Job 34:16

Statenvertaling (States Bible)

Zo er dan verstand bij u is, hoor dit; neig de oren tot de stem mijner woorden.

Aanvullende bronnen

Gerefereerde verzen

  • Job 12:3 : 3 Ik heb ook een hart even als gijlieden, ik zwicht niet voor u; en bij wien zijn niet dergelijke dingen?
  • Job 13:2-6 : 2 Gelijk gijlieden het weet, weet ik het ook; ik zwicht niet voor u. 3 Maar ik zal tot den Almachtige spreken, en ben belust mij te verdedigen voor God. 4 Want gewisselijk, gij zijt leugenstoffeerders; gij allen zijt nietige medicijnmeesters. 5 Och, of gij gans stilzweegt! Dat zou ulieden voor wijsheid wezen. 6 Hoort toch mijn verdediging, en merkt op de twistingen mijner lippen.

Vergelijkbare verzen (AI)

Deze verzen worden gevonden met AI-aangedreven semantische overeenkomst op basis van betekenis en context. Resultaten kunnen soms onverwachte verbanden bevatten.

  • Job 34:1-3
    3 verzen
    80%

    1Verder antwoordde Elihu, en zeide:

    2Hoort, gij wijzen, mijn woorden, en gij verstandigen, neigt de oren naar mij.

    3Want het oor proeft de woorden, gelijk het gehemelte de spijze smaakt.

  • 34De lieden van verstand zullen met mij zeggen, en een wijs man zal naar mij horen;

  • Spr 2:1-3
    3 verzen
    79%

    1Mijn zoon! zo gij mijn redenen aanneemt, en mijn geboden bij u weglegt;

    2Om uw oren naar wijsheid te doen opmerken; zo gij uw hart tot verstandigheid neigt;

    3Ja, zo gij tot het verstand roept, uw stem verheft tot de verstandigheid;

  • 33Zo niet, hoor naar mij; zwijg, en ik zal u wijsheid leren.

  • 23Neemt ter ore en hoort mijn stem, merkt op en hoort mijn rede!

  • Job 34:14-15
    2 verzen
    77%

    14Indien Hij Zijn hart tegen hem zette, zijn geest en zijn adem zou Hij tot Zich vergaderen;

    15Alle vlees zou tegelijk den geest geven, en de mens zou tot stof wederkeren.

  • 6Hoort toch mijn verdediging, en merkt op de twistingen mijner lippen.

  • 24Nu dan, kinderen, hoort naar mij, en luistert naar de redenen mijns monds.

  • 1En gewisselijk, o Job! hoor toch mijn redenen, en neem al mijn woorden ter ore.

  • 17Neig uw oor, en hoor de woorden der wijzen, en stel uw hart tot mijn wetenschap;

  • 17Hoort naarstiglijk mijn rede, en mijn aanwijzing met uw oren.

  • 1Mijn zoon! merk op mijn wijsheid, neig uw oor tot mijn verstand;

  • 8Zeker, gij hebt gezegd voor mijn oren, en ik heb de stem der woorden gehoord;

  • 28Maar tot den mens heeft Hij gezegd: Zie, de vreze des HEEREN is de wijsheid, en van het kwade te wijken is het verstand.

  • 1Neig de oren, gij hemel, en ik zal spreken; en de aarde hore de redenen mijns monds.

  • 8Hebt gij den verborgen raad Gods gehoord, en hebt gij de wijsheid naar u getrokken?

  • 20Mijn zoon! merk op mijn woorden, neig uw oor tot mijn redenen.

  • 2Hoort met aandacht de beweging Zijner stem, en het geluid, dat uit Zijn mond uitgaat!

  • 17Ik zal u wijzen, hoor mij aan, en hetgeen ik gezien heb, dat zal ik vertellen;

  • 7Nu dan, gij kinderen! hoort naar mij, en wijkt niet van de redenen mijns monds.

  • 1Hoort, gij kinderen! de tucht des vaders, en merkt op, om verstand te weten.

  • 12Begeef uw hart tot de tucht, en uw oren tot de redenen der wetenschap.

  • 16Zo iemand oren heeft om te horen, die hore.

  • 23Keert u tot Mijn bestraffing; ziet, Ik zal Mijn Geest ulieden overvloediglijk uitstorten; Ik zal Mijn woorden u bekend maken.

  • 4Weet gij dit? Van altoos af, van dat God den mens op de wereld gezet heeft,

  • 4Hoor toch, en ik zal spreken; ik zal U vragen, en onderricht Gij mij.

  • 13Dat gij uw geest keert tegen God, en zulke redenen uit uw mond laat uitgaan.

  • 21Hoort nu dit, gij dwaas en harteloos volk! die ogen hebben, maar zien niet, die oren hebben, maar horen niet.

  • Spr 8:5-6
    2 verzen
    73%

    5Gij slechten! verstaat kloekzinnigheid, en gij zotten! verstaat met het hart.

    6Hoort, want ik zal vorstelijke dingen spreken, en de opening Mijner lippen zal enkel billijkheid zijn.

  • 27Zie dit, wij hebben het doorzocht, het is alzo; hoor het, en bemerk gij het voor u.

  • 31Het oor, dat de bestraffing des levens hoort, zal in het midden der wijzen vernachten.

  • 5Die wijs is, zal horen, en zal in lere toenemen; en die verstandig is, zal wijzen raad bekomen.

  • 6Want de HEERE geeft wijsheid; uit Zijn mond komt kennis en verstand.

  • 1Een onderwijzing van Asaf. O mijn volk! neem mijn leer ter oren; neigt ulieder oor tot de redenen mijns monds.

  • 31Merk op, o Job! Hoor naar mij; zwijg, en ik zal spreken.

  • Spr 8:32-33
    2 verzen
    72%

    32Nu dan, kinderen! hoort naar Mij; want welgelukzalig zijn zij, die Mijn wegen bewaren.

    33Hoort de tucht, en wordt wijs, en verwerpt die niet.

  • 8Aanmerkt, gij onvernuftigen onder het volk! en gij dwazen! wanneer zult gij verstandig worden?

  • 15Hoort en neemt ter ore, verheft u niet; want de HEERE heeft het gesproken.

  • 12In de stokouden is de wijsheid, en in de langheid der dagen het verstand.

  • 16Hoeveel beter is het wijsheid te bekomen, dan uitgegraven goud, en uitnemender, verstand te bekomen, dan zilver!

  • 1Ziet, dat alles heeft mijn oog gezien, mijn oor gehoord en verstaan.

  • 9Dan zult gij verstaan gerechtigheid, en recht, en billijkheden, en alle goed pad.

  • 2Om wijsheid en tucht te weten; om te verstaan redenen des verstands;