Spreuken 17:1

Statenvertaling (States Bible)

Een droge bete, en rust daarbij, is beter, dan een huis vol van geslachte beesten met twist.

Aanvullende bronnen

Gerefereerde verzen

  • Spr 15:17 : 17 Beter is een gerecht van groen moes, waar ook liefde is, dan een gemeste os, en haat daarbij.
  • Spr 21:9 : 9 Het is beter te wonen op een hoek van het dak, dan met een kijfachtige huisvrouw, en dat in een huis van gezelschap.
  • Spr 21:19 : 19 Het is beter te wonen in een woest land, dan bij een zeer kijfachtige en toornige huisvrouw.
  • Ps 37:16 : 16 Teth. Het weinige, dat de rechtvaardige heeft, is beter dan de overvloed veler goddelozen.

Vergelijkbare verzen (AI)

Deze verzen worden gevonden met AI-aangedreven semantische overeenkomst op basis van betekenis en context. Resultaten kunnen soms onverwachte verbanden bevatten.

  • Spr 15:16-18
    3 verzen
    78%

    16Beter is weinig met de vreze des HEEREN, dan een grote schat, en onrust daarbij.

    17Beter is een gerecht van groen moes, waar ook liefde is, dan een gemeste os, en haat daarbij.

    18Een grimmig man zal gekijf verwekken; maar de lankmoedige zal den twist stillen.

  • 6Een hand vol met rust is beter, dan beide de vuisten vol met arbeid en kwelling des geestes.

  • 24Het is beter te wonen op een hoek van het dak, dan met een kijfachtige huisvrouw, en dat in een huis van gezelschap.

  • 9Het is beter te wonen op een hoek van het dak, dan met een kijfachtige huisvrouw, en dat in een huis van gezelschap.

  • 14Het begin des krakeels is gelijk een, die het water opening geeft; daarom verlaat den twist, eer hij zich vermengt.

  • Spr 21:19-20
    2 verzen
    73%

    19Het is beter te wonen in een woest land, dan bij een zeer kijfachtige en toornige huisvrouw.

    20In des wijzen woning is een gewenste schat, en olie; maar een zot mens verslindt zulks.

  • 8Beter is een weinig met gerechtigheid, dan de veelheid der inkomsten zonder recht.

  • 2Een verstandig knecht zal heersen over een zoon, die beschaamd maakt, en in het midden der broederen zal hij erfenis delen.

  • Pred 9:17-18
    2 verzen
    71%

    17De woorden der wijzen moeten in stilheid aangehoord worden, meer dan het geroep desgenen, die over de zotten heerst.

    18De wijsheid is beter dan de krijgswapenen, maar een enig zondaar verderft veel goeds.

  • 1Een zacht antwoord keert de grimmigheid af; maar een smartend woord doet den toorn oprijzen.

  • 16Teth. Het weinige, dat de rechtvaardige heeft, is beter dan de overvloed veler goddelozen.

  • 3Het is eer voor een man, van twist af te blijven; maar ieder dwaas zal er zich in mengen.

  • 1De arme, in zijn oprechtheid wandelende, is beter dan de verkeerde van lippen, en die een zot is.

  • 19Het is beter nederig van geest te zijn met de zachtmoedigen, dan roof te delen met de hovaardigen.

  • Spr 19:13-15
    3 verzen
    69%

    13Een zotte zoon is zijn vader grote ellende; en de kijvingen ener vrouw als een gestadig druipen.

    14Huis en goed is een erve van de vaderen; maar een verstandige vrouw is van den HEERE.

    15Luiheid doet in diepen slaap vallen; en een bedriegelijke ziel zal hongeren.

  • 10Drijf den spotter uit, en het gekijf zal weggaan, en het geschil met de schande zal ophouden.

  • 14Een gift in het verborgene houdt den toorn onder, en een geschenk in den schoot de sterke grimmigheid.

  • 5Het is beter te horen het bestraffen des wijzen, dan dat iemand hore het gezang der dwazen.

  • 27Wie wetenschap weet, houdt zijn woorden in; en een man van verstand is kostelijk van geest.

  • 10Door hovaardigheid maakt men niet dan gekijf; maar bij de beradenen is wijsheid.

  • 20Als er geen hout is, gaat het vuur uit; en als er geen oorblazer is, wordt het gekijf gestild.

  • 23Het ploegen der armen geeft veelheid der spijze; maar daar is een, die verteerd wordt door gebrek van oordeel.

  • 5Och, of gij gans stilzweegt! Dat zou ulieden voor wijsheid wezen.

  • 1Wees niet te snel met uw mond, en uw hart haaste niet een woord voort te brengen voor Gods aangezicht; want God is in den hemel, en gij zijt op de aarde; daarom laat uw woorden weinig zijn.

  • 27Die gierigheid pleegt, beroert zijn huis; maar die geschenken haat, zal leven.

  • 2Het is beter te gaan in het klaaghuis, dan te gaan in het huis des maaltijds; want in hetzelve is het einde aller mensen, en de levende legt het in zijn hart.

  • 17Spaar uw voet van het huis uws naasten, opdat hij niet zat van u worde, en u hate.

  • 7Al de arbeid des mensen is voor zijn mond; en nochtans wordt de begeerlijkheid niet vervuld.

  • 32De lankmoedige is beter dan de sterke; en die heerst over zijn geest, dan die een stad inneemt.

  • 13Beter is een arm en wijs jongeling, dan een oud en zot koning, die niet weet van meer vermaand te worden.

  • 17De voorbijgaande, die zich vertoornt in een twist, die hem niet aangaat, is gelijk die een hond bij de oren grijpt.

  • 17Tuchtig uw zoon, en hij zal u gerustheid aandoen, en hij zal uw ziel vermakelijkheden geven.

  • 9Beter is, die zich gering acht, en een knecht heeft, dan die zichzelven eert, en des broods gebrek heeft.

  • 29Wie zijn huis beroert, zal wind erven; en de dwaas zal een knecht zijn desgenen, die wijs van hart is.

  • 15Een gedurige druiping ten dage des slagregens en een kijfachtige huisvrouw zijn even gelijk.

  • 25Die grootmoedig is, verwekt gekijf; maar die op den HEERE vertrouwt, zal vet worden.

  • 7Een verzadigde ziel vertreedt het honigzeem; maar aan een hongerige ziel is alle bitter zoet.

  • 17De gestolen wateren zijn zoet, en het verborgen brood is liefelijk.

  • 16Hoeveel beter is het wijsheid te bekomen, dan uitgegraven goud, en uitnemender, verstand te bekomen, dan zilver!

  • 6In het huis des rechtvaardigen is een grote schat; maar in des goddelozen inkomst is beroerte.

  • 19In de veelheid der woorden ontbreekt de overtreding niet; maar die zijn lippen wederhoudt, is kloek verstandig.

  • 17Welgelukzalig zijt gij, land! welks koning een zoon der edelen is, en welks vorsten ter rechter tijd eten, tot sterkte en niet tot drinkerij.

  • 29De lankmoedige is groot van verstand; maar die haastig is van gemoed, verheft de dwaasheid.