Job 16:1

Statenvertaling (States Bible)

Maar Job antwoordde en zeide:

Aanvullende bronnen

Vergelijkbare verzen (AI)

Deze verzen worden gevonden met AI-aangedreven semantische overeenkomst op basis van betekenis en context. Resultaten kunnen soms onverwachte verbanden bevatten.

  • Job 19:1-2
    2 verzen
    91%

    1Maar Job antwoordde en zeide:

    2Hoe lang zult gijlieden mijn ziel bedroeven, en mij met woorden verbrijzelen?

  • Job 21:1-2
    2 verzen
    91%

    1Maar Job antwoordde en zeide:

    2Hoort aandachtelijk mijn rede, en laat dit zijn uw vertroostingen.

  • 1Maar Job antwoordde en zeide:

  • 1Maar Job antwoordde en zeide:

  • 1Maar Job antwoordde en zeide:

  • 1Maar Job antwoordde en zeide:

  • 1Maar Job antwoordde en zeide:

  • 1Toen antwoordde Job den HEERE, en zeide:

  • Job 16:2-3
    2 verzen
    86%

    2Ik heb vele dergelijke dingen gehoord; gij allen zijt moeilijke vertroosters.

    3Zal er een einde zijn aan de winderige woorden? Of wat stijft u, dat gij alzo antwoordt?

  • Job 40:1-4
    4 verzen
    86%

    1En de HEERE antwoordde Job uit een onweder, en zeide:

    2Gord nu als een man uw lenden; Ik zal u vragen, en onderricht Mij.

    3Zult gij ook Mijn oordeel te niet maken? Zult Gij Mij verdoemen, opdat gij rechtvaardig zijt?

    4Hebt gij een arm gelijk God? En kunt gij, gelijk Hij, met de stem donderen?

  • Job 3:1-2
    2 verzen
    83%

    1Daarna opende Job zijn mond, en vervloekte zijn dag.

    2Want Job antwoordde en zeide:

  • 1En Job ging voort zijn spreuk op te heffen, en zeide:

  • 1Daarna antwoordde de HEERE Job uit een onweder, en zeide:

  • 1En Job ging voort zijn spreuk op te heffen, en zeide:

  • 1Toen antwoordde Elifaz, de Themaniet, en zeide:

  • Job 40:6-7
    2 verzen
    79%

    6Strooi de verbolgenheden uws toorns uit, en zie allen hoogmoedige, en verneder hem!

    7Zie allen hoogmoedige, en breng hem ten onder; en verpletter de goddelozen in hun plaats!

  • 1Toen antwoordde Bildad, de Suhiet, en zeide:

  • 1En gewisselijk, o Job! hoor toch mijn redenen, en neem al mijn woorden ter ore.

  • 1Verder antwoordde Elihu, en zeide:

  • 1Toen antwoordde Zofar, de Naamathiet, en zeide:

  • 1Toen antwoordde Zofar, de Naamathiet, en zeide:

  • 1Toen antwoordde Elifaz, de Themaniet, en zeide:

  • 1Toen antwoordde Bildad, de Suhiet, en zeide:

  • 1Toen antwoordde Bildad, de Suhiet, en zeide:

  • 1Toen antwoordde Elifaz, de Themaniet, en zeide:

  • 1Verder geschiedde des HEEREN woord tot mij, zeggende:

  • 1En des HEEREN woord geschiedde tot mij, zeggende:

  • 9Toen antwoordde de satan den HEERE, en zeide: Is het om niet, dat Job God vreest?

  • Job 33:31-32
    2 verzen
    74%

    31Merk op, o Job! Hoor naar mij; zwijg, en ik zal spreken.

    32Zo er redenen zijn, antwoord mij; spreek, want ik heb lust u te rechtvaardigen.

  • 1Elihu ging nog voort, en zeide:

  • 1Elihu antwoordde verder, en zeide:

  • 7Het geschiedde nu, nadat de HEERE die woorden tot Job gesproken had, dat de HEERE tot Elifaz, den Themaniet, zeide: Mijn toorn is ontstoken tegen u, en tegen uw twee vrienden, want gijlieden hebt niet recht van Mij gesproken, gelijk Mijn knecht Job.

  • 1En des HEEREN woord geschiedde tot mij, zeggende:

  • 12Als ik nu acht op u gegeven heb, ziet, er is niemand, die Job overreedde, die uit ulieden zijn redenen beantwoordde;

  • 22Roep dan, en ik zal antwoorden; of ik zal spreken, en geef mij antwoord.

  • 16Zo heeft Job in ijdelheid zijn mond geopend, en zonder wetenschap woorden vermenigvuldigd.

  • 20Toen stond Job op, en scheurde zijn mantel, en schoor zijn hoofd, en viel op de aarde, en boog zich neder;

  • Job 34:35-36
    2 verzen
    72%

    35Dat Job niet met wetenschap gesproken heeft, en zijn woorden niet met kloek verstand geweest zijn.

    36Mijn Vader, laat Job beproefd worden tot het einde toe, om zijner antwoorden wil onder de ongerechtige lieden.

  • 1En des HEEREN woord geschiedde tot mij, zeggende:

  • 22In dit alles zondigde Job niet, en schreef Gode niets ongerijmds toe.