Job 32:20

Statenvertaling (States Bible)

Ik zal spreken, opdat ik voor mij lucht krijge; ik zal mijn lippen openen, en zal antwoorden.

Aanvullende bronnen

Gerefereerde verzen

  • Job 13:13 : 13 Houdt stil van mij, opdat ik spreke, en er ga over mij, wat het zij.
  • Job 13:19 : 19 Wie is hij, die met mij twist? Wanneer ik nu zweeg, zo zou ik den geest geven.
  • Job 20:2 : 2 Daarom doen mijn gedachten mij antwoorden, en over zulks is mijn verhaasten in mij.
  • Job 21:3 : 3 Verdraagt mij, en ik zal spreken; en nadat ik gesproken zal hebben, spot dan.
  • Spr 8:6-7 : 6 Hoort, want ik zal vorstelijke dingen spreken, en de opening Mijner lippen zal enkel billijkheid zijn. 7 Want Mijn gehemelte zal de waarheid bedachtelijk uitspreken, en de goddeloosheid is Mijn lippen een gruwel.

Vergelijkbare verzen (AI)

Deze verzen worden gevonden met AI-aangedreven semantische overeenkomst op basis van betekenis en context. Resultaten kunnen soms onverwachte verbanden bevatten.

  • Job 32:16-19
    4 verzen
    79%

    16Ik heb dan gewacht, maar zij spreken niet; want zij staan stil; zij antwoorden niet meer.

    17Ik zal mijn deel ook antwoorden, ik zal mijn gevoelen ook vertonen.

    18Want ik ben der woorden vol; de geest mijns buiks benauwt mij.

    19Ziet, mijn buik is als de wijn, die niet geopend is; gelijk nieuwe lederen zakken zou hij bersten.

  • Job 33:1-3
    3 verzen
    77%

    1En gewisselijk, o Job! hoor toch mijn redenen, en neem al mijn woorden ter ore.

    2Zie nu, ik heb mijn mond opengedaan; mijn tong spreekt onder mijn gehemelte.

    3Mijn redenen zullen de oprechtigheid mijns harten, en de wetenschap mijner lippen, wat zuiver is, uitspreken.

  • Job 20:2-3
    2 verzen
    74%

    2Daarom doen mijn gedachten mij antwoorden, en over zulks is mijn verhaasten in mij.

    3Ik heb aangehoord een bestraffing, die mij schande aandoet; maar de geest zal uit mijn verstand voor mij antwoorden.

  • 22Roep dan, en ik zal antwoorden; of ik zal spreken, en geef mij antwoord.

  • Job 23:4-5
    2 verzen
    73%

    4Ik zou het recht voor Zijn aangezicht ordentelijk voorstellen, en mijn mond zou ik met verdedigingen vervullen.

    5Ik zou de redenen weten, die Hij mij antwoorden zou; en verstaan, wat Hij mij zeggen zou.

  • 19Wie is hij, die met mij twist? Wanneer ik nu zweeg, zo zou ik den geest geven.

  • Job 33:31-32
    2 verzen
    73%

    31Merk op, o Job! Hoor naar mij; zwijg, en ik zal spreken.

    32Zo er redenen zijn, antwoord mij; spreek, want ik heb lust u te rechtvaardigen.

  • Job 21:3-4
    2 verzen
    73%

    3Verdraagt mij, en ik zal spreken; en nadat ik gesproken zal hebben, spot dan.

    4Is (mij aangaande) mijn klacht tot den mens? Doch of het zo ware, waarom zou mijn geest niet verdrietig zijn?

  • 11Zo zal ik ook mijn mond niet wederhouden, ik zal spreken in benauwdheid mijns geestes; ik zal klagen in bitterheid mijner ziel.

  • 20Zal het Hem verteld worden, als ik zo zou spreken? Denkt iemand dat, gewisselijk, hij zal verslonden worden.

  • 4Hoor toch, en ik zal spreken; ik zal U vragen, en onderricht Gij mij.

  • 14Nu heeft hij tegen mij geen woorden gericht, en met ulieder woorden zal ik hem niet beantwoorden.

  • Job 16:5-6
    2 verzen
    72%

    5Ik zou u versterken met mijn mond, en de beweging mijner lippen zou zich inhouden.

    6Zo ik spreek, mijn smart wordt niet ingehouden; en houd ik op, wat gaat er van mij weg?

  • 13Houdt stil van mij, opdat ik spreke, en er ga over mij, wat het zij.

  • 3Zal er een einde zijn aan de winderige woorden? Of wat stijft u, dat gij alzo antwoordt?

  • 2Ik zal mijn mond opendoen met spreuken; ik zal verborgenheden overvloediglijk uitstorten, van ouds her;

  • 10Daarom zeg ik: Hoor naar mij; ik zal mijn gevoelen ook vertonen.

  • 15Zo zal ik de overtreders Uw wegen leren; en de zondaars zullen zich tot U bekeren.

  • 5Zo gij kunt, antwoord mij; schik u voor mijn aangezicht, stel u.

  • 14Hoeveel te min zal ik Hem antwoorden, en mijn woorden uitkiezen tegen Hem?

  • 5Maar gewisselijk, och, of God sprak, en Zijn lippen tegen u opende;

  • Job 40:4-5
    2 verzen
    71%

    4Hebt gij een arm gelijk God? En kunt gij, gelijk Hij, met de stem donderen?

    5Versier u nu met voortreffelijkheid en hoogheid, en bekleed u met majesteit en heerlijkheid!

  • 6Hoort, want ik zal vorstelijke dingen spreken, en de opening Mijner lippen zal enkel billijkheid zijn.

  • 1Maar Job antwoordde en zeide:

  • 131Ik heb mijn mond wijd opengedaan, en gehijgd, want ik heb verlangd naar Uw geboden.

  • 1Neig de oren, gij hemel, en ik zal spreken; en de aarde hore de redenen mijns monds.

  • 16En mijn nieren zullen van vreugde opspringen, als uw lippen billijkheden spreken zullen.

  • 42Opdat ik mijn smader wat heb te antwoorden, want ik vertrouw op Uw woord.

  • 3Ik was verstomd door stilzwijgen, ik zweeg van het goede; maar mijn smart werd verzwaard.

  • 1Mijn ziel is verdrietig over mijn leven; ik zal mijn klacht op mij laten; ik zal spreken in bitterheid mijner ziel.

  • 1Maar Job antwoordde en zeide:

  • 1Maar Job antwoordde en zeide:

  • 14Die mijn lippen hebben geuit, en mijn mond heeft uitgesproken, als mij bange was.

  • 1Maar Job antwoordde en zeide:

  • 21Och, dat ik niemands aangezicht aanneme, en tot den mens geen bijnamen gebruike!

  • 2Verbeid mij een weinig, en ik zal u aanwijzen, dat er nog redenen voor God zijn.

  • 17Ik zal u wijzen, hoor mij aan, en hetgeen ik gezien heb, dat zal ik vertellen;

  • 20Zijn mijn dagen niet weinig? Houd op, zet van mij af, dat ik mij een weinig verkwikke;

  • 3Zowel slechten als aanzienlijken, te zamen rijk en arm!