u te rechtvaardigen.

    33Zo niet, hoor naar mij; zwijg, en ik zal u wijsheid leren.

  • 24Kastijd mij, HEERE! doch met mate; niet in Uw toorn, opdat Gij mij niet te niet maakt.

  • Job 42:3-4
    2 verzen
    75%

    3Wie is hij, zegt Gij, die den raad verbergt zonder wetenschap? Zo heb ik dan verhaald, hetgeen ik niet verstond, dingen, die voor mij te wonderbaar waren, die ik niet wist.

    4Hoor toch, en ik zal spreken; ik zal U vragen, en onderricht Gij mij.

  • 23Of bevrijdt mij van de hand des verdrukkers, en verlost mij van de hand der tirannen?

  • 12Ook wordt Uw knecht door dezelve klaarlijk vermaand; in het houden van die is grote loon.

  • 4Maar ook het zij waarlijk, dat ik gedwaald heb, mijn dwaling zal bij mij vernachten.

  • 66Leer mij een goeden zin en wetenschap, want ik heb aan Uw geboden geloofd.

  • 25O, hoe krachtig zijn de rechte redenen! Maar wat bestraft het bestraffen, dat van ulieden is?

  • Job 13:19-20
    2 verzen
    73%

    19Wie is hij, die met mij twist? Wanneer ik nu zweeg, zo zou ik den geest geven.

    20Alleenlijk doe twee dingen niet met mij; dan zal ik mij van Uw aangezicht niet verbergen.

  • Job 23:4-5
    2 verzen
    73%

    4Ik zou het recht voor Zijn aangezicht ordentelijk voorstellen, en mijn mond zou ik met verdedigingen vervullen.

    5Ik zou de redenen weten, die Hij mij antwoorden zou; en verstaan, wat Hij mij zeggen zou.

  • Job 13:22-24
    3 verzen
    73%

    22Roep dan, en ik zal antwoorden; of ik zal spreken, en geef mij antwoord.

    23Hoeveel misdaden en zonden heb ik? Maak mijn overtreding en mijn zonden mij bekend.

    24Waarom verbergt Gij Uw aangezicht, en houdt mij voor Uw vijand?

  • 24En die dwalende van geest zijn, zullen tot verstand komen, en de murmureerders zullen de lering aannemen.

  • 73%

    1Een psalm van David, voor den opperzangmeester, op de Neginoth, op de Scheminith.

  • Ps 119:33-34
    2 verzen
    73%

    33He. HEERE! leer mij den weg Uwer inzettingen, en ik zal hem houden ten einde toe.

    34Geef mij het verstand, en ik zal Uw wet houden; ja, ik zal ze onderhouden met gansen harte.

  • 6Hoort toch mijn verdediging, en merkt op de twistingen mijner lippen.

  • 34De lieden van verstand zullen met mij zeggen, en een wijs man zal naar mij horen;

  • 23Keert u tot Mijn bestraffing; ziet, Ik zal Mijn Geest ulieden overvloediglijk uitstorten; Ik zal Mijn woorden u bekend maken.

  • 4Daleth. HEERE! maak mij Uw wegen bekend, leer mij Uw paden.

  • Ps 119:26-27
    2 verzen
    71%

    26Ik heb U mijn wegen verteld, en Gij hebt mij verhoord; leer mij Uw inzettingen.

    27Geef mij den weg Uwer bevelen te verstaan, opdat ik Uw wonderen betrachte.

  • 13Houdt stil van mij, opdat ik spreke, en er ga over mij, wat het zij.

  • Ps 39:1-2
    2 verzen
    71%

    1Een psalm van David, voor den opperzangmeester, voor Jeduthun.

    2Ik zeide: Ik zal mijn wegen bewaren, dat ik niet zondige met mijn tong; ik zal mijn mond met een breidel bewaren, terwijl de goddeloze nog tegenover mij is.

  • 6Dat Gij onderzoekt naar mijn ongerechtigheid, en naar mijn zonde verneemt?

  • 30Zou onrecht op mijn tong wezen? Zou mijn gehemelte niet de ellenden te verstaan geven?

  • 2Ik zal tot God zeggen: Verdoem mij niet; doe mij weten, waarover Gij met mij twist.

  • 11HEERE! leer mij Uw weg, en leid mij in het rechte pad, om mijner verspieders wil.

  • Spr 5:12-13
    2 verzen
    70%

    12En zegt: Hoe heb ik de tucht gehaat, en mijn hart de bestraffing versmaad!

    13En heb niet gehoord naar de stem mijner onderwijzers, noch mijn oren geneigd tot mijn leraars!

  • 11Ik zal ulieden leren van de hand Gods; wat bij den Almachtige is, zal ik niet verhelen.

  • 8En nu, wat verwacht ik, o HEERE! Mijn hoop, die is op U.

  • 3Ik heb aangehoord een bestraffing, die mij schande aandoet; maar de geest zal uit mijn verstand voor mij antwoorden.

  • 19Onderricht ons, wat wij Hem zeggen zullen; want wij zullen niets ordentelijk voorstellen kunnen vanwege de duisternis.

  • 11Leer mij, HEERE! Uw weg; ik zal in Uw waarheid wandelen; verenig mijn hart tot de vreze Uws Naams.

  • 4Hebt gij een arm gelijk God? En kunt gij, gelijk Hij, met de stem donderen?

  • 5Ziet mij aan, en wordt verbaasd, en legt de hand op den mond.

  • 18Want ik ben tot hinken gereed, en mijn smart is steeds voor mij.

  • 17Ik zal u wijzen, hoor mij aan, en hetgeen ik gezien heb, dat zal ik vertellen;

  • 9Leer den wijze, zo zal hij nog wijzer worden; onderwijs den rechtvaardige, zo zal hij in leer toenemen.

  • 23Het hart eens wijzen maakt zijn mond verstandig, en zal op zijn lippen de lering vermeerderen.