Job 22:22

Statenvertaling (States Bible)

Ontvang toch de wet uit Zijn mond, en leg Zijn redenen in uw hart.

Aanvullende bronnen

Gerefereerde verzen

  • Job 23:12 : 12 Het gebod Zijner lippen heb ik ook niet weggedaan; de redenen Zijns monds heb ik meer dan mijn bescheiden deel weggelegd.
  • Ps 119:11 : 11 Ik heb Uw rede in mijn hart verborgen, opdat ik tegen U niet zondigen zou.
  • Deut 4:1-2 : 1 Nu dan, Israel! hoor naar de inzettingen en naar de rechten, die ik ulieden lere te doen; opdat gij leeft, en henen inkomt, en erft het land, dat de HEERE, uwer vaderen God, u geeft. 2 Gij zult tot dit woord, dat ik u gebiede, niet toedoen, ook daarvan niet afdoen; opdat gij bewaart de geboden van den HEERE, uw God, die ik u gebiede.
  • Deut 6:6-9 : 6 En deze woorden, die ik u heden gebiede, zullen in uw hart zijn. 7 En gij zult ze uw kinderen inscherpen, en daarvan spreken, als gij in uw huis zit, en als gij op den weg gaat, en als gij nederligt, en als gij opstaat. 8 Ook zult gij ze tot een teken binden op uw hand, en zij zullen u tot voorhoofdspanselen zijn tussen uw ogen. 9 En gij zult ze op de posten van uw huis, en aan uw poorten schrijven.
  • Spr 4:4 : 4 Hij nu leerde mij, en zeide tot mij: Uw hart houde mijn woorden vast, onderhoud mijn geboden, en leef.
  • Spr 4:21 : 21 Laat ze niet wijken van uw ogen, behoud ze in het midden uws harten.
  • Jer 15:16 : 16 Als Uw woorden gevonden zijn, zo heb ik ze opgegeten, en Uw woord is mij geweest tot vreugde en tot blijdschap mijns harten; want ik ben naar Uw Naam genoemd, o HEERE, God der heirscharen!
  • Matt 12:35 : 35 De goede mens brengt goede dingen voort uit den goede schat des harten, en de boze mens brengt boze dingen voort uit den boze schat.
  • Matt 13:52 : 52 En Hij zeide tot hen: Daarom, een iegelijk Schriftgeleerde, in het Koninkrijk der hemelen onderwezen, is gelijk aan een heer des huizes, die uit zijn schat nieuwe en oude dingen voortbrengt.
  • Luk 2:19 : 19 Doch Maria bewaarde deze woorden alle te zamen, overleggende die in haar hart.
  • Luk 2:51 : 51 En Hij ging met hen af, en kwam te Nazareth, en was hun onderdanig. En Zijn moeder bewaarde al deze dingen in haar hart.
  • 1 Thess 4:1-2 : 1 Voorts dan, broeders, wij bidden en vermanen u in den Heere Jezus, gelijk gij van ons ontvangen hebt, hoe gij moet wandelen en Gode behagen, dat gij daarin meer overvloedig wordt. 2 Want gij weet, wat bevelen wij u gegeven hebben door den Heere Jezus.
  • Spr 2:1-9 : 1 Mijn zoon! zo gij mijn redenen aanneemt, en mijn geboden bij u weglegt; 2 Om uw oren naar wijsheid te doen opmerken; zo gij uw hart tot verstandigheid neigt; 3 Ja, zo gij tot het verstand roept, uw stem verheft tot de verstandigheid; 4 Zo gij haar zoekt als zilver, en naspeurt als verborgen schatten; 5 Dan zult gij de vreze des HEEREN verstaan, en zult de kennis van God vinden. 6 Want de HEERE geeft wijsheid; uit Zijn mond komt kennis en verstand. 7 Hij legt weg voor de oprechten een bestendig wezen; Hij is een Schild dengenen, die oprechtelijk wandelen; 8 Opdat zij de paden des rechts houden; en Hij zal den weg Zijner gunstgenoten bewaren. 9 Dan zult gij verstaan gerechtigheid, en recht, en billijkheden, en alle goed pad.

Vergelijkbare verzen (AI)

Deze verzen worden gevonden met AI-aangedreven semantische overeenkomst op basis van betekenis en context. Resultaten kunnen soms onverwachte verbanden bevatten.

  • 21Gewen u toch aan Hem, en heb vrede; daardoor zal u het goede overkomen.

  • Spr 2:1-2
    2 verzen
    78%

    1Mijn zoon! zo gij mijn redenen aanneemt, en mijn geboden bij u weglegt;

    2Om uw oren naar wijsheid te doen opmerken; zo gij uw hart tot verstandigheid neigt;

  • Spr 22:17-21
    5 verzen
    76%

    17Neig uw oor, en hoor de woorden der wijzen, en stel uw hart tot mijn wetenschap;

    18Want het is liefelijk, als gij die in uw binnenste bewaart; zij zullen samen op uw lippen gepast worden.

    19Opdat uw vertrouwen op den HEERE zij, maak ik u die heden bekend; gij ook maak ze bekend.

    20Heb ik u niet heerlijke dingen geschreven van allerlei raad en wetenschap?

    21Om u bekend te maken de zekerheid van de redenen der waarheid; opdat gij de redenen der waarheid antwoorden moogt dengenen, die u zenden.

  • Job 22:23-24
    2 verzen
    76%

    23Zo gij u bekeert tot den Almachtige, gij zult gebouwd worden; doe het onrecht verre van uw tenten.

    24Dan zult gij het goud op het stof leggen, en het goud van Ofir bij den rotssteen der beken;

  • 12Begeef uw hart tot de tucht, en uw oren tot de redenen der wetenschap.

  • 1Mijn zoon, bewaar mijn redenen, en leg mijn geboden bij u weg.

  • 1En gewisselijk, o Job! hoor toch mijn redenen, en neem al mijn woorden ter ore.

  • 2Hoort aandachtelijk mijn rede, en laat dit zijn uw vertroostingen.

  • Spr 4:20-21
    2 verzen
    72%

    20Mijn zoon! merk op mijn woorden, neig uw oor tot mijn redenen.

    21Laat ze niet wijken van uw ogen, behoud ze in het midden uws harten.

  • 1Een onderwijzing van Asaf. O mijn volk! neem mijn leer ter oren; neigt ulieder oor tot de redenen mijns monds.

  • 20Hoor raad, en ontvang tucht, opdat gij in uw laatste wijs zijt.

  • 16Zo er dan verstand bij u is, hoor dit; neig de oren tot de stem mijner woorden.

  • 10Verder zeide Hij tot mij: Mensenkind, vat al Mijn woorden, die Ik tot u spreken zal, in uw hart, en hoor ze met uw oren.

  • 33Zo niet, hoor naar mij; zwijg, en ik zal u wijsheid leren.

  • 31Merk op, o Job! Hoor naar mij; zwijg, en ik zal spreken.

  • 2Hoort, gij wijzen, mijn woorden, en gij verstandigen, neigt de oren naar mij.

  • Job 22:26-27
    2 verzen
    71%

    26Want dan zult gij u over den Almachtige verlustigen, en gij zult tot God uw aangezicht opheffen.

    27Gij zult tot Hem ernstiglijk bidden, en Hij zal u verhoren; en gij zult uw geloften betalen.

  • 1Neig de oren, gij hemel, en ik zal spreken; en de aarde hore de redenen mijns monds.

  • 2Dewijl ik ulieden goede leer geve, verlaat mijn wet niet.

  • 4Hoor toch, en ik zal spreken; ik zal U vragen, en onderricht Gij mij.

  • 23Neemt ter ore en hoort mijn stem, merkt op en hoort mijn rede!

  • 3Om aan te nemen onderwijs van goed verstand, gerechtigheid, en recht, en billijkheden;

  • 8Zeker, gij hebt gezegd voor mijn oren, en ik heb de stem der woorden gehoord;

  • 24Nu dan, kinderen, hoort naar mij, en luistert naar de redenen mijns monds.

  • 6Hoort toch mijn verdediging, en merkt op de twistingen mijner lippen.

  • 10Hoor, mijn zoon! en neem mijn redenen aan, en de jaren des levens zullen u vermenigvuldigd worden.

  • 1Mijn zoon! vergeet mijn wet niet, maar uw hart beware mijn geboden.

  • Spr 5:1-2
    2 verzen
    70%

    1Mijn zoon! merk op mijn wijsheid, neig uw oor tot mijn verstand;

    2Opdat gij alle bedachtzaamheid behoudt, en uw lippen wetenschap bewaren.

  • 23Het hart eens wijzen maakt zijn mond verstandig, en zal op zijn lippen de lering vermeerderen.

  • 5Maar gewisselijk, och, of God sprak, en Zijn lippen tegen u opende;

  • Spr 4:4-5
    2 verzen
    70%

    4Hij nu leerde mij, en zeide tot mij: Uw hart houde mijn woorden vast, onderhoud mijn geboden, en leef.

    5Verkrijg wijsheid, verkrijg verstand; vergeet niet, en wijk niet van de redenen mijns monds.

  • 5Ik zou de redenen weten, die Hij mij antwoorden zou; en verstaan, wat Hij mij zeggen zou.

  • 8Mijn zoon! hoor de tucht uws vaders, en verlaat de leer uwer moeder niet;

  • 10Neemt Mijn tucht aan, en niet zilver, en wetenschap, meer dan het uitgelezen uitgegraven goud.

  • 34Geef mij het verstand, en ik zal Uw wet houden; ja, ik zal ze onderhouden met gansen harte.

  • 19Hoor gij, mijn zoon! en word wijs, en richt uw hart op den weg.

  • 4En vind gunst en goed verstand, in de ogen Gods en der mensen.

  • 22Als gij wandelt, zal dat u geleiden; als gij nederligt, zal het over u de wacht houden; als gij wakker wordt, zal hetzelve met u spreken.

  • 11Ik heb Uw rede in mijn hart verborgen, opdat ik tegen U niet zondigen zou.

  • 7Nu dan, gij kinderen! hoort naar mij, en wijkt niet van de redenen mijns monds.